Feature —

luxe, comfort en hygiëne

Piet Vollaard

Op zaterdag 24 maart opent Huis Sonneveld, de ‘witte villa’ van architect L.C. van der Vlugt, zijn deuren voor het publiek. De villa is grondig gerestaureerd en het interieur is ook teruggebracht naar de oorspronkelijke situatie. De villa naast het NAi gaat dienst doen als museumwoning.

De villa is eigendom van de Stichting Volkskracht Historische Monumenten, die in het NAi een beheerder heeft gevonden. De restauratie vond plaats door Molenaar & van Winden architecten die eerder al een andere villa van Van der Vlugt, woonhuis De Bruyn in Schiedam, hadden gerestaureerd.

In de catalogus over Huis Sonneveld, die medio maart zal verschijnen, wordt uitgebreid verslag gedaan van de geschiedenis en de restauratie.

Sonneveld was één van de directeuren van de Van Nelle fabriek die evenals Van der Leeuw een villa door Van der Vlugt lieten ontwerpen. Als inkoper tabak had Sonneveld kennis gemaakt met de luxe interieurs van de oceaanstomers en Amerikaanse hotels. Het comfort en de luxe die Sonneveld had leren kennen is één van de belangrijke karakteristieken van de villa. Joris Molenaar merkt dan ook op dat het bekende Nieuwe Bouwen adagium 'Licht, Lucht en Ruimte', misschien opging voor de volkswoningbouw, maar veel minder van toepassing was bij de villa's die Van der Vlugt en veel ander helden van het vooroorlogse modernisme bouwde. Hij stelt dat zeker voor deze villa's het trio 'Luxe, comfort en hygiëne' veel meer van toepassing is.

Tot de leukste onderdelen van de museumwoning behoren dan ook de badkamers. Prachtige stukjes tegel- en sanitairwerk, die nog geheel in oorspronkelijke staat verkeerden. Met als hoogtepunt de batterij douchekoppen in de wanden van de douche-nis van de badkamer van het echtpaar Sonneveld zelf. Maar ook het feit dat de twee dienstbodekamers samen een badkamer met dubbel wasbak en ligbad deelden, is wat dit betreft tekenend.

De aandacht voor het leidingwerk gaat verder dan dit, in de woning zijn diverse verborgen nissen opgenomen die het onderhoud aan het leidingwerk mogelijk maken. Deze vorm van modern 'leidingbeheer' was waarschijnlijk een direct gevolg van de ervaringen met de bouw van de Van Nellefabriek.

Het interieur van de woning is verder erg nauwkeurig teruggebracht tot de staat waarin deze verkeerde toen de familie Sonneveld er woonde. Naast Molenaar & Van Winden heeft Barbara Laan van het NAi wat betreft het interieur, de kleuren en de stoffen een kunststukje verricht. Tot en met de (voornamelijk Gispen) meubels ademt alles de oorspronkelijke sfeer. Erg mooi is bijvoorbeeld de bescheiden studeerkamer op de begane grond, mooie fragiele Gispenmeubles, in frisse Van der Leck-kleuren en een ingebouwde relaxbank met radiospeakers in de zijvleugels, alles in een serre-achtige setting met ruim zicht op de tuin.

Reden genoeg om er een keer een bezoek aan te wagen. Wie daardoor zin heeft gekregen in meer kan vanaf 11 april in Rotterdam in het kader van 2001-Thuis in Rotterdam gedurende 6 maanden ongeveer 20 woningen, die exemplarisch zijn voor de woningbouw van de 20ste eeuw, van binnen en van buiten bezichtigen.