Nieuws —

Het nieuwe werken volgens AVL

Lotte Haagsma

Managen is een zaak van regelmatig achteroverleunen. Dit kan uitstekend in de luie directeurstoel van Atelier van Lieshout, onlangs opgenomen in de collectie van Lensvelt. Aanleiding voor Vivid om de tentoonstelling Happy Office – Atelier van Lieshout samen te stellen.

De samenwerking tussen Lensvelt en Van Lieshout begon met een houten stoel, model Shaker, oorspronkelijk gemaakt voor eigen gebruik in de kantine van Atelier van Lieshout. Lensvelt nam de stoel in productie en al snel volgde een grote houten Shaker tafel. Toen kwam daar de Office Chair bij, een eerlijke rechttoe rechtaan bureaustoel, zoals een Van Lieshout meubel betaamt, met leren zitting en leuning op een draaibare metalen poot. De stoel is in verschillende kleuren en materialen verkrijgbaar – een heus catalogusmeubel. Niets nieuws voor Van Lieshout die in 1989 al een meubellijn ontwikkelde en deze in eigen beheer produceert. Desondanks toch een klein beetje vreemd voor een kunstenaar/ontwerper die er om bekend staat alles zelf te doen en een zelfvoorzienende wereld voor te staan. Dat doet hij nog steeds, getuige zijn nieuwe centrale project Call Center. Maar goed, er moet ook verdiend worden, en als je eenmaal bewezen hebt het allemaal zelf te kunnen, kun je net zo goed eens iets aan een ander overlaten.

Nu kan men bij Lensvelt twee luie fauteuils en een voetenbankje van Van Lieshout bestellen, de AVL Lounche Chair serie. Daarnaast is er ook een Skull verkrijgbaar; een klein kamertje in een vorm die iets weg heeft van een schedel, waarin een persoon zich terug kan trekken om zich te concentreren. Zowel de Skull als de meubels worden in China geproduceerd en daarmee is de prijs enorm gedaald, een bureaustoel kost nu rond de 500 euro, terwijl deze rechtstreeks uit de werkplaats van Atelier van Lieshout toch ruim het dubbele deed. Dus nu ook AVL made in China.

De nieuwe stoelen waren aanleiding voor Vivid om een tentoonstelling te maken met de AVL meubels van Lensvelt. Toen de galerie hierover contact opnam met Joep van Lieshout, wilde deze graag van de gelegenheid gebruikmaken om ook ander werk te laten zien. Tenslotte ontwerp Van Lieshout niet ‘zomaar’ meubels, zijn tafels en stoelen zijn onderdeel van een samenhangende AVL-wereld, een wereld waarin zijn ideeën over kunst, (samen)leven, onafhankelijk zijn en ‘zelf doen’ samenkomen. Nu hangen er bij Vivid dus ook enkele beelden aan de muur, naast tekeningen van zijn laatste project: het Call Center.

de mobiele soepkeuken van AVL tijdens de opening

In 2001 richtte Atelier van Lieshout het vrijstaatje AVL-Ville op in de haven van Rotterdam. Een gesamtkunstwerk, zelfvoorzienend en met een eigen grondwet, met plek voor al het werk dat Atelier van Lieshout tot dan toe had gemaakt en in de toekomst zou produceren: mobile homes met verschillende functies, meubels, een keuken, een wapenwerkplaats en een boerderij. ‘Geen kunst om alleen naar te kijken, maar om in, mee en van te leven’ zoals valt te lezen op de website van AVL-Ville.

Het project ging uiteindelijk aan zijn succes ten onder, er kwamen veel mensen op af en trok daarmee teveel aandacht, ook in de landelijke pers. De Gemeente Rotterdam, die in eerste instantie toestemming had gegeven voor het project, kon een vrijstaat op haar grondgebied op den duur niet tolereren en AVL-Ville werd na negen maanden gesloten. Ondertussen had Atelier van Lieshout al wel kunnen experimenteren met een autonoom werkende wereld. Er was bijvoorbeeld een installatie bedacht die van poep gas maakt, waarop dan in de keuken kon worden gekookt. Het bereide voedsel – met producten van de eigen mobiele biologische boerderij – verdween in de magen van de bewoners om er weer als energie en afval (poep) uit te komen. Een ware kringloop, symbool voor een maatschappij in het klein. Nadat AVL-Ville opgeheven werd, ontwikkelde Van Lieshout dit idee verder en bedacht het Call Center.

Het Call Center is in een aantal opzichten het tegenover gestelde van AVL-Ville. Hier is geen sprake van een vrijstaat, de bewoners leven juist onder een streng regime. ‘Het Call Center is een onderzoek naar nieuwe manieren om mensen te exploiteren’, zoals Van Lieshout het zelf omschreef tijdens het symposium Cultural Activisme Today op 19 januari 2006 in het Stedelijk Museum CS. Zeven uur per dag wordt er gewerkt in het callcenter, om vervolgens nog eens zeven uur op het land of in het huishouden de handen uit de mouwen te steken. Maar er zijn ook veel overeenkomsten, ook hier is sprake van een opzichzelfstaande en zelfvoorzienende wereld. Er is een boerderij, een centrale keuken, een ziekenhuis, een fitnesscentrum om in conditie te blijven en een bordeel voor de broodnodige ontspanning. Het Call Center zal overigens de duurste kunstcollectie ter wereld huisvesten, vertelde Van Lieshout tussen neus en lippen door. Het geld dat verdiend wordt met de telemarketing, helpdesk en klantenservice diensten van het callcenter – veel geld volgens de berekeningen – wordt namelijk voor een groot deel geïnvesteerd in beeldende kunst.

ontwerp voor het bordeel

Op de tentoonstelling in Vivid hangen enkele tekeningen voor onderdelen van dit super efficiënte werkkamp. Er is een ontwerp voor het callcenter zelf, een – half in een berg opgenomen – gebouw met vele rijen werkplekken en bovenin een ruim opgezette lounch, waarschijnlijk de plek waar ‘het kader’ zich terug kan trekken. Want in deze maatschappij in het klein is geen sprake van de utopische gelijkheidsidealen die kunstenaars in de eerste helft van de vorige eeuw nog al eens voor ogen stond. De Lounch Chair van Lensvelt die nu bij Vivid staat, is ontworpen voor de bazen van het callcenter die daar, sigaar en whisky binnen handbereik, kunnen bijkomen van het ‘managen’ – of van een bezoek aan het bordeel. Dat bordeel wordt, heel toepasselijk, gehuisvest in een blob met baarmoederkwaliteit. Ook dat ontwerp hangt bij Vivid. Welkom in de wereld van AVL.