Feature —

Afwezige architectuur

Janneke van Bergen

Afgelopen donderdag vond op Berlage een discussie-avond plaats rond het thema hybride landschappen, in samenwerking met de Alliance Française en Archilab. Een nieuwe generatie Franse architecten zet de natuur op speelse wijze in om kunstmatige landschappen te creëren en daarmee de traditionele relatie tussen stad en land open te breken. De avond werd geopend door een korte presentatie van het werk van Dominique Lyon, Jakob + MacFarlane en Francois Roche. De discussie werd bijgewoond door Winy Maas, Adriaan Geuze en Aaron Betsky.

Dominique Lyon maakt onder andere projecten in La Ville Neuve, Parijs. Hij wil reageren op de bizarre samenkomst van de meest uiteenlopende gebouwen in de buitenwijken, om daartussen een verband te leggen. Veel van zijn bibliotheken proberen geen gebouw meer te zijn, maar een voorzetting van de leegte die de periferie kenmerkt. Brendan MacFarlane en Dominique Jakob maken in hun projecten gebruik van de natuur om architectuur te verhullen. Zo ontwierpen zij patiowoningen voor een buitenwijk, waarbij de woning verdwijnt onder een compositie van grasvlakken. Hierdoor ontstaat bovengronds een nieuwe openbare ruimte, een kunstmatig landschap. Ditzelfde thema is zichtbaar bij Francois Roche, die een woning nabij een kasteel in een sculptuur van groen vliegengaas hulde. De sculptuur gaat op in de omgeving, maar creëert tevens een leegte waarbinnen de woning kon worden opgenomen. Een ander project van zijn hand is het 'huis in de bomen' uit 1994.

Wat deze groep kenmerkt zijn de kleinschalige interventies, waarbij natuur wordt ingezet als referentie, materiaal of verhulling. Maar hoe verhoudt deze strategie zich tot de Franse praktijk, of de Nederlandse praktijk? Deze laatste vraag kwam aan bod in de discussie, waaraan ook Winy Maas, Adriaan Geuze en Aaron Betsky deelnamen. Er was veel onbegrip tussen beide 'partijen', enerzijds omdat de Franse architecten weigerden hun werk als strategie te presenteren, anderzijds omdat deze projecten zich moeilijk laten vertalen naar de grootschalige praktijk van Nederland. Het eindigde in pesterijtjes heen en weer, waarin de Fransen de Nederlanders beschuldigden van abstracte schema-architectuur die niets met de realiteit van doen zou hebben, en de Nederlanders vonden dat de Fransen zich teveel lieten intimideren door hun omgeving, en daarom een afwezige architectuur maakten.

Volgens MacFarlane maakt die afwezigheid de architectuur juist meer aanwezig, en biedt het tegelijkertijd een nieuwe architonische vrijheid. Het landschap wordt een body-transformer, en leidt daardoor tot nieuwe ervaringen, een manier om een andere wereld binnen te gaan. En dat is nu precies de functie die natuur zo kenmerkt. Met de transformatie van architectuur wordt geprobeerd deze ervaring te benaderen: architectuur als een nieuwe natuur, een kunstmatig landschap, maar vooral een plek om even ergens anders te zijn. Het biedt daarmee een nieuw perspectief op de eeuwige hamvraag; hoe natuur te behouden in de steeds verder uitdijende verstedelijking. Niet als letterlijk groen, maar als ervaring, en met een architectuur die geleidelijk aan in het landschap verdwijnt: de ontmanteling van de stad.