Feature —

Alles even leuk?

Bert de Muynck

Op donderdag 10 november hield Paul Shepheard een lezing op de Academie van Bouwkunst te Amsterdam. Als onderdeel van zijn werkzaamheden als artist in residence organiseert hij een lezingreeks getiteld ‘How to like everything’. Zelf gaf hij de aftrap.

Ik herinner me dat ik ergens jaren negentig in een boekhandel in Amsterdam  geïntrigeerd het boek What is Architecture doorbladerde. Toen nog student – alhoewel dit natuurlijk geen excuus mag zijn – dacht ik dat er over architectuur eenduidig begrip bestond dat voor mij tot dan toe op de universiteit verzwegen werd. Ik kocht het boek, smokkelde het de grens over en begon te lezen. Om een lang verhaal kort te houden, ik heb ondertussen betere boeken gelezen,  die mij overigens ook niets bijbrachten over wat nu architectuur is, was, zal zijn of hoort te zijn.

Paul Shepheard, zoon van wijlen Sir Peter Shepheard, publiceerde na What is architecture? An essay on landscapes, buidings and machines nog twee boeken: The Cultivated Wilderness. Or, What is Landscape? (1997) en Artificial Love. A story of machines and architecture (2003). Shepheard, naast architect ook schrijver en kunstenaar, werd door de Academie van Bouwkunst Amsterdam gevraagd om tijdens de winter van 2005-2006 artist in residence te zijn vanwege van zijn frisse kijk op het lesgeven en het feit dat hij de resultaten van zijn onderwijsactiviteiten gebruikt als veldonderzoek voor zijn publicaties. Het lezingenprogramma dat hij samenstelde is gecentreerd rond de vraagstelling: How can people make sense of what they do? These series explores action in complex environments, and how we explain it to each other. Zijn openingslezing gebruikte Shepheard vooral om ‘dingen’ uit te leggen, iets waar hij met moeite in slaagde.

Zijn lezing bestond uit het oplaten van enkele ballonetjes over architectuur, cultuur en beschaving. Dit  leverde bij momenten prachtige verhalen op, maar leidde ook tot een weinig betekenisvolle en fragmentarische uiteenzetting. Zoals het introductieverhaal over zijn zwerftocht door de Australische wouden op zoek naar een waterval en de terugkomst bij het hotel met bebloede voeten. De reactie van zijn gastheren ‘What did you expect? Paradise?’ zette de toon voor de avond. In een uur laveerde hij tussen meningen over de tegenstellingen tussen architectuur en machines – die laatste zijn een andere versie van architectuur, eentje die meer gerelateerd is aan het begrip tijd, vertelde hij over wolken die gemaakt worden door vliegtuigen, de classificatie van eenden, had hij het over vogels die hun ei uitbroeden op de rand van een klif, belichtte hij Picasso, Texas en Indianen. Shepheard belichtte zijn opvatting over architectuur vanuit drie perspectieven: in relatie tot machines, als reflectie van de wensen van de mensheid en als persoonlijke ervaring. Het is de interactie van deze drie die onze relatie tot de wereld bepaalt.

In zijn van-de-hak-op-de-tak lezing werd na een tijdje Shepheards fascinatie duidelijk; de interesse in het hier en het nu, de staat waar everything is in the present, in the accumulation of everything that is happening. Zo had hij het over de voorstellen voor nieuwe bouwregels in Londen die de huidige skyline ingrijpend zullen veranderen, het argument van oppositie om tegen te zijn is: 'you can’t see the churches anymore'. Shepheards antwoord hierop was duidelijk 'you just have to look harder'. Vervolgens keek hij nauwkeurig naar de buiten- en binnenkant van het Vrijheidsbeeld, de illusie van de Akropolis en de wijze waarop mensen samenklitten op stranden. In deze condities zijn geen essenties te ontwaren, enkel samengestelde vormen die, zoals bij het Parthenon, gebaseerd zijn op de combinatie van kunst en wetenschap. Aan ons om een keuze te maken tussen ervaring of onwetendheid om hier mee om te gaan. Aan het einde van zijn lezing legde hij duidelijk uit hoe de Amerikaanse trailer-people eigenlijk de uitkomst zijn van een gestrand utopisch project van een Amerikaanse mobiele samenleving in analogie met de Indianen (of correcter native americans).

Paul Shepheard had het tijdens zijn lezing zijdelings over architectuur, of beter, hij had het voortdurend over architectuur, maar dan wel heel indirect. Dat was tegelijk zijn sterkte en zwakte. Hij leek wel een detective die na een intens feest de sfeer wilde reconstrueren aan de hand van de aangetroffen verschrompelde ballonen. Hierin slaagde hij niet echt. Hopelijk kunnen de door hem uitgenodigde sprekers ons de komende weken wel vertellen wat er is gebeurd.