Feature —

Debat over Tilburgse driehoeken

Pepijn Lemmens

De gemeente Tilburg ontwikkelt op dit moment visies, plannen en ideeën voor een groot aantal deelgebieden van het centrum. Op uitnodiging van het Centrum voor Architectuur en Stedebouw Tilburg (CAST) verzamelde zich op 30 mei een select gezelschap van architecten in de Tilburgse studiozaal om een overkoepelende visie op de totale binnenstad te geven. Onze correspondent Pepijn Lemmens doet verslag.

Jo Coenen: 'Hoogbouw op deze plek? We moeten nu constateren dat zoiets idioterie was, doodzonde, onbegrijpelijk.'

Dat de Tilburgse binnenstad er over vijftien jaar wel eens heel anders uit zou kunnen zien, daar zijn de meeste betrokkenen het wel over eens. Sinds enkele jaren worden er ingrijpende veranderingen doorgevoerd in delen van het centrumgebied. Met de komst van popcentrum 013 heeft de stad de definitieve stap gezet naar een volwaardige cultuurwijk, het Veemarktkwartier. Voor de herontwikkeling van een plein vlak achter de centrale winkelpassage, het Pieter Vreedeplein, hebben de Spaanse architecten Esteban Bonell en Jozep Maria Gil al een plan gepresenteerd. En in de toekomst ligt de ontwikkeling van het gebied ten noorden van het station, waar zich nu nog een groot terrein van Rail Infra-beheer bevindt, maar waar aansluiting wordt gezocht met het centrum.

Tijdens het Tilburgse stadsdebat volgden thema's en dilemma's, aangedragen door Merce de Miguel Y Capdevila, projectmanager stedenbouw binnenstad van de gemeente Tilburg, elkaar in hoog tempo op. Vier architecten en stedenbouwkundigen die werken of werkten aan delen van de ruimtelijke verschijningsvorm van het centrum waren uitgenodigd hun visie op de binnenstad te geven: Jo Coenen, Mels Crouwel, Bert Dirrix en Rein Geurtsen. Als 'kritische Tilburgse professionals' namen de architecten Juliette Boogers en Steef Luijten deel.

Een van de thema's die de gemoederen deed oplopen was het groen in de stad. Aan de hand van een kaart toonde projectmanager stedenbouw binnenstad Miguel Y Capdevila de verdeling van groengebieden over de binnenstad. Enige hilariteit ontstond toen zij een minuscuul driehoekje groen aan de Stationsstraat intekende en meldde dat dit een 'vitaal groengebied' betrof. Uit het gelach in de zaal viel op te maken dat het aanwezige publiek daar anders over dacht en het 'vitale groengebied' vooral herkende als het omheinde grasveld waaraan eigenaar van de naastgelegen shoarmagelegenheid zijn auto's parkeert. Over het algemeen waren de aanwezigen echter van mening dat Tilburg behoorlijk groen is.

Tijdens het debat passeerden meer driehoeken de revue: een bulderend gelach oogstte Jo Coenen met zijn verspreking 'Er ontbreekt iets aan het bewegen van het publiek door de stad. Die driehoek van Bert (Dirrix) bijvoorbeeld…'. Coenen doelde op de Heuvel, het centrale plein van de stad.

Ook werden thema's als mobiliteit en bebouwingsstructuur aangesneden. Tilburg is ontstaan uit het aaneen groeien van zeven dorpen en kent daardoor nauwelijks een echt centrum. Dit heeft verregaande gevolgen voor de mobiliteit en ontsluiting van de binnenstad, maar ook mogelijkheden. 'Door het samenklonteren van die dorpen kent Tilburg juist een unieke binnenstad' aldus Rein Geurts, 'Het roept een reeks herkenbare associaties, maar ook ergernissen op.'

Alle aanwezige architecten waren het er over eens dat Tilburg moet zijn nieuwe centrum voortvarend moet aanpakken: Bert Dirrix 'We moeten vooral niet te preuts omgaan met de binnenstad. Binnensteden krijgen nieuwe functies en moeten zich ontplooien in de omgeving.' 'In hoeverre lopen wij onszelf voor de voeten met historische steden?' vroeg Jo Coenen zich af.

Het formuleren van een overkoepelende visie bleek wat te veel gevraagd voor een avond debat, al was er grote overeenstemming over de manier waarop de stad zich moet ontwikkelen: Tilburg moet überhaupt niet te veel willen componeren, maar moet wel de regie blijven voeren', aldus Rein Geurts. Bert Dirrix lanceerde de term 'At random regie' om de gewenste ontwikkelingsrichting aan te geven. En dat is iets anders dan willekeur, zoals een van de aanwezige bezoekers tegenwierp. 'At random is vooral kijken naar strategische momenten'