Feature —

Winnaar “Het aanzien van Nederland”

Redactie

Zondag is de winnaar bekend gemaakt van de prijsvraag Het aanzien van Nederland. De ideeënprijsvraag staat open voor ontwerpers jonger dan 35 jaar. Het thema dit jaar was: ‘Ontwerp nieuw Nederland: de woonwijk van de toekomst’.

De prijs werd voor de tweede maal uitgereikt. Uit de 56 deelnemers koos de jury onder leiding van Jan Terlouw dit voorjaar vijf genomineerden. Zij kregen een bedrag van 10.000 gulden om hun idee verder uit te werken en om te zetten in een tastbaar object voor een tentoonstelling in het Nederlands Architectuurinstituut in Rotterdam. Van het prijsuitreikingsevent werd zondagavond avondvullende tv gemaakt.

Zo kon heel Nederland zien dat de hoofdprijs, een geldbedrag van 50.000 gulden, werd toegekend aan Peter Hoste, Anthony Kleinepier en Sandor Naus. De bedenkers van het bekroonde concept Cutup Livin', as flexible as your lifestyle gaan ervan uit dat veel Nederlanders op een nomadische manier gaan leven, omdat ze voor hun werk regelmatig moeten verhuizen. De woonwijk van de toekomst is in het bezit van een bedrijf of organisatie, die ervoor zorgt dat elke wijk zijn eigen identiteit heeft; landelijk, stedelijk, groen, sportief etc. De mensen die er wonen, zijn geen eigenaar van hun huis, maar leasen dit van de organisatie. Persoonlijk eigendom geeft alleen maar ongemak, leasen is pas echt comfort want je hebt altijd de beschikking over de nieuwste modellen. Sommigen verblijven voor een paar dagen in hun huis, anderen voor bijna hun hele leven, afhankelijk van wat het beste bij hun levensstijl en/ of beroep past. Je geeft de door jou gewenste stijl of sfeer van de omgeving aan en de organisatie biedt je dan een wijk aan. Vervolgens sluit je een contract voor kortere of langere tijd. En als je aankomt is alles al voor je geregeld.

De NPS Publieksprijs, een culturele reis naar Berlijn, was voor een groep van ontwerpers bestaande uit T. Broekmans, C. Combé, M. Cubrilo, C. Haakman, S. Jacobs, I. Van Lieshout, A. Mannsur, L. Maréchal, M. Peters, B. Ponteyn en D. Terpstra. Hun ontwerp met de titel Het gras bij de buren gaat er vanuit dat de woonwijk van de toekomst er voor het grootste gedeelte net zo uitziet als die van nu. Alleen de wijk functioneert anders. Goederen, ruimtes en ook diensten die in de wijk aanwezig zijn, hoeven niet permanent voor iedereen beschikbaar te zijn. Via internet kan heel goed een ruilhandel plaatsvinden van ruimtes; hobbykamers, badkamers, sauna's, tuinen, etc. Je kan heel goed de behoeftes van mensen vervullen met de ruimtes en woningen die er nu al staan. Als bij nieuwbouw, herinrichting en renovatie rekening met dit soort dingen wordt gehouden (een vreemde in je aangeboden badkamer oké, maar liever niet ergens anders in huis), kan met veel minder middelen door iedereen toch prettig worden gewoond. De beschikbare ruimte wordt beter benut en we hoeven niet eindeloos weilanden vol te blijven bouwen met meer woonwijken van hetzelfde.

Carel Weeber sprak tijdens de uitzending zijn ongenoegen uit over de prijsvraag. Woningbouw is een serieuze zaak, aldus Weeber, daarom moet men stoppen met dit soort modieuze onzinprijsvragen te organiseren. De nominaties in ogenschouw nemend kan men hem jammergenoeg niet anders gelijk geven.