Nieuws —

Langzame Stad. Learning from Jakarta

Pauline van Roosmalen

Tijdens een door het Ruimtelijk Planbureau georganiseerde studiemiddag op 16 mei, presenteerde Stichting Langzame Stad (SLS) de resultaten van een ontwerpend onderzoek naar de gevolgen voor een stad wanneer de snelheid op Nederlandse binnenstedelijke snelwegen verlaagd zou worden.

‘Langzame Stad’ is een initiatief van Bert van Breugel (Inbo), René Heijne (Ruimtelab), Rowin Petersma (Citythoughts Architects) en Wouter Veldhuis (Must stedebouw). Gefascineerd door infrastructurele, stedelijke en sociale gevolgen van vijftig jaar explosief autogebruik en intensieve woningbouw, en de potenties van locaties waar stad en snelweg elkaar raken, organiseerden zij in 2005 een drietal workshops. Workshop waarin de initiatiefnemers met bestuurders, ontwerpers, ondernemers en bewoners(verengingen) het concept van de Langzame Stad uitwerkten en toetsten.

Planontwikkeling 2006 en Langzame Stad
Langzame Stad Delft: nieuw programma en verbinding Markt -Delfste Hout

Leidend thema was ‘langzaam’. ‘Langzaam’ omdat dit (letterlijk) ruimte creëert: voor nieuwe verbindingen, nieuw programma en last but not least nieuwe openbare ruimte. Binnenstedelijke snelwegen in de Langzame Stad zijn niet langer luchtvervuilende en geluidshinder veroorzakende barrières die alleen met uiterste voorzichtigheid of via talloze over- en onderdoorgangen te slechten zijn, maar toegankelijke, brede boulevards die vooralsnog gescheiden stadsdelen als vanzelfsprekend aan elkaar verbinden en een veelheid aan functies herbergen.

De ‘proefvakken’ voor de Langzame Stad (A10 West bij Amsterdam, A13 bij Delft, en de A16 bij Dordrecht) werden geselecteerd vanwege hun onderling verschillend karakter en omdat de beoogde transformaties hier relatief eenvoudig uitvoerbaar zijn. Bovendien, niet onbelangrijk, zijn de geselecteerde proefvakken al aan een herstructureringsopgave onderworpen.

De werkwijze voor de locaties was identiek. Begonnen werd met een analyse van het proefvak als onderdeel van het nationale, regionale en lokale wegennet. Daarna werden functies, bebouwing en profiel in beeld gebracht.

Ter illustratie van de ruimtewinst en de mogelijkheden die zouden ontstaan na verlaging van de rijsnelheid werd ieder proefvak vergeleken met een woningbouwproject: het Oostelijk Havengebied (Amsterdam) voor de A10, Emerald (Delft) voor de A13 en Kop van Zuid (Rotterdam) voor de A16. Bovendien werden bestaande structuren (respectievelijk Central Park (New York), de Scheveningse Pier en Kop van Zuid (Rotterdam)) in de proefvakken gemonteerd. Dat leverde weliswaar geen naadloze vergelijkingen op maar maakte wel op indringende wijze de uitgangspunten en ideeën van de Langzame Stad duidelijk: langzaam verbindt en biedt mogelijkheden waar snelheid slechts scheidt en hindernissen opwerpt.

wegennet Randstad nu en Langzame Stad

Anders dan veel van hun collega’s zien de ontwerpers van de Langzame Stad infrastructurele en stedelijke congestie niet als een belemmering maar juist als een kans voor mobiliteit en stad. Toepassing van het concept op het rijks- en provinciale wegennet van de Randstad zou van ingrijpende invloed kunnen zijn op beide netwerken. Door het ontbreken van onderlinge verbindingen functioneren beide nu tamelijk geïsoleerd van elkaar. Door het ‘downgraden’ kunnen vooralsnog ontbrekende verbindingen tussen rijks- en provinciale wegen tot stand worden gebracht met als resultaat een fijnmaziger en aanzienlijk functioneler Randstedelijk wegennet dan het bestaande, zónder nieuwe wegen aan te leggen.

Kleinpolderplein 2003 en Langzame Stad

Visionaire beelden? Ontwikkelingen elders in de wereld tonen in veel opzichten opmerkelijke overeenkomsten. Neem Jakarta, oorsprong én inspiratie van het onderzoek van SLS. Het stedelijke wegennet vertoont op veel plaatsen opmerkelijke gelijkenissen met de eigenschappen van de Langzame Stad. Kantoren met aan- en afritten aan grote doorgaande wegen, detailhandel op en langs, en flaneerzones tussen en onder de stedelijke ring(snel)weg.

Het waren deze beelden die Van Breugel, Heijne en Petersma fascineerden tijdens hun bezoek aan Jakarta waar zij in 2000 verbleven in het kader van een tentoonstelling van hun werk. De eindeloze files die Jakartaanse verkeer van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds lam leggen bleken onvermoede economische en sociale mogelijkheden te bieden en konden wellicht als ‘blue print’ fungeren voor toekomstige ontwikkelingen langs stedelijke snelwegen in Nederland.

Hun idee het rijkswegennet op knelpunten te ‘downgraden’ tot een zone met een snelheid van 50 kilometer per uur werd aanvankelijk door velen met scepsis begroet. Een eerste kentering in deze tendens leek zich af te tekenen toen een voorloper voor de Langzame Stad, SlowSpeedCity, geselecteerd werd voor deelname aan de eerste Internationale Architectuur Biënnale in Rotterdam (2003).

Anno 2006 lijkt van die scepsis nauwelijks nog iets over. Integendeel zelfs. Tijdens de studiedag van de RPB bleek dat de dynamiek van en ontwikkelingen langs snelwegen een uiterst actueel thema is.

Of en op welke termijn de ideeën en oplossingen van de Langzame Stad gerealiseerd zullen worden is moeilijk te beoordelen. Daarop zijn immers vele factoren van invloed – de politiek niet in de laatste plaats. Als het aan de ontwerpers ligt zou het echter nog wel eens snel kunnen gaan; omdat de Langzame Stad weliswaar misschien moeilijk voorstelbaar maar makkelijk uitvoerbaar is.