Nieuws —

SCHUITJE VAREN, GEBOUWTJE KIJKEN

Martijn Oosterhuis

Met de vraag ‘hebben toekomstplannen toekomst ?’ werden we afgelopen zaterdag ingescheept. Haarlem pakte dit jaar tijdens de dag van de architectuur groots uit. Met een aantal tentoonstellingen in het ABC, een forumdiscussie, een feest en een echte cruise over het Spaarne was er geen reden om thuis te blijven. ArchiNeds correspondent Martijn Oosterhuis doet verslag.

De trossen gingen los en het door architecten, ambtenaren en cultuurgeïnteresseerden gedomineerd gezelschap was vier uur lang op elkaar aangewezen. De dag van de architectuur is er voor het brede publiek, maar met name de Haarlemse BNA-architecten maakten hun aanwezigheid duidelijk kenbaar met hun petjes. Vier uur lang werd de boottocht gevuld met netwerken, naar buiten kijken, bier, broodjes kroket en Ids Haagsma.

Ids Haagsma raadt ons tijdens de tocht aan om links te kijken, want dan zien we het lelijke gebouw aan de rechterkant niet. Hij zweept de meute op met lyrische en soms furieuze performances, legt de vinger op de zere plekken van de stad en prijst mooie plekjes de hemel in. In de gids Gebouwen langs het Spaarne, die hij samen met Hilde de Haan schreef, gebruikt hij zijn persoonlijke smaak als uitgangspunt. Desondanks levert dat een zeer gevarieerde verzameling van gebouwen op. Prachtig. Het Spaarne heeft een rijke historie. Het Spaarneplan is niet voor niets rode draad van deze dag.

Met het Spaarne heeft de gemeente Haarlemmermeer een grote troef in handen. Het water trekt. Iedereen wil aan het water wonen, langs het water kunnen fietsen of op het water varen. Haarlem erkent de kracht van het water voor de identiteit van de stad en heeft al in 1994 het Spaarneplan gemaakt. De visie die hierin omschreven wordt is tot stand gekomen door samenwerking tussen de gemeenten Haarlem en Heemstede. Vreemd genoeg is die visie meteen vertaald naar een vierdeling in het Spaarneplan. Vier deelgebieden geven de vier sferen weer die men onderweg langs of op het Spaarne tegenkomt. Vervolgens zijn die vier deelgebieden verknipt tot maar liefst 14 deelplannen terwijl in het verleden is gebleken dat een versnippering in deelplannen in Haarlem kan leiden tot grote missers op stedenbouwkundig en architectonisch gebied. Wanneer vanuit het Spaarneplan 14 deelplanteams aan de slag gaan, ieder met hun eigen ontwerpers en opdrachtgevers, worden de onderlinge kwaliteitseisen erg op de proef gesteld. Het gevaar dat een visie te snel verzandt in het pragmatisch oplossen van actuele problemen, ligt bij een dergelijke aanpak op de loer. Misschien doet de gemeente er goed aan het Spaarneplan als één plan uit te werken en uit te voeren. Het Spaarne is één rivier, niet 14 deelriviertjes.

Een boottocht van vier uur is lang. Het dwingt je tot een gedetailleerde blik naar alles wat rondom te zien is. De boot is een dermate traag vervoermiddel dat de neiging om de rivier op de delen in deelgebieden wel te begrijpen is. Het is echter te hopen dat architecten, ontwikkelaars en beleidsmakers ook de relativiteit van het Spaarne erkennen. Er hoeft niet altijd in programma's en functies gedacht worden om hoge ruimtelijke kwaliteit te maken. Het Spaarne heeft een hoge landschappelijke waarde en is daarmee krachtig genoeg om Haarlem en omgeving van identiteit te voorzien. Breng de rijke gebouwen en het landschappelijke Spaarne dichter bij elkaar door middel van zorgvuldig ontworpen openbare ruimte.

Of toekomstplannen toekomst hebben is met het afmeren van de boot nog steeds de vraag. Het belang van een beleidsvisie is evident; het levert veel reacties op. De boottocht heeft betrokken partijen bijeen gekregen en het Spaarne weer centraal in de discussie gezet. Projectontwikkelaars, beleidsmakers, eigenaren, cultuurbazen en architecten hebben elkaar van argumenten voorzien over hoe Haarlem er in 2015 uitziet.

Er is nog veel voor de boeg, maar als de betrokkenen vakkundig laveren tussen visie en belangen, heeft het toekomstplan voor het Spaarne toekomst.