Feature —

Museumentree Skets

Luc de Vries

Het museum van de Rijksuniversiteit Groningen is verbouwd. Opvallendste onderdeel is het nieuwe entreepaviljoen van de hand van Architectuurstudio Skets.

Het Universiteitsmuseum is gevestigd in de voormalige Universiteitsbibliotheek in de Groninger binnenstad. Het gebouw ligt wat weggestopt tussen de omringende bebouwing en is bereikbaar via een drietal smalle straatjes. Om het gerenoveerde en verbouwde museum beter kenbaar te maken aan het publiek is er voor gekozen om de entree te verplaatsen naar het smalste steegje, dat echter wel direct uitmondt in een winkelstraat. Het nieuwe entreepaviljoen dient als blikvanger voor het vernieuwde museum en is, evenals het museuminterieur, ontworpen door Architectuurstudio Skets uit Groningen.

Het gebouwtje is door de architecten opgevat als een meubelstuk op de binnenplaats tussen het Universiteitsmuseum en de nieuwe Universiteitsbibliotheek. Het is vormgegeven als een doorgaand gevouwen vloerveld dat in één beweging begane-grondvloer, voorgevel, verdiepingsvloer, achtergevel, dak en zijgevel vormt. Deze zijgevel loopt spectaculair dicht langs het oude museumgebouw. De resterende gevels zijn dichtgezet met glaspuien. Voor de entreepui ontrolt zich een 'catwalk' die door de steeg tot in het trottoir van de winkelstraat loopt en zo de voordeur letterlijk tot in de straat brengt. Het gebouw bevat een entreebalie, een kleine expositieruimte en op de verdieping een lezingenzaaltje.

Het gebouw is geheel gemaakt van kunststof. De buitenwanden en het dak zijn van groen polyester en de vloeren zijn bekleed met groene kunststof. Ook de balie is met groene kunststof afgewerkt. De kunststofmaterialisering is zo ver mogelijk doorgevoerd in traptreden, leuningen en de 'catwalk'. De puien zijn in aluminium uitgevoerd, maar wel in dezelfde groene kleur. Het dak van de boekenkelder van de Universiteitsbibliotheek waar het gebouw feitelijk op gefundeerd is, is afgedekt met een laag groene glasbrokken; een afvalproduct van de glasindustrie.

Iedereen met kennis van de bouw weet hoe moeilijk het is om zo'n gebouw te realiseren. Zaken als verwarming, verlichting, ventilatie, vloerbedekking, wandafwerking en constructie moeten bij een dergelijk pand opnieuw overdacht en geïntegreerd worden. Het pleit dan ook voor de kundigheid en het doorzettingsvermogen van de architecten dat dit gelukt is.

klik vergroting

Toch zijn een paar kritische kanttekeningen te maken. Het trapje achter de entree, dat nodig is om het hoogteverschil met het kelderdak te overbruggen, is opeens heel bouwkundig terwijl je juist hier, in de hoofdroute, het geplooide vloerveld zou hebben verwacht. Ook de trap naar de verdieping is als oplossing van een probleem vormgegeven en niet als een sculptuur zoals de rest van het gebouw. Tot slot is het jammer, maar dat is de architecten niet aan te rekenen, dat het niet gelukt is om de luchtbrug over het steegje te verwijderen. Dit bouwsel belemmert het zicht op het paviljoen vanaf de straat en om deze zichtbaarheid was het nu juist te doen.