Feature —

Architectuur met een hoofdletter B

Adriaan Boertjes

Het was Dutch Design Week in Eindhoven. Het Architectuur Centrum Eindhoven (ACE) moet gedacht hebben: “Laten we dan voor de afwisseling een Belgisch architectenbureau uitnodigen. En dan niet te flauw. Meteen eentje met een hoofdletter B.” En dus gaf Evert Crols van B-architecten op 23 oktober een lezing over zijn bureau.

Het is een herfstavond met echt Hollands weer. Tegen achten druppelt iedereen de voormalige garage De Wit binnen. Op het moment dat het ACE de lezing introduceert, sputtert de gaarkeuken van de Young Designers Network Showroom nog wat na en neemt op de valreep een aantal belangstellenden plaats op de WOEFWAFS, daarmee de ongemakkelijke maar zorgvuldig opgestelde lezingstoeltjes mijdend. De titel Van Antwerpen tot Tokio deed al een soort brede oeuvrebespreking vermoeden en Crols (één van de drie oprichters van B-architecten) lost deze belofte in, maar met een onderliggende boodschap. Hij wil met een selectie projecten laten zien hoe de hedendaagse jonge Belgische architect zichzelf de vrijheid gunt om zijn of haar architectuur puur te houden. In het geval van B-architecten begint de filosofie al bij de bureausamenstelling. Maar liefst vijftien van de zestien personeelsleden is gediplomeerd architect. Dit levert niet automatisch een eenkennige club op, want de specialisaties lopen uiteen van bouwtechniek, landschap en urbanistiek, naar interieur en zelfs grafische vormgeving. En die ene dan? Die zorgt er kennelijk voor dat dit ongeleide creatieve projectiel toch nog een beetje in goede banen wordt geleid. De filosofie draaft door als Crols de indrukwekkende samenwerkingsverbanden opsomt: voornamelijk de modewereld, maar ook (beeldend) kunstenaars, theatergezelschappen, de grafische industrie en o ja, geheel in dezelfde hiërarchie horen daar ook technische (ingenieurs)bureaus en andere van dat soort subculturen bij.

“‘Wat wil je?’ vraagt de ingenieur. Ja, wat willen we, we weten nog niet wat we willen. Ontwerpen is toch net in staat zijn om niet te weten wat je wilt”, schrijft B-architecten in De Parabel van de Brug op hun website www.b-architecten.be.

Het is niet zo dat de techniek onderbelicht blijft, integendeel. Ontwerpen staat weliswaar centraal, maar de techniek volgt daaruit als vanzelf. De 240-delige slideshow toont innovatieve en creatieve technologie, geboren uit bizarre wensen van bouwheren, krappe budgetten en de wil om het net even anders op te lossen. In deze context spreekt het dan vanzelf dat je een kantoorinrichting doet met abris de jardin van de Brico. Deze glazen tuinhuisjes kunnen immers precies hetzelfde doel dienen als de geijkte, relatief dure kantooroplossingen: afgebakende hokjes maken voor werkplekken. Met eenzelfde visie lost B-architecten  een akoestiekprobleem op, namelijk door een scheidingswand op te bouwen met zandzakjes. En die gerecupereerde bierbakken kunnen uitstekend dienen als materiaal voor de bar. Zomaar wat voorbeelden uit het project BSBbis, dat vol zit met dit soort uitdagende oplossingen die achteraf nog niet eens zo eenvoudig te berekenen bleken te zijn. Volgende dia. Skippyballen tegen het plafond. De choreografie van de architectuur verantwoordt het in modehuis Missoni, waar de kledingstukken het eigenlijke interieur vormden.

B-architecten is niet alleen maar speels. Terwijl één van de toehoorders besluit naar buiten te fietsen (het regent niet meer en de deur naar de Vestdijk staat toch open) passeren zeer volwassen (binnen)stedelijke projecten de revue, van Antwerpen tot Tokio. Daarmee is veelzijdigheid en expertise binnen een ongekende ontwerpersambitie een feit. Jonge Nederlandse architecten zijn te betrappen op eenzelfde strategie. Naar buiten ermee, je niet laten remmen door de status quo en het liefst mondiaal. Terecht wordt vanuit het publiek de vraag gesteld of er dus sprake is van een toenadering tussen de Nederlandse en Belgische ontwerpcultuur. Temeer omdat veel Belgische architecten hun opdrachtportefeuille spekken op Nederlands grondgebied. Volgens Crols is dit nog moeilijk aanwijsbaar; het is toch meestal de oudere generatie Belgische architecten die in Nederland realiserend actief is. Maar er is wel degelijk sprake van kruisbestuiving, doordat er meer en meer over de grens geshopt wordt in (architectuur)opleidingen, kortstondige samenwerking, tentoonstellingen, et cetera. B-architecten heeft al niet te miskennen banden met de Nederlandse architectuur. De oprichters studeerden allen op het Berlage Instituut en twee ervan werkten reeds bij gerenommeerde Nederlandse architectenbureaus. Toch heeft B-architecten zijn portfolio merendeels nog in België, maar desalniettemin…met een beetje goede wil ligt Nederland precies tussen Antwerpen en Tokio.