Feature —

Het nieuwe centrum van Almere

Marina van den Bergen

De contouren van het Nieuwe Centrum van Almere worden langzamerhand zichtbaar. Zal over twee jaar de bouwput in een levendig winkel- en uitgaanscentrum zijn veranderd?

Lef kon Almere niet ontzegd worden toen in december 1994 het centrumplan van OMA gekozen werd. Uitgangspunt voor de meervoudige opdracht waaraan naast OMA, ook Gert Urhahn, Atelier Quadrat en Teun Koolhaas meededen, was de Nota Centrum Almere 2005. Naast een uitgebreid winkel-, woon-, horeca- en parkeerprogramma was er ook de wens om het centrum met de auto goed bereikbaar te houden.

In het ontwerp van OMA worden alle functies geconcentreerd en gestapeld boven de infrastructuur. Een meesterzet is het idee van het 'gebogen maaiveld', hierdoor hoeft men de bestaande busbanen en nieuwe garages niet ondergronds te brengen, én het platte Almere krijgt een heuse skyline. Trappen overbruggen de afstand tussen het echte maaiveldniveau en het soms zes meter hoger gelegen gebogen maaiveld.

Het nieuwe winkel- en uitgaanscentrum moet de 'koopkrachtbinding' bevorderen van de naar verwachting 200.000 – 250.000 inwoners die Almere in de nabije toekomst zal gaan tellen. Alle projecten die nu gerealiseerd worden, zoals de Megabioscoop met ruim 2000 zitplaatsen, het hotel met 120 kamers, en het Popcentrum met een grote zaal (1000 bezoekers), een kleine zaal (600 bezoekers) en een café (400 bezoekers) zijn een beetje op de groei ontwikkeld – eigenlijk zoals het centrum in de jaren zeventig ontworpen was, met veel grote lege plekken die later ingevuld konden worden.

Architecten als Will Alsop, Kazuyo Sejima, Gigon & Guyer, Christian de Portzamparc, David Chipperfield en uiteraard Rem Koolhaas zijn aangetrokken om de nieuwbouw te ontwerpen en Almere zo een eigentijdse internationale uitstraling te geven. Landschapsarchitecten Devigne & Dalnoky ontwerpen het manifestatieterrein, een groot nagenoeg leeg plein aan het Weerwater.

Bijzonder is het ondergrondse vuilafvoersysteem waar het gehele nieuwe centrum op is aangesloten. Hoewel het systeem zelf niet nieuw is, wordt het in Almere voor het eerst op zo een grote schaal toegepast. Al het vuil dat detailhandelaren, horecaondernemers, bewoners en toevallige passanten in afvalbakken stoppen komt in een groot buizenstelsel terecht en wordt afgezogen naar een centraal verzamelpunt. Zo blijft het centrum vrij van de ontsierende dozen en vuilniszakken die winkeliers doorgaans na winkeltijd buiten plegen te zetten.

Terwijl de ontwikkelingen in het nieuwe centrum getuigen van veel visie, lijkt men verzuimd te hebben na te denken wat de gevolgen van deze ontwikkeling voor het oude centrum zullen zijn. Het winkelaanbod zal toenemen van 35.000m2 tot 85.000m2. De verwachting is dat veel winkeliers uit het 'oude' centrum naar het 'nieuwe' centrum zullen trekken. Voor de leegkomende verouderde winkelruimten lijkt de gemeente vooralsnog geen plannen te hebben, men denkt aan het stimuleren van broedplaatsachtige ontwikkelingen. Bij gebrek aan betere ideeën wordt tegenwoordig te pas en te onpas het broedplaatswonderpilletje te voorschijn gehaald; het kost weinig, werkt het niet dan is er niet veel geld verloren gegaan, werkt het wel dan is het mooi meegenomen. Het is te hopen dat de gemeente voor 2006, als het nieuwe centrum gereed komt, met een beter idee komt; een plan dat van net zo veel lef en visie getuigt als dat voor het nieuwe centrum.