Feature —

Prijsvraag voor het ontwerp van een water- en energie-efficiënte uitbreidbare wooneenheid voor lage inkomens in Aqaba, Jordanië.

Florentine Visser

Projectbeschrijving van de inzending ‘VIVA Al-Beit’ – Florentine Visser, Ron Vadeboncoeur en Gert-Jan Dirkx.

Het Jordaanse Ministerie van Water en Irrigatie schreef in samenwerking met de Aqaba Special Economic Zone Authority (ASEZA) vorig jaar een prijsvraag uit voor het ontwerpen van een water- en energie-efficiënte, uitbreidbare, wooneenheid voor lage inkomens in Aqaba in het zuiden van Jordanië.

De prijsvraag werd georganiseerd door Center for Study of the Build Environment in Amman, Jordanië en (financieel) ondersteund door USAID (United States Agency for International Development) en WEPIA (Water Efficiency and Public Information for Action)

Uit de 11 ingezonden projecten heeft de jury de tweede prijs toegekend aan de inzending 'VIVA Al-Beit' van Florentine Visser (Nederland), in samenwerking met Ron Vadeboncoeur (Canada, gevestigd in Jordanië) en Gert-Jan Dirkx (Nederland). De jury waardeerde het plan om de kennis van de sociale en culturele aspecten die de uitbreidingsmogelijkheden bepalen van woningen voor lage inkomensgroepen, maar vond dat het tekort schoot wat betreft vernieuwing van het bestaande beeld van 'low income housing'. Waardering was er voor de wijze waarop goedkope maatregelen ontwikkeld waren voor bescherming tegen de hitte.

AZESA onderzoekt nu hoe de drie winnende plannen aan de bewoners gepresenteerd kunnen worden en indien haalbaar, hoe van elk winnend ontwerp één modelwoning gebouwd kan worden.

Ook USAID heeft zich geïnteresseerd getoond in de bouw van een aantal voorbeeldwoningen.

In Nederland is Florentine Visser werkzaam bij de Architecten Werkgroep in Tilburg. De komende maanden gaat zij samen met de staf van Habitat in Jordanië bekijken welke ideeën van het prijsvraagontwerp uitgewerkt kunnen worden in de huizen die Habitat daar met de bewoners bouwt.

VIVA Al-Beit

Het ontwerp combineert esthetiek en functionaliteit met vernieuwende maatregelen die de energie-efficiëntie vergroten. De uitdaging van woningbouw voor de laagste inkomensgroepen ligt in het vinden van een balans tussen een zo laag mogelijk bouwbudget en de architectonische kwaliteit. Een belangrijk aspect van de woning is de noodzaak de locale gemeenschapscultuur te respecteren, met inachtneming van de individuele wensen van de bewoner.

Het architectonische concept is gevonden in de metafoor van het moderne huis onder een traditionele tent. Als een 'tweede huid' beschermt deze het huis tegen de zoninstraling. Dit is noodzakelijk in een klimaat waar de temperatuur regelmatig boven de 40° uitstijgt. Tevens is de tent een verwijzing naar de langzaam verdwijnende levenstijl van de locale bedoeïen en geeft zo individuele en gemeenschappelijke uitdrukking aan het culturele erfgoed. De ommuurde binnenplaats sluit aan bij deze traditionele levensstijl als een ontmoetingsplek buitenshuis en tussenruimte naar de straat, en daarmee rekening houdend met de gewenste privacy. De binnenplaats is als de weefdraad voor het weefsel van de gemeenschap.

Het uitgangspunt voor de constructie is de locale bouwmethodiek omdat deze het goedkoopste is. Met eenvoudige technieken zijn verbeteringen aangebracht voor een koeler binnenklimaat. Daardoor worden aanvullende koeltechnieken die energie kosten, vermeden. De bouw is een samenwerking tussen aannemer en bewoner. De locale aannemer draagt zorgt voor de ruwbouw en specialistische werkzaamheden als water- en elektriciteitinstallatie. Eenvoudige werkzaamheden als gevelmetselwerk, kunnen door de bewoner zelf worden uitgevoerd, hierdoor worden de bouwkosten laag gehouden.

De integratie van verschillende architectonische elementen maakt deze woning beter geschikt voor het droge hete klimaat dan de bestaande woningen. Een beeldbepalend aspect is de tent op het dak. Dit levert extra woonruimte op voor het ontvangen van gasten en door de schaduw op het dak warmt het huis langzamer op.

Verder is de 'tweede huid' vertaald in de toepassing van een spouwmuur. De warmte opslagcapaciteit van het huis wordt vergroot, de isolatiewaarde verhoogt door de luchtlaag en de verbinding tussen binnen- en buitenklimaat is onderbroken.

Het oppervlak van de tuin is geoptimaliseerd door de woningen op de kavelgrens te zetten en twee aan twee te bouwen. Zo wordt één gevel niet aan de zon blootgesteld waardoor de ruimte in het huis koeler blijft, en het levert materiaalbesparing op.

Om de waterefficiëntie van de woning te vergroten is een grijswater systeem opgenomen in het ontwerp. Het afvalwater van douche, wastafel en aanrecht wordt via zwaartekracht door een filter geleid waarna het opgevangen wordt in een opslagvat in de grond. Dit water kan hergebruikt worden om de (moes-)tuin te bevloeien.