Recensie —

Boijmansfiliaal in naoorlogse wijk

Lotte Haagsma

In een leegstaande winkelgalerij in de naoorlogse wijk Westwijk in Vlaardingen is De Strip neergestreken. Kunst tijdens een herstructureringsoperatie.

De Strip in Vlaardingen is hét alternatief voor de vrolijke wandschildering op met houtenpanelen dichtgetimmerde leegstaande winkelpanden. In plaats van een uitgestorven winkelpassage is aan de Floris de Vijfdelaan nu een levendig centrum voor kunst en cultuur gevestigd, waar jong en oud iets van hun gading kunnen vinden.

Beeldend kunstenaar Jeanne van Heeswijk bedacht het concept, maar loopt er, terwijl het al bijna een jaar draait, nog steeds met dikke sleutelbossen rond om te regelen dat alles goed gaat. Het project is buurthuis, atelier, tentoonstellingsruimte, theater en videotheek in één. Het is kunst in de openbare ruimte nieuwe stijl met een heus filiaal van het wereldberoemde Boijmans Van Beuningen Museum.

De Strip is onderdeel van het kunstproject Until we meet again in Westwijk, de naoorlogse wijk van Vlaardingen, waaraan Van Heeswijk sinds acht jaar werkt. Ze werd gevraagd om ten behoeve van het herstructureringsproject ‘Westwijk 2005’ een masterplan voor kunst in de openbare ruimte te maken. Ze nam de opdracht aan met de mededeling niet te gaan zorgen voor een paar leuke objecten op sokkels of wanden die geplaatst kunnen worden als de herstructurering achter de rug is. Juist in de periode dat er gewerkt wordt wil Van Heeswijk met Until we meet again een bijdrage leveren aan het culturele leven in de wijk.

De herstructurering van Westwijk komt neer op verdichting, vooral door toevoeging van eengezinswoningen met tuintjes voor de wooncarrière, en door uitbreiding van het aantal parkeerplaatsen. In het deel van de wijk dat al bijna klaar is, is te zien wat dat inhoud: het bekende openbare groen van de naoorlogse wijk wordt flink ingeperkt ten gunste van parkeerplaatsen en woningen.

De bewoners van Westwijk worden tien jaar lang, de tijd die de herstructurering van de wijk kost, geconfronteerd met chaos. Oude sociale structuren worden afgebroken en nieuwe moeten nog ontstaan en ontwikkeld worden. Winkels worden verplaatst, scholen worden gebouwd, mensen moeten (tijdelijk) uit hun huis, woonblokken worden afgebroken, andere woningen komen ervoor terug. In deze rommelige tijd is het volgens Van Heeswijk nodig om te werken aan de kwaliteit van de wijk en om de bewoners daarbij te betrekken. Ze ziet de periode van renovatie als een mogelijkheid om de nieuwe wijk gestalte te geven en heeft met haar project de betrokken partijen, zoals de gemeente en de betrokken woningbouwcorporatie, hiervan ook overtuigd.

De Reus van Vlaardingen

Voor een periode van anderhalf jaar heeft Jeanne van Heeswijk de beschikking gekregen over een leegstaande winkelpassage. De Strip is een kunststraat geworden: daar waar vroeger de bakker, de supermarkt en de kapper waren hebben zich nu een dependance van het Boijmans, een kunstenaarsatelier en een galerie voor nieuwe media gevestigd.

De jonge Franse architect, François Xavier Guillon, werd gevraagd De Strip een herkenbaar eigen gezicht te geven. Heel eenvoudig heeft hij dit opgelost door de gevel over de gehele lengte rood te verven. Op de kale etalageruiten plakte hij rode vlakken folie waardoor je niet overal even gemakkelijk binnen kunt kijken en er een warm licht de ruimtes binnenvalt. De stoep kreeg diagonale rode zebrapadstrepen om het territorium van het gebied af te bakenen.

In het Boijmansfiliaal zijn tentoonstellingen te zien die in samenwerking met het museum tot stand komen. Ook zijn er twee ateliers in De Strip. Het ene atelier herbergt steeds voor drie maanden een kunstenaar die er gratis mag werken als hij twee middagen in de week een activiteit voor de wijk ontwikkelt. Op dit moment is dat Noëlle Cuppens die veel met textiel werkt. Met wijkbewoners maakt ze een ‘Mooie Mutsen Show’ waarbij de breipennen opeens weer driftig tikken in Westwijk. Het andere atelier biedt onderdak aan theatermaker Dave Schwab die er onder andere acteerlessen verzorgt. In de voormalige supermarkt is MAMA (Showroom for Media and Moving Art) gevestigd. Hier is het door de weeks altijd druk met jongeren die bijvoorbeeld eigen tv-reportages leren maken. Samen met kunstenaar Florentijn Hofman werd er bij MAMA aan een enorm konijn, de Reus van Vlaardingen, gebouwd. Het beest was bijna tien meter hoog, het ligt nu in brokstukken opgeslagen om binnenkort op een geschikte locatie te worden verbrand.

Kunst in de openbare ruimte is in Westwijk geen sculptuur in het plantsoen maar een plek waar de buurtbewoner kunst kan beleven door tentoonstellingen te bezoeken of mee te doen aan een workshop, door aanwezig te zijn bij theater, dans of muziekuitvoering van professionals of van hun eigen kinderen. Met een programma dat ruimte biedt aan verschillende nationaliteiten en leeftijden, dat aan de ene kant passief kan worden genoten maar waar men ook actief aan mee kan doen.

Van Heeswijk wil daarbij absolute kwaliteit bieden. Ze is niet bang voor een tentoonstelling in het Boijmans met als thema ‘taal’, waarin zeer abstracte en conceptuele kunstwerken van On Kawara, Ed Ruscha en Claes Oldenburg worden getoond. Natuurlijk was de tentoonstelling daarvoor, over eten met daarin gedekte tafels met hedendaags design naast traditioneel Marokkaans aardewerk, veel toegankelijker voor volwassenen en kinderen, maar Van Heeswijk wil niet de weg van de minste weerstand bewandelen. Kunst is volgens haar het domein van de verbeelding, niet van de handleiding, de les of de preek.