Feature —

Zelfbouw in Rotterdam

Lotte Haagsma

Waterrijk, een deel van de Vinexlocatie Nesselande ten oosten van Rotterdam, bestaat geheel uit vrije kavels, particulieren kunnen hier zelf een huis bouwen. Welstandvrij, in de hoop dat dit een grote variëteit aan architectuur zou opleveren. Rotterdam schreef in 2001 een prijsvraag uit voor Waterrijk, ter inspiratie voor de toekomstige eigen bouwers.

Nu, drie jaar later, zijn de eerste resultaten van dit welstandvrij bouwen te bewonderen. Welstandvrij bouwen heeft niet tot avontuurlijk bouwen geleid, op een enkele uitzondering na. Het overgrote deel van de huizen bestaat uit cataloguswoningen van het type boerderette en notariswoning. De experimentele ontwerpen van de prijsvraag die als inspiratiebron moesten dienen voor de kopers van een lapje bouwgrond in Waterrijk hebben weinig invloed gehad op het totaalbeeld van de wijk.

Tijdens het debat Rotterdammers bouwen een huis op 10 maart in De Unie presenteerde Marcel Musch (dS+V) zijn onderzoek naar de resultaten van het welstandvrij en onder particulier opdrachtgeverschap bouwen in Waterrijk. Zijn conclusies zijn weinig opzienbarend. Mensen bouwen ‘veilig’: niet te duur en vooral niet te gek want dat zou de verkoopbaarheid van het huis maar in gevaar brengen. Ze kiezen vaak voor catalogusbouw omdat ze dan weten wat ze kunnen verwachten en niet heel veel tijd hoeven te steken in het maken van keuzes over allerlei details.

Een kavel in Waterrijk kost al snel meer dan 200.000,- euro, het gaat daarbij wel om kavels met een behoorlijke omvang (410 m2). De meeste eigenbouwers komen inclusief de bouwkosten al snel boven de 500.000,- euro uit. Een vergelijkbare woning op een zelfde kaveloppervlak kost projectmatig ontwikkeld ongeveer 400.000,- euro.

Het Rijk en de Gemeente Rotterdam streven er naar om voor 2010 dertig procent van alle nieuwe woningen via particulier opdrachtgeverschap te laten realiseren. In Rotterdam zijn vorig jaar 3.000 woningen gebouwd, waarvan ongeveer 50 huizen door de bewoners zelf. Dat is minder dan 2% van het totaal. Het lijkt niet erg waarschijnlijk dat er de komende jaren veel zal veranderen. Het vraagt namelijk om meer dan het aanbieden van vrije kavels en een informatieloket (net geopend door de Gemeente Rotterdam). De grondprijs moet omlaag (of kan gesubsidieerd worden ter stimulans) en de aannemerij moet er beter op ingesteld raken. Mocht dit alles gebeuren, dan nog zullen maar weinig mensen zich in het eigenbouw avontuur storten. Er is eerder vraag naar meer keuzemogelijkheden bij nieuwe woningen, het zogenaamde ‘consumentgericht bouwen’, dan aan de overvloed van onzeker makende keuzes bij het bouwen van een eigen huis. Daarnaast is er ook de mogelijkheid van ‘gelijkgestemden’ die samen een woningbouwproject ontwikkelen waarbij zij gemeenschappelijke specifieke wensen kunnen realiseren. En waarbij zij ook de kosten relatief laag kunnen houden.

Behalve het voorbeeld van Waterrijk, particulier opdrachtgeverschap in de Vinex, kwam ook het binnenstedelijk bouwen aan bod. Jan Konings en Mechtild Stuhlmacher vertelden in De Unie over hun ervaringen. Jan Konings bouwde zijn huis op Katendrecht, een transformatielocatie langs de Maas op Zuid. Het is een van de locaties waaruit de havenbedrijvigheid zich heeft teruggetrokken en waar Rotterdam nu ruimte biedt aan woningbouw. Op Katendrecht werd een rij van 17 vrije kavels aangeboden voor geschakelde stadswoningen. De kavel van Konings heeft een omvang van 72 m2. In tegenstelling tot Waterrijk waar welstandvrij gebouwd kon worden, was er voor Katendrecht een uitgebreid programma aan regels opgesteld. Veel lag vast, de gevel moest bijvoorbeeld met baksteen worden bekleed en je mocht niet hetzelfde huis als je buurman bouwen.

Jan Konings vertelde dat hij uiteindelijk samen met twee buren dezelfde architect in de arm nam en dat bijna alle eigenbouwers op Katendrecht met dezelfde aannemer in zee gingen. De belangrijkste reden hiervoor was het omlaag brengen van de kosten. Overigens is het gelukt om van de bakstenengevel af te komen. Daar waar regels zijn kunnen ze worden overtreden of aangepast. Daar waar ze niet zijn (Waterrijk) worden ze door de bewoners zelf opgesteld of wordt er in een groot deel van de gevallen op safe gespeeld.

Voor de echte avonturiers onder ons is er nog de optie van het zelfbouwhuis in de oude stad. Volgens Mechtild Stuhlmacher zou het goed zijn als er niet alleen op nieuwbouwlocaties, maar ook in de oudere delen van de stad meer betaalbare kavels beschikbaar komen. Volgens haar kan dit een bijdrage leveren aan de kwaliteit van deze wijken. Kleine gaten in de oude wijken zijn heel geschikt voor eigenbouw en zorgen ervoor dat de schaal van de straat gerespecteerd wordt. Stuhlmacher heeft, na lang zoeken en onderhandelen met het OBR over de prijs, zo’n kavel in de wijk Nieuwe Westen gevonden en bouwt daar haar huis. Gevelhoogte en raamindeling liggen ook in dit geval vast, maar achter de gevel is voldoende vrijheid om toch een eigenzinnig huis te kunnen ontwerpen. Op dit moment worden dit soort kavels voor particulieren in de stad nauwelijks aangeboden. Het hangt allemaal af van het initiatief en doorzettingsvermogen van de enkele pionier die op zoek gaat naar een eigen plekje. En dan moet het gehele proces van ontwerpen en bouwen nog beginnen