Feature —

Rotterdam: thuisbasis voor de jet-set?

Harry den Hartog

‘Wonen in een echte ‘Zaha Hadid’ op een buitenplaats in de polder en per privé-jet werken elders in Europa!’ Een droom die realiteit zou kunnen worden in de Rotterdamse polder Zestienhoven op de buitenplaats van de 21ste eeuw.

Het college van de stad Rotterdam heeft zich als doel gesteld om meer interessante woonmilieus te bouwen voor de hogere inkomens. Hiertoe is het concept ‘buitenplaats’ ingezet voor Polder Zestienhoven, één van de laatste locaties waar de stad binnen haar gemeentegrenzen nog enigszins kan uitbreiden. Binnen het in drie deelgebieden opgeknipte Masterplan Zestienhoven is het zuidwestelijke deel van het plangebied, laag Zestienhoven, aangewezen als luxe villawijk voor zo’n zeshonderd woningen. Essentieel onderdeel van Laag Zestienhoven is een ongeveer achttien hectare groot park met daarin vijfentachtig woningen en een horecavoorziening waaraan het thema buitenplaats is meegegeven.

Dura Vermeer ontwikkelde voor dit gebied op eigen initiatief een plan dat bestaat uit vier vrij in het park gelegen en privaat beheerde ‘mansionstrips’. De geschakelde villa’s waaruit deze strips zijn samengesteld bestaan elk uit een bescheiden 275 m² grote hoofdwoning met terrassen aan de parkzijde en een aan gene zijde van de strip gelegen ‘stal’ waarin eventueel ook een ‘bijwoning’ gerealiseerd kan worden. ‘Sluitsteentjes’ van dit binnen het stedelijk gebied gelegen landgoed zijn vier blob’s met appartementen ontworpen door niemand minder dan Zaha Hadid. In het park komt een door NOX ontworpen gemeenschappelijk clubhuis, exclusief bedoeld voor de toekomstige gefortuneerde parkbewoners. Vooralsnog ziet het er niet naar uit dat de gemeente het plan zal overnemen.

Naar aanleiding van de planontwikkelingen vond woensdagavond 9 november in Zaal de Unie het door AIR (Architectuur Instituut Rotterdam) georganiseerde debat ‘Buitenplaatsen: kansrijke woonmilieus voor Rotterdam?’ plaats. Centrale vraag deze avond was: hoe ziet een hedendaagse buitenplaats er nu eigenlijk uit en welke betekenis kan deze ontwikkeling geven aan Polder Zestienhoven?

boven: Buitenplaats ‘De Tempel’ te Overschie
onder: Villa Medici te Rome

Eric van der Kooij leidde de avond in met een goed onderbouwd betoog waarin hij de kerngedachte achter de klassieke buitenplaats uiteenzette. In advertenties van makelaars wordt de term ‘buitenplaats’ te pas en te onpas ingezet als marketinginstrument waarbij wordt gerefereerd aan luxe, privacy en bovenal het genot van het buitenleven met stedelijke voorzieningen binnen handbereik. Maar wat is nu eigenlijk een buitenplaats? Van der Kooij liet zien hoe het concept buitenplaats in de loop der jaren evolueerde van de klassieke villa Medici te Rome tot een contemporaine villa aan Mulholland drive te Los Angeles. Ook het collectieve dakterras van Le Corbusiers Unité d’habitation Marseille fungeert volgens Van der Kooij als buitenplaats, en communiceert als plek met het omliggende landschap. Het gaat er dus niet zozeer om dat de vormgeving van een buitenplaats aan bepaalde esthetische regels voldoet maar vooral om de betekenis die aan de plek wordt gegeven en de interactie met de omgeving: ‘hoe wordt er ontsnapt aan de stad?’.

Nederland heeft misschien wel de grootste dichtheid aan historische buitenplaatsen op aarde maar het ontbreekt hier echter vooralsnog aan een cultuur van nieuwe landgoederen door de afwezigheid van een klasse met heel veel geld. Ook de ruimtelijke mogelijkheden zijn tamelijk beperkt. Misschien is het volkstuintje of het tweede huis in Frankrijk voor veel Nederlanders wel de ultieme invulling van het concept buitenplaats.

Het Clubhouse door NOX

Uit de twee hierop volgende plantoelichtingen, waarin respectievelijk Wytze Patijn het ontwerp voor landgoed Scholtenszathe in Klazienaveen-Noord toelichtte en Rob Vester (adjunct-directeur bij Dura Vermeer) als ontwikkelaar onverbloemd zijn visie gaf op de kansen die Park Zestienhoven te bieden heeft, blijkt dat nieuwe buitenplaatsen vooral gezien kunnen worden als een verzameling luxe villa’s in een groene setting. De communicatie met andere objecten in de omgeving door zichtrelaties en de hiërarchische compositie van groenelementen zijn ondergeschikt gemaakt aan het collectieve woongenot. In tegenstelling tot de klassieke private buitenplaatsen zal Park Zestienhoven een publiek toegankelijk park worden, vooral bedoeld voor de bewoners van Overschie en de nieuw te bouwen woonwijk in het oostelijk deel van de polder.Hoe de eigendomsverhoudingen en het beheer in het nieuwe park geregeld zullen worden en welke toe te voegen functies het park inhoudelijk interessant zullen maken bleef deze avond nog onbeantwoord. Ook de vraag hoe het concept buitenplaats betekenis kan geven aan deze plek in Rotterdam bleef onbeantwoord. Gelukkig is er in het gebied ook plaats gereserveerd voor ruim driehonderd volkstuintjes, als buitenplaats voor de down to earth Rotterdammer.

Buitenplaatsen worden vandaag de dag vaak gebruikt als ruimtelijk instrument om problemen in de ruimtelijke ordening op te lossen maar zouden juist ook moeten worden benut om te experimenteren met nieuwe woonvormen. Dat laatste is hier ten dele gelukt. De grote vraag blijft of de jetset niet liever in een meer gematigd klimaat wil wonen.