Feature —

Greg Lynn in het Berlage Instituut

Piet Vollaard

Op het nieuwe adres aan de Marnixstraat, waar het Berlage Instituut sinds de recente verhuizing uit het voormalige Burgerweeshuis een ruimer onderkomen heeft gevonden, wordt de reeks lezingen van inspirerende architecten en theoretici onverminderd voortgezet. Dinsdag 19 november sprak de Amerikaan Greg Lynn over een aantal recente ontwerpen die met behulp van geavanceerde computerprogrammatuur, op basis van krachtvelden zijn gegenereerd. De lezing ging gepaard met dia,s en video,s van adembenemende computeranimaties en eindigde met een opmerking die CAD-discipelen ter harte mogen nemen.

Lynn (1964) behaalde in 1986 aan Miami University of Ohio cum laude twee Bachelor,s degrees, in Philosophy en Environmental Design, en twee jaar later aan Princeton University zijn Masters in Architecture. Sindsdien heeft hij zich snel een plaats weten te veroveren in het illustere gezelschap theoretiserende/praktiserende architecten met als thuisbasis het New Yorkse Columbia University, als nestor Peter Eisenman en als belangrijkste forum het internationale lezingen- en inleidingencircuit en de jaarlijkse ANY-conferenties. Na een korte flirt met het deconstructivisme houdt Lynn zich tegenwoordig, evenals Eisenman, bezig met het genereren van (architectonische) vorm op basis van principes uit de moderne fysica, biologie en mathematica. Van de van een ontroerend onbegrip getuigende mode die lukraak schema,s en grafieken uit de moderne beta-wetenschappen in vorm omzet, is bij Lynn geen sprake. Tijdens de lezing wist hij althans in navolgbare termen uiteen te zetten hoe hij de studie over het ontstaan van nieuwe (levens)vormen in de biologie en veldentheorie uit de fysica met behulp van sterke geometrieprogrammatuur toepast in zijn ontwerpmethode. Deze methode -field-modelling- gaat uit van lokale elementen die op basis van contextuele en programmatische input als krachten binnen een veld op elkaar reageren. Dit veld genereert een driedimensionale vorm die als parti, voor het ontwerp dient.

Tijdens de discussie achteraf kwamen twee interessante onderwerpen aan bod. Vanuit de zaal werd opgemerkt dat Lynn zich voornamelijk baseerde op krachten van buitenaf en minder of niet op krachten van binnenuit; de plaats waar de gebruikers van het gebouw zich bevinden. Lynn gaf dit toe, maar constateerde dat de besproken opgaven zich meer voor een extern krachtenveld leenden en sloot niet uit dat andersoortige opgaven meer van binnenuit zouden kunnen worden gegenereerd. Onuitgesproken bleef het probleem dat alle dynamiek en interactiviteit die tijdens het ontwerpproces een leidend beginsel is, uiteindelijk een gebouw oplevert dat in zijn beleving wellicht dynamisch is, maar dat op het moment van oplevering bevriest, en niet meer kan reageren op nieuwe, onverwachte krachten die ontstaan door en/of tijdens het gebruik . Als object is het gebouw even statisch als welk traditioneel gegenereerd ontwerp dan ook. Opvallend was bovendien dat Lynn nergens tijdens zijn uiteenzetting uitlatingen deed over het gebruik van de gegenereerde vormen. Wat dat betreft staat hij niet ver van Eisenman wiens meest gevleugelde uitspraak is: Function is not an issue in my design (which doesn,t mean that my buildings do not function),. Tot slot merkte Lynn nog op dat naar zijn mening de gebruikte computerprogrammatuur in belangrijke mate bepalend is voor de uiteindelijke vorm. Hij beweerde zelfs te kunnen onderscheiden dat zijn tandenborstel met behulp van AutoCad was ontworpen. Dat lijkt me een mededeling van iemand die het kan weten en die de CAD-discipelen, die een dergelijke direct verband tussen programma en output bij hoog en bij laag ontkennen, in hun zak kunnen steken. Meer theorie en (minder recente) projecten van Greg Lynn zijn te vinden op zijn uitgebreide site en bij Basilisk. Lynn zelf is zondag 8 december als discussiedeelnemer betrokken bij het symposium Frederic Kiesler: Re-Thinking 'The Endless', die in het Rotterdamse Witte de With worden georganiseerd in het kader van de tentoonstelling over het werk van Frederic Kiesler. Hierover binnenkort meer op de ArchiNed nieuwspagina,s.