Recensie —

Maaskantprijs 51N4E

Bert de Muynck

Voor de tiende maal werd in Rotterdam de ‘prestigieuze’ Maaskantprijs voor Jonge Architecten uitgereikt, ditmaal aan het Belgische bureau 51N4E. Tegelijkertijd verscheen – traditiegetrouw – een bescheiden publicatie over het leven, werk en ambitie van deze zelfverklaarde ‘space producers’.

51N4E, grofweg de coördinaten van Brussel, is een architectenbureau dat grossiert in ambities, verbouwingen, verwachtingen, transformaties van de realiteit en 'gebruikt het architecturale denken om maatschappelijke vraagstukken aan de orde te stellen'. Voor hun fijnzinnige mix van 'verrassende, vernieuwende en eigenzinnige ontwerpopvatting die tot uiting komt in een bescheiden oeuvre', aldus de jury, zijn ze beloond met de Maaskantprijs. Het is de eerste keer dat een Belgisch architectenbureau deze prijs in ontvangst mag nemen. Los van deze internationalisering, is de keuze een 'aanmoediging' in plaats van 'erkenning voor een oeuvre'. Dat de keuze niet makkelijk en-of evident was, mag blijken uit de analyse van de huidige architectuurscène in het Engelstalige juryrapport: 'On the closer examination of the most eye-catching young firms, it becomse clear, in the judgement of the jury, that no single firm distinguishes itself in its oeuvre to the extent of warranting the Rotterdam-Maaskant Prize.' Dus stelden ze een framework van criteria op (ontwerp en 'a broader use of architectural know-how and skills to address social issues, as well as playing an active role in the cultural debate and in education') waarbinnen 51N4E als laureaat uit de bus kwam.

In hun thuisland werden ze lauw onthaald. Architectuurcriticus Koen van Synghel meende de keuze te verklaren als resultante van 'de Nederlandse architectuurscène die al meer dan een decennium gevangen zit in een delirium van overtrokken conceptualisering, peptalk en mediagenieke beeldcultuurarchitectuur.' Als er nu net wat ontbreekt in Nederland, en de broad top layer uit het juryrapport verklaart, is het wel een dergelijke scène. Wat doet 51N4E eigenlijk?

1 Cultureel Centrum Lamot, Mechelen (2000-2004)
2 Dubbelcafedouble, Brussel (2002)
3 Antwerpse straatstenen (2003)
4 Newropa (2004)

De uitgave 51N4E – space producers (Nai Uitgevers en scherp vormgegeven door Irma Boom) verzamelt het oeuvre van het bureau en mengt het met analyses, beschrijvingen en verhalen cirkelend rond het werk. Bij een eerste doorbladeren van het boek vallen de afwezigheid van trendy datascapes en 3D-morphings op. Context, analyse, programma en ontwerp voeren de boventoon, maatschappelijke vraagstukken soms de onderbouw. Dit alles gelardeerd met bespiegelingen (door derden) die ofwel kort zijn, zijdelings over 51N4E gaan (én over jonge architecten in Japan), of over literatuur (Alice Evermore), of Brussel gaan, én een weinig verhelderend interview met het bureau (grotendeels op conto van de interviewer). Het werk zelf dan, uit hun laureatenspeech 'kiezen niet te kiezen': 'Eerder dan een etiket op onszelf te kleven, willen we ons bewust worden van de conditie waarin we werken. En die conditie is Europa.'

Nu valt heel veel te zeggen over Europa. Emblematisch voor het 'onderzoekende' werk én hun pril omgaan met maatschappelijke vraagstukken, is het 'surf gehalte'. In het geval Europa halen ze lijken uit de kast halen, of wachten tot ze er van zelf uitvallen, en springen op. Onder de vondst (?) NEWROPA, wil 51N4E het én-én scenario uittekenen dat de Europa's ambities kan vertegenwoordigen, lokaal en internationaal. Het én-én scenario klinkt natuurlijker lekkerder dan het of-of maar dieper lijkt men hier niet te graven. Wat jammer is. Wat ze in hun boek als voorstel aandragen, is een AMO rip-off op twee pagina's gecombineerd een 12-sterren ontwerp.

51N4E werkt momenteel aan een cocktail van lichtheid, schuchterheid en nuchterheid uit waarbij grote of kleine concepten – genre: The proper combination of modesty and over-confidence is required here: steering a middle course between impotence and omnipotence, tegenstellingen en analyses uit de kast worden gehaald. De staalkaart van voornamelijk Vlaamse projecten die ze voorleggen staat in vreemde verhouding tot hun (internationale) ambitie en doet vragen stellen of ze de intellectuele, analytische en ontwerpmatige mogelijkheden hebben, of toegereikt zullen krijgen, om aan hun, en door de jury ondersteunde, verwachtingen te voldoen. Hun projecten voor het Groeningemuseum Brugge, dubbelcafedouble en Re-Park Brussel en LAMOT te Mechelen combineren het opschalen van ambities met culturele en architecturale communicatie én architecturale invulling. Maar ondanks de energie die ze investeren om het Vlaamse architecturale landschap open te breken (wat ze in 1998-99 ook deden met hun Reality-Check lezingenreeks in deSingel), kleuren ze momenteel zelden buiten het kader dat de architectuur reeds voor hen heeft uitgezet. Het 51N4E-ontwerp voor stoeptegels in Antwerpen is daarentegen ontegensprekelijk geniaal en sensueel, zowel naar textuur, maatvoering als context zal het een meerwaarde geven aan de stad.

Afgaande op de publicatie zijn momenteel de contouren zichtbaar van een bureau dat ooit 'een smoel' (vl. 'aangezicht') wil hebben. Het boek kan gelezen worden als bescheiden statement van het jonge bureau dat gereed is om te incasseren en te beuken. Daarbij loert de aaibaarheid, de moker en de dodelijke knuffel om de hoek. Maar als de Maaskant-geschiedenis zich doorzet, zullen ze dat misschien wel pareren met ontwerpen hun ontwerphouding waardig. 'We streven naar een attitude waarbij specifieke vragen de aanleiding zijn om telkens een stap verder te zetten.' De Maaskantprijs voor 51N4E is afgaande op de publicatie bediscussieerbaar, maar als suggestie aanvaardbaar. Maar oordeelt U, en de toekomst, vooral zelf.