Feature —

Oeuvreprijzen voor Louis le Roy en Wim van Hooff

Redactie

Sommigen krijgen direct erkenning voor het werk dat soms nog niet eens gerealiseerd is, denk aan de Groepsportretten 2000, anderen moeten wat langer wachten. Louis le Roy (1924) en Wim van Hooff (1918) ontvangen dit jaar van het Fonds Beeldende Kunst Vormgeving en Bouwkunst een oeuvreprijs.

Het Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst heeft oeuvreprijzen toegekend aan onder andere Louis le Roy (1924) en Wim van Hooff (1918). De prijzen worden om de twee jaar toegekend aan kunstenaars die al vele jaren werkzaam zijn en waarvan het werk niet alleen in termen van hedendaags avant-gardisme kan worden gemeten.

Le Roy is bekend van zijn wilde tuinen, tuinen waar de natuur zonder verdere inmenging van mensen, zijn gang kan gaan. De Commissie Oeuvreprijzen 'bewondert het gegeven dat Le Roy door het benadrukken van de relatie mens-natuur-landschap ontsnapte aan het pessimisme van de jaren zeventig'. Daarnaast stelt de commissie dat 'zijn werk, ondanks de chaotische aanblik, ook beeldende kwaliteiten heeft'. ArchiNeds Piet Vollaard reisde vorige zomer af naar Friesland en interviewde daar Louis le Roy.

Wim van Hooff werd bekend door zijn werk voor architecten van de Bossche School waaronder Dom Hans van der Laan. Van Hooff onderzocht hoe met kleurontwerpen de ruimte te begeleiden en ontwikkelde een eigen kleurtheorie. De Commissie roemt zijn grote kennis van kleur, materiaal en lichtinval, en over zijn vak dat niet als vak wordt gezien en zijn kunst niet als kunst.

De oeuvreprijzen worden in december uitgereikt.