Opinie —

Waar is de mens?

Allard Jolles

‘De mens is de maat van alle dingen’, kent U die uitdrukking? Ja of nee, U kunt hem meteen vergeten, want hij geldt niet meer. De computer heeft, volgens Allard Jolles, die rol al enkele jaren stevig in handen.

Nota Ruimte: DJ Tiësto zet de lijnen uit!

Meestal merk je daar niets van, maar soms word je er dusdanig hard mee geconfronteerd dat er geen ontsnapping mogelijk is. Vorige week had ik zo’n moment, toen ik de tentoonstelling ‘Content’ over het werk van OMAMO tot mij nam. Het kwam niet door de vele uitgestalde werkmaquettes, want die duiden toch op een traditionele ontwerpbenadering. Het kwam wél omdat her en der in de tentoonstelling standbeelden van menselijke figuren stonden opgesteld, allemaal zonder hoofd. Ik ben dan zo iemand die denkt dat dat expres is gedaan, en dat de reden daarvoor zou kunnen zijn dat de computer in het ontwerpwerk het heeft gewonnen van de menselijke inbreng.

Schaal

Wie de computer als maat van alle dingen neemt, verliest ook de schaal der dingen. Omdat machines tegenwoordig oneindig kunnen in- en uitzoomen, is het niet meer duidelijk of je naar een computerpresentatie van een grootschalig landschapsontwerp voor Noord-Brabant kijkt, of naar een opname van de vingerafdruk van de buurman. Micro en macro zijn uitwisselbaar, op het scherm is een zonnestelsel een molecuul. Aan een ontwerp is niet te zien of het een studie is naar de ultieme presse-papier of een expocenter van 120.000 m2. Het op het scherm ronddraaiende voorwerp lijkt eerder een eindproduct dan een ontwerp, het verwijst vooral naar zichzelf in plaats van dat het ergens model voor staat.

Behalve dat onbeperkte in- en uitzoomen is er nog iets aan de hand. De computer, ons digitale huisdier, heeft ook de klok opgeslokt. Was vroeger een ontwerp het eindresultaat van een serie calculaties en menselijke beslissingen, nu is het een freeze-frame in een serie zichzelf ontwikkelende, virtual 3D computer-renderings, vergelijkbaar met een still van een film. De Amerikaanse architect Greg Lynn noemt deze manier van data bewerken niet voor niets ‘animation‘.

Beat

Vroeger, en dan bedoel ik de periode van 1850 tot aan de Tweede Wereldoorlog, werd architectuur regelmatig ‘bevroren muziek’ genoemd. Men scheidde – terecht – bewegende en stilstaande kunsten (bijvoorbeeld ballet versus schilderij) en architectuur en stedenbouw zaten daar tussenin. Logisch, een gebouw valt immers niet in één oogopslag te consumeren zoals een schilderij, maar het is wel een stilstaand geheel. Aan de andere kant kost het, net als bij muziek, de toeschouwer tijd om het hele kunstwerk te ondergaan. Maar muziek moet altijd weer opnieuw, in real-time, geproduceerd worden. Vandaar die toevoeging ‘bevroren’, en vandaar die interessante tussenpositie.

Nu is dat allemaal anders. Een met de computer ontworpen gebouw is, om de filmstill in muziektermen te vertalen, niet meer dan één bevroren tel, één geïsoleerde beat. En dankzij virtuele 3D ook nog in één oogopslag ruimtelijk te bevatten. Dergelijke architectuur is dus in essentie niet alleen maatloos en schaalloos geworden, maar ook ‘tijdloos’. Dat laatste woord mag U overigens niet lezen als ‘van alle tijden’, want er is niets zo dateerbaar als de blob.

Dance

Bij computergestuurde stedenbouw is ook een aardige analogie met muziek te maken. Als één gebouw één beat is, dan zijn 120 gebouwen 120 beats. Een stedenbouwkundig plan voor bijvoorbeeld een woonwijk met 120 woningen per hectare is dus vergelijkbaar met een – overigens ook door computers samengestelde – danceplaat met 120 beats per minuut.

Zo beschouwd is de gemiddelde Vinexwijk niets anders dan een extended remix van de stad, een lang uitgesponnen herhalingsoefening, met aanzienlijk minder compositorische en programmatische elementen dan het origineel. Maar gelukkig is daar de beat: zoals die de dansplaat structureert en er het bewegingsbepalende onderdeel van is, zo is in de woonwijk het enkele gebouw, die ene bevroren tel, de communicatiedrager en het ritme van het stedenbouwkundig plan. Daarom staan al die glossy boeken over stedenbouw vol met foto’s van gebouwen. Daarom is het aantal woningen per hectare tegenwoordig zo zaligmakend. Daarom is het aantal geproduceerde woningen de succesfactor waarmee de dienstdoende wethouder zich graag de maat laat nemen. The beat is the message.

Ik heb er genoeg van. De XTC is uitgewerkt.

Ik wil de mens terug als maat van alle dingen.