Feature —

Ground Zero up-date

Marina van den Bergen

Bij architectuur gaat het niet (alleen) om ‘mooie dingen maken’, zo blijkt wel weer uit de ontwikkelingen rondom de bebouwing van Ground Zero in New York. Ze zouden een inspiratie kunnen vormen voor de soap ‘Dallas goes Architecture’: architectuur in plaats van olie, Daniel Libeskind als JR en Rafael Viñoly als Blake Carrington.

Het begon allemaal met de plannen die de Lower Manhattan Development Corporation in de zomer van 2002 presenteerden voor de plek waar tot 11 september 2001 het WTC en de Twin Towers stonden. Saai en niet inspirerend was het algemene oordeel over de ontwerpen. Vierhonderd (!) ontwerpteams maakten nieuwe voorstellen en zes teams werden in december gekozen om hun ontwerpen verder uit te werken. Frank Gehry zat niet bij de laatste zes, hij had al eerder bedankt. De $ 40.000 vergoeding voor het verder ontwikkelen van het ontwerp vond hij een belediging. Aan de zes halve finalisten (United Architects met onder meer UN Studio, Foreign Office Architects en Greg Lynn's FORM, Norman Foster, Daniel Libeskind, het team van Meier/Eisenman/Holl/Gwatmey, SOM, Think team) werd nog het team van Peterson/Litteberg toegevoegd; zij hadden meegedaan in de allereerste (voor)ronde. Nadat SOM zich ook voortijdig had teruggetrokken werd deze week bekend welke twee teams dingen naar de opdracht: het team onder aanvoering van Daniel Libeskind en het Think-team onder leiding van Fredric Schwarz, Rafael Viñoly, Ken Smith en Shigeru Ban.

'To succeed, the winning architect – or group of architects, in the case of several entries – must first satisfy the families of the victims of 9/11 by incorporating an appropriate memorial', schreef architectuurjournalist Hugh Pearman. En dat is precies wat de twee geselecteerde ontwerpen met elkaar gemeen hebben; het grote accent dat gelegd wordt op architectuur als herdenkingsmonument. In een eerste reactie op de uitslag zei Ben van Berkel te denken dat het plan van United Architects niet was gekozen omdat ze juist dát verzuimd hadden.

In het plan van Libeskind betreft het herdenkingsmonument een verdiept plein dat ter plaatse van de Twin Towers ligt. Het plein wordt begrensd door muren die aangeven waar de openbare en de kelderverdiepingen van de Twin Towers waren. Binnen deze muren zijn de meeste slachtoffers gevonden. Libeskind in de New York Times van 5 februari: '[the walls] withstood the unimaginable trauma of the destruction and stands as eloquent as the Constitution itself, asserting the durability of democracy and the value of individual life.' Het plan van Libeskind voorziet eveneens in een herdenkingsmuseum en twee grote stadsparken die zo gesitueerd zijn 'to catch rays of sunlight each year on the morning of Sept. 11, from the time of the first attacks to the collapse of the north tower'.

Het Think team brachten drie verschillende ontwerpen in, waarvan er één is gekozen. Het betreft het ontwerp van op de Eifeltoren lijkende Twin Towers. Deze torens staan aan de rand van het gebied waar de Twin Towers stonden. De torens van Think – World Cultural Center zoals ze ze zelf noemen – zijn frames waar openbare culturele gebouwen in gehangen kunnen worden. De twee frames worden omringd door acht gebouwen bestemd voor commerciële functies.

De strijd om een finale plaats was hard. Omdat de publieke opinie zwaar meetelde werd op de Amerikaanse televisie uitgebreid aandacht besteed aan de plannen. Iedere architect kreeg zendtijd toebedeeld om live zijn plan toe te lichten. De publiciteitsmachine van Norman Foster was een voorbeeld voor ieder, enkele minuten nadat hij zijn plan op de televisie had toegelicht ontvingen nieuwsredacties over de hele wereld de tekst. Daarna viel het Foster-team wat stil. Zo niet Daniel Libeskind. Live op CNN ontpopte hij zich niet als een architect maar bood hij een emotionele reactie op een collectief ervaren tragedie, aldus architectuurcriticus Deyan Sudjic: 'For the cynics, and inevitably there are some, he was becoming an architectural Oprah Winfrey.' En Pearman schreef: 'He has become architect of remembrance to the world.'

Libeskind weet hoe hij de gevoelige snaar moet raken 'I went to look at the site to see and feel what it is like to be standing in it, to see people, to feel its power, and to listen to its voices, and this is what I heard, felt and saw,' schreef hij bij een van zijn schetsen. Ook heeft hij de gesproken met overlevenden en met familieleden van de omgekomen slachtoffers en natuurlijk veel verteld over zijn ontwerp (en niet alleen daarover: zie de Societyflits van morgen). Om het beeld compleet te maken, hoewel al decennia wonende in Berlijn noemde Libeskind zich op CNN een New Yorker. Een soort van 'Ich bin ein Berliner' maar dan omgekeerd.

ontwerp Think

Ook het Think-team liet zich niet onbetuigd. Pearman heeft het over 'the urbanistic and networking skills of Rafael Viñoly' en 'worked away assiduously.' Het Think team wist de invloedrijke New York Times architectuurcriticus Herbert Muschamp voor hun plan te winnen. In de NYT van 28 januari schreef hij een lyrische recensie over hun ontwerp: 'The framework itself is an eloquent statement of the values that should guide that pursuit [of ideas]. We are an open, modern, enlightened, humanistic democracy, these soaring structures announce. And we can do even better than retaliate against attacks by enemies. Each time we look up at the sky, we can remember that our values are more resilient than theirs.' In zijn artikel van 6 februari schreef hij dat de keuze tussen het ontwerp van Libeskind en het ontwerp van Think er een is tussen oorlog en vrede. 'Daniel Libeskind's project for the World Trade Center site is a startlingly aggressive tour de force, a war memorial to a looming conflict that has scarcely begun. The Think team's proposal, on the other hand, offers an image of peacetime aspirations so idealistic as to seem nearly unrealizable.'

Dat beide teams hun troef zetten op het herdenkingsmonument kan alleen maar een zeer tactische manoeuvre worden genoemd, ook al omdat van meet af aan duidelijk was dat het winnende plan slechts invloed kan uitoefen op de locatie van de te bouwen kantoren, de vorm, grootte en hoogte. De invulling van deze zogenaamde ruimtelijke enveloppen wordt overgelaten aan de ontwikkelaar, en wie dat is, is nog niet duidelijk. De voormalige huurders van kantoorruimten op de plek claimen het recht van bouwen op een wijze die zij juist achten en met een architect van hun keuze. De eigenaar van de locatie, de Port Authority of New York and New Jersey, heeft zo zijn eigen agenda, daarom probeert de gemeente het stuk grond in haar bezit te krijgen door een ruil voor te stellen: Ground Zero tegen twee belangrijke vliegvelden. Of en op welke wijze het winnende ontwerp zal worden gerealiseerd is dus in grote mate afhankelijk van de vraag wie de eigenaar van het stuk grond wordt.

Eind februari volgt een nieuwe episode, als het winnende ontwerp bekend zal worden gemaakt.