Feature —

Doe-het-zelf ontwikkelingshulp in Suriname

Marina van den Bergen

Een Surinaams-Nederlands initiatief op het gebied van volkswoningbouw is deze zomer officieel van start gegaan. Zelfwerkzaamheid van bewoners vormt uitgangspunt van dit project. De contouren van de eerste prille resultaten zijn al waar te nemen.

Suriname kent op het gebied van volkshuisvesting geen traditie. De rol van de overheid is altijd zeer gering geweest. Het is in Suriname gebruikelijk dat de bevolking in haar eigen huisvesting voorziet. Mensen kopen een stukje grond of pachten het en men bouwt daar zelf een eigen huis op. Door de slechte economische omstandigheden kunnen steeds minder mensen voor hun eigen huisvesting te zorgen. Door het hoge rentepercentage van meer dan 30% is men niet in staat een woning of kavel te financieren of bouwmateriaal te bekostigen. Het aantal woningzoekende is groot, in Groot Paramaribo wonen ongeveer 300.000 mensen (65% van de Surinaamse bevolking) en geschat wordt dat daarvan 30.000 woningzoekend zijn. Onder de woningzoekenden zijn veel jongeren, mensen met een middeninkomen en mensen die van buiten Paramaribo komen. De enige woningbouwvereniging die Paramaribo kent, Stichting Volkshuisvesting, heeft nauwelijks meer bezit. In 1992 woonde nog 5% van de bevolking in een huis van de stichting. In de daarop volgende jaren is 4/5 van het totale bezit verkocht aan de bewoners, veelal tegen de oorspronkelijke kostprijs.

De vorige regering van onder leiding van Jules Wijdenbosch kondigde aan 2000 volkswoningen per jaar te bouwen. Deze woningen zouden deels gebouwd worden door lokale bouwbedrijven en deels door de Chinese bouwmaatschappij Sunny Point. Aan de randen van Paramaribo zijn op een aantal plekken enkele honderden sociale huurwoningen neergezet door Sunny Point (op basis van een Chinese lening en door contractarbeiders uit China). De voorzieningen op buurtniveau zijn echter zo slecht of afwezig, een goede openbaar vervoerverbinding naar de stad ontbreekt veelal, dat deze huizen niet erg in trek zijn bij woningzoekende uit Paramaribo. De woningen worden nu, al dan niet legaal, vooral bewoond door mensen die van buiten Paramaribo komen.

Suriname kent ook op het gebied van stadsherstel en stadsvernieuwing geen tradities. In het stadsbeeld is de slechte economische situatie duidelijk zichtbaar: huizen staan op instorten, bouwkavels zijn onbebouwd. Dit heeft enerzijds te maken met de enorme stijging van grond- en bouwkosten ten opzichte van de reële inkomsten. Anderzijds wordt de verkrotting en het braak liggen van de gronden veroorzaakt door het Surinaamse erfrecht. In Suriname hebben alle kinderen recht op een erfdeel van het perceel. Verkoop van het perceel of de woning kan alleen gebeuren met unanieme instemming. Wanneer dus niet alle kinderen geïnteresseerd zijn in de verkoop, of niet te traceren zijn door bijvoorbeeld emigratie, dan blijft de boedel onverdeeld. Daarnaast zijn er nog de stukken grond die emigranten gekocht hebben met het idee na hun pensionering terug te keren naar hun geboorteland.

In het najaar is in Nederland de stichting Brasa opgericht door de gemeente Amsterdam en de Amsterdamse woningbouwverenigingen Het Oosten en de Algemene Woningbouw Vereniging. Brasa gaat samenwerken met de deze zomer in Suriname opgerichte stichting Sekrepatu. De samenwerking tussen beide stichtingen heeft betrekking op het gebied van volkshuisvesting en stadsherstel. Zo zal onder meer een woningbouwverenging worden opgericht en hoopt men middels voorbeeldprojecten de stadsvernieuwing in Paramaribo te stimuleren. Het streven is dat Sekrepatu binnen vier jaar in staat is om het hele project zelfstandig te laten draaien.

Een van de eerste voorbeeldprojecten betreft een stadsherstelprogramma in de wijk Frimagron. Frimagron is een oude stadswijk grenzend aan de binnenstad met losstaande oude houten huizen van meer dan 50 jaar oud die veelal in slechte staat verkeren. De mensen die er wonen behoren tot de lage inkomensklasse. Midden in de wijk ligt het Bronsplein. Het plein fungeert als ontmoetingspunt onder meer vanwege de sportvoorziening op het plein. Het plein is erg verwaarloosd en is afgesloten door een muur. Getracht gaat worden om samen met de lokale bewoners de openbare ruimte te verbeteren onder meer door het sportveld en de speeltuinen op te knappen. Het idee is om de muur op het plein af te breken zodat het een meer open karakter krijgt. Ook de bebouwing om het plein zal worden aangepakt onder meer door de gaten in de pleinwand weer op te vullen. Een medewerker van Brasa is nu in Paramaribo om een inventarisatie te maken en onderzoek te doen naar de mogelijkheden en wensen. Dit moet resulteren in een Plan van Aanpak. Gelijktijdig wordt een projectbureau opzet waar buurtbewoners kunnen binnenlopen voor advies. Doormiddel van advisering en ondersteuning hopen beide stichtingen de leefomstandigheden in de wijk te verbeteren en zo het wonen nabij het stadscentrum aantrekkelijk te maken voor verscheidene doelgroepen.

Een tweede project dat is opgezet betreft een pilotproject van een zelfbouwprogramma. Hiertoe is grond van een voormalige kwekerij gekocht nabij Frimagron. Hier moeten straks 17 woningen verrijzen en een kindercrèche. Initiator van het zelfbouwprogramma is de architect Lucien Lafour. Lafour heeft de afgelopen drie jaar onderzoek gedaan naar de mogelijkheden om op relatief eenvoudige wijze achtererven te bebouwen met woningen passend in de Surinaamse traditie. Prefabwoningen die de bewoner zelf kan bouwen, kwalitatief hoogwaardig zijn, betaalbaar en onderhoudsarm. Lafour ontwikkelde drie- en vierkamer woningen van ongeveer 70m2. Een eerste proefwoning (geen zelfbouw) is elders in Paramaribo reeds gebouwd. De prefabpanelen zijn ontwikkeld door een lokale timmerfabriek. Het is de bedoeling dat straks de toekomstige bewoner de panelen op de bouwplaats onder begeleiding in elkaar zet. Op deze manier worden arbeidskosten uitgespaard wat de kosten van de woning aanzienlijk zal beperken. Het programma is zo opgezet dat op deze manier zowel koop- als huurwoningen kunnen worden gerealiseerd.

We houden u op de hoogte over het verloop van dit Surinaams-Nederlands initiatief.