Feature —

Future Materials for Architecture

René Heijne

Syntens, een ‘innovatienetwerk’ voor ondernemers dat het MKB onder meer adviseert bij vernieuwing in producten, organiseerde op 30 mei een symposium over nieuwe materialen in de architectuur. Els Zijlstra en Adriaan Beukers gaven lezingen en de middag werd afgesloten met een discussie onder leiding van Tom Bouws van Syntens.

Zijlstra, architect en oprichter van Materia is een onafhankelijk adviesbureau voor de selectie en ontwikkeling van architectonische producten en materialen, sprak over het materiaalgebruik door Mike Guyer en Annette Gigon uit Zwitserland. Deze architecten experimenteren met beton waarin stalen deeltjes zijn verwerkt. Het staal gaat oxideren door blootstelling aan de buitenlucht waardoor het beton roestbruin kleurt. Een ander betonexperiment wordt uitgevoerd door Herzog en de Meuron. Zij experimenteren met betonvertrager-etstechnieken op betonnen gevels door plaatselijk de betonverharders buiten werking te stellen.

Beukers, werkzaam aan de faculteit luchtvaart- en ruimtetechniek TU Delft, schreef het boek Lightness samen met Ed van Hinte. Zijn credo is 'met minder materiaal meer prestatie'. Omdat olie schaarser wordt en arbeid duurder zullen materialen grotere prestaties moeten verrichten, aldus Beukers. Hij stelt lichter bouwen als de opgave voor de toekomst. Materiaalvernieuwingen zullen voornamelijk voortkomen uit de lucht- en ruimtevaart waar veel ervaring wordt opgedaan op het gebied van lichte materialen (het kost ca. fl. 20.000,- om 1 kilogram materiaal de ruimte in te schieten). Oppompgebouwen hebben de toekomst: pneumatische constructies met een minimum aan materiaal, een maximum aan volume en een optimale prestatie. Zij zijn een goed alternatief voor de veel te zware moderne gebouwen. Beukers voorspelde ook een grote toekomst voor het meerlaagig textiel dat wordt verstekt door koolstofvezels met harsen toe te voegen. Op de TU Delft zijn enkele producten met dit materiaal ontwikkeld waaronder een licht reservewiel (10 kg ipv 40 kg) en een biervat.

Mick Eekhout (leerstoel Productontwikkeling TU Delft) was nogal kritisch over de nieuwe materialen. Hoe pas je ze toe in de huidige regelgeving en garantieverklaringen? Volgens Beukers moet er een cultuuromslag en een mentaliteitsverandering plaatsvinden in de regelgeving. Als goed voorbeeld noemde hij Rijkswaterstaat. Het onderhoud van infrastruktuur is zeer kostbaar, koolstofvezels worden nu toegepast in bruggen en viadukten waardoor ze onderhoudsarm worden. Behalve onderhoudsarm zouden gebouwen zo ontwikkeld moeten worden dat ze geschikt zijn voor hergebruik. Beukers denkt bijvoorbeeld aan het verzwaren van draagconstructies door ze te omwikkelen met folies en netten. Zoals bekend is een aantal architecten altijd op zoek naar materiaal dat hip en voordelig is. Textiel wordt door zowel Zijlstra als Beukers gezien als de grote trend. Grote voordelen zijn: de industriële prefabricage, het eenvoudige vervoer door opvouwbare constructies, de eenvoudige montage, de bestendigheid tegen vandalisme, de sterkte en de naadloze opbouw. Een interessant voorbeeld is de toepassing van textiel in de scheepsbouw van exclusieve zeiljachten. De romp van deze jachten wordt naadloos gemaakt door in grote mallen textiel en hars te gieten. Els Zijlstra had op het einde nog een tip voor de calculerende architect: ga naar de leverancier van halffabrikaten, producten kosten daar maar een fractie van wat ze bij een eindproductenleverancier kosten.