Recensie —

Architectuur als decor (2)

Pauline van Roosmalen

MVRDV Bureau voor architectuur en stedenbouw, laat weer van zich horen. Ditmaal niet met een gebouw, tentoonstelling of boek maar in de vorm van de theaterproductie Manyfacts. Life in the 3D City. Manyfacts is het resultaat van de samenwerking tussen het architectenbureau, het Scapino Ballet Rotterdam en Wieland & Gouwens Computer Graphics. Uitgangspunt vormde de fascinatie van Ed Wubbe, choreograaf en artistiek leider van Scapino Ballet, voor het werk van MVRDV. Pauline van Roosmalen bezocht de voorstelling.

Onwillekeurig gaat bij de aankondiging van een dergelijke productie de gedachte terug naar de eerder dit jaar in het Muziektheater in Amsterdam gepresenteerde dansproductie Metapolis waarin choreograaf Frédéric Flamand samenwerkte met architect Zaha Hadid. Met deze voorstelling in het achterhoofd rees de vraag of Wubbe, MVRDV en Wieland & Gouwens erin zouden slagen een coherente(re) en gebalanceerde(re) dansvoorstelling te maken.

Bewegingsterrein voor MVRDV en Wieland & Gouwens wordt gevormd door het achterdoek dat aan weerszijden is verlengd en voor de coulissen langs doorloopt tot aan de rand van het toneel; een reusachtig drieluik dat de toneelvloer omarmt. Op dit achterdoek wordt een niet aflatende en elkaar in wisselend tempo opvolgende stroom spectaculaire 3D-beelden geprojecteerd. Het zijn beelden van de KM3 stad, een theoretisch stad waarmee de mogelijkheden van het bedrijven van driedimensionale stedenbouw wordt onderzocht. De choreografie bestaat uit een aaneenschakeling van groepsformaties waarin de dansers vrijwel uitsluitend solitair bewegen, en duetten waarin partners nauwelijks enige (fysieke) relatie met elkaar hebben. Van interactie tussen beide disciplines is geen sprake: terwijl beelden en gegevens over voedsel, ontspanning, biogas, winkels, huizen en kantoren en dergelijke over het drieluik zweven, bewegen de dansers zich op het toneelvlak ervoor.

Ondanks – of mogelijk vanwege – Wubbe’s fascinatie voor het werk MVRDV wordt de voorstelling volledig beheerst door de filmbeelden. Het lijkt alsof zijn verbazing en ontzag voor de vormgeving Wubbe volledig hebben verlamd en tot weinig meer in staat stelde dan een onbeduidende choreografie zonder enige zeggingskracht. Het is opmerkelijk dat de synergie tussen vormgeving en dans op zijn sterkst is wanneer de dansers (noodgedwongen en herhaaldelijk) niets meer doen dan vanuit de zaal het toneel te betreden. Schrijdend als tempelpriesters en priesteressen bereiken ze via een trap die over de volle breedte van het toneel loopt hun eigen territorium, de dansvloer. Voor het overige lijken de dansers zich nauwelijks bewust van hun omgeving en gaan ze er geen enkele (driedimensionale) interactie mee aan. Van enige synergie tussen beide kunstvormen of van ‘een fysiek-emotionele reactie van de dans op de ruimtelijke sectoren van de film’, zoals Winy Maas die zich voorstelde, is in Manyfacts geen sprake. Of het zou het laatste moment van de voorstelling moeten zijn, als de dansers met de rug naar het publiek gekeerd op het toneel staan en uitgelicht als silhouetten naar het achterdoek kijken. En dan nog is het de vraag in hoeverre dit een fysiek-emotionele reactie genoemd kan worden. Voor de toeschouwer is namelijk nauwelijks waar te nemen waarnaar en of de dansers wel ergens naar kijken.

Evenmin als Flamand en Hadid zijn Wubbe, MVRDV en Wieland & Gouwens erin geslaagd de evenwichtsoefening tussen de diverse disciplines met goed gevolg af te leggen. Zowel Metapolis als Manyfacts laten zien dat het samenbrengen van grote namen uit verschillende disciplines geen enkele garantie biedt voor boeiend (dans)theater. Een vergelijking met Metapolis valt uitsluitend in het voordeel van Manyfacts uit waar het de vormgeving betreft. Wat betreft choreografie, muziek en kostumering weet ook Manyfacts, hoewel zeer verschillend van Metapolis, niet te boeien. Het zou interessant zijn te onderzoeken waarom een dergelijke interdisciplinaire aanpak niet tot een bevredigend resultaat leidt. Komt het door de manier waarop choreograaf, architect/stedenbouwer en vormgever samenwerken, door het feit dat de vormentaal van beide disciplines ondanks het driedimensionale raakvlak toch meer verschillen dan overeenkomen, door het ontbreken van enige regie over de diverse onderdelen of omdat er toch nog (te) traditioneel wordt gedacht en gewerkt? Wat ook de reden moge zijn, Manyfacts. Life in the 3D City is weinig bevredigend, noch als eindresultaat van een interdisciplinaire samenwerking noch als illustratie van de manier waarop mensen zich in de toekomst tot hun omgeving verhouden.