Feature —

Jong van Hart

Hendrik-Jan Grievink

Op zaterdagmiddag 28 oktober organiseerde Premsela voor de eerste keer rondetafelgesprekken tussen de éminence grise van het Nederlandse ontwerpen en beginnende ontwerpers en studenten. Titel van de bijeenkomst: Young at Heart. ArchiNed schoof aan.

De laatste weken woedde er in de media een discussie over de canon van de Nederlandse geschiedenis. Ook het ontwerpen in Nederland heeft zijn eigen canon, al is die misschien minder geformaliseerd en geeft minder aanleiding tot discussie. Grofweg zou je kunnen zeggen dat deze begint ergens bij de slaolie affiches van Jan Toorop, via de Bruynzeelkeukens van Piet Zwart en eindigt bij… ja, waar eindigt een canon eigenlijk?

Iedere ontwerpstudent wordt er op de academie mee opgevoed: de monumentale affiches van Anton Beeke, het totale ontwerp van Friso Kramer, Ben Bos en Wim Crouwel, de rode PTT brievenbussen van Rob Parry. Hoe aardig zou het zijn om deze generatie ontwerpers in gesprek te brengen met de nieuwe generatie ontwerpers, moeten de organisatoren hebben gedacht. Het antwoord: heel aardig.

Zowel van de kant van de jonge ontwerpers als van de oude garde blijkt er behoefte te zijn om elkaar te spreken, ervaringen uit te wisselen. Over hoogte- en dieptepunten uit hun carrière, over praktische zaken bij het opzetten van een eigen praktijk en over maatschappelijke betrokkenheid.

In vijf rondes van elk zo'n 25 minuten schoven de senioren aan bij de junioren. Elke ontwerper hanteerde zijn eigen stijl waardoor iedere ronde weer een compleet ander gesprek opleverde. De relaxte, maar bevlogen stijl van Jan van Toorn zorgt voor een heel ander gesprek dan die van bijvoorbeeld Friso Kramer. ‘Laat mij maar daar zitten, dan kunnen jullie mijn werk zien op de dia's. Dan weet je waarover het gaat.’ En: ‘Kennen jullie het Bauhaus? En nu ja knikken!’ Een Total Designer aan het woord.

‘Wat me vooral bij is gebleven van de gesprekken,’ zei een bezoekster na afloop, ‘is dat je vooral je idealen moet volgen en dat ga ik morgen maar eens doen’. De peptalk werkte twee kanten op, want ook Wim Crouwel, godfather van het Nederlands modernistisch ontwerpen heeft er wat aan gehad: ‘Je ijdelheid wordt enorm gestreeld door al die belangstellende vragen’.

De middag werd informeel gemodereerd door Anthon Beeke en Annelys de Vet. Met een borrel in de hand vatten zij de bijeenkomst samen. Zij waren die middag fly on the wall en hadden hun oor te luisteren gelegd. ‘Eigenlijk is deze middag een soort geheim,’ vertelde Beeke, ‘De verhalen blijven bij de deelnemers, er wordt niets geregistreerd’. Het levert praktische informatie op voor de deelnemers, maar het leukste zijn toch de anekdotes waaruit de mentaliteit van de ontwerper blijkt. Zo bekende Bruno Ninaber, ontwerper van o.a. het euromuntgeld, naast ontwerper eigenlijk ook bouwvakker te zijn. Door in de bouw te klussen voor een bepaalde periode in het jaar, kocht hij vroeger tijd om in alle rust in zijn atelier door te brengen. ‘Dit zijn de verhalen waar we allemaal zo van houden,’ aldus Anthon Beeke.

Na een korte inventarisatie bleek de jongste deelnemer 19 jaar te zijn en de oudste 84, maar van een generatieconflict leek die middag absoluut geen sprake te zijn. Of is de nieuwe garde misschien iets te veel in awe van hun oude helden om nog een kritische distantie te bewaren? Het maakte de middag ook wel een beetje mak en vrijblijvend: botsende visies of clashende ego's bleven achterwege. Maar wat geeft dat? Fijn praten over het vak – we kunnen er geen genoeg van krijgen. We wachten rustig op de volgende editie: Wild at Heart.