Recensie —

Platteland voor stadsbewoners

Luc de Vries

In het boek >Exurbia /Wonen buiten de stad probeert Harry den Hartog met een verzameling kritische essays van deskundigen het ideologische debat over het ‘buiten wonen’ scherp te stellen.

Volgens de achterflap van het boek wonen er sinds 2001 meer voormalige stadse bewoners op het Nederlandse platteland dan echte plattelanders. En de vraag naar dit 'exurbaan' wonen, het landelijk wonen door stedelingen, neemt alleen maar toe. Hoe om te gaan met deze vraag en hoe deze woonwens om te zetten in een positieve impuls voor het landelijk gebied is het thema van dit boek. Het is een echt leesboek, want hoewel het onderwerp wonen en landschap is, zijn er slechts spaarzaam een paar kleine afbeeldingen toegevoegd, die vergelijkbaar met de pop-ups bij internet, even verderop groter worden weergegeven. Uitzondering hierop is het beeldessay voor- en achterin het boek met een aantal paginagrote foto's van exurbane bewoners.

Het boek bestaat naast de inleiding en het slotessay van Harry den Hartog uit vier hoofdstukken, die elk het landelijk wonen vanuit een ander perspectief belichten. Elk hoofdstuk bevat een of twee essays en een aantal korte interviews. Omdat de essays door verschillende schrijvers uit diverse disciplines zijn geschreven komen zeer veel aspecten van het buiten bouwen aan bod: de historie, de actuele vraag, de identiteit van het platteland, het beleid en de regelgeving, de verhouding tussen stad en platteland, en diverse studies naar en voorbeelden van buiten wonen. De toon van de essays is positief. Het buiten wonen is een niet te stoppen woonwens, terwijl het aantal boeren afneemt en natuurorganisaties het aan middelen ontbreekt om het landschap duurzaam te onderhouden. Het gaat nu om de vorm, om het bedenken van een constructie om de positieve invloed die het wonen op het platteland kan hebben uit te buiten, door ‘win-win situaties’ te creëren. Door te bouwen op het platteland kan het kwetsbare landschap behouden blijven, is er financiële steun bij herstel van landschappelijke elementen, ontstaat meer draagvlak voor beheer van het landschap en wordt het draagvlak van plattelandsvoorzieningen vergroot. Tussen de essays zijn korte interviews opgenomen met beleidsmatig betrokkenen of deskundigen en hierin klinkt gelukkig zo nu en dan een kritischer opvatting door.

De conclusie van het boek is dat ‘buiten wonen alleen dan succesvol kan zijn als er op een integere manier sociale, ruimtelijke en economische relaties worden aangegaan met het kwetsbare platteland’. In het slotessay behandelt Harry den Hartog voornamelijk een aantal geslaagde voorbeelden van buiten wonen. Dat is een gemiste kans. Bij het lezen van de essays en de interviews, en bij het bekijken van de foto’s komen allerlei vragen en discussiepunten op die in een slotessay bij elkaar gebracht en verdiept hadden kunnen worden. Want hoe zit het met de enorme toename van het autoverkeer wanneer al die ex-stadsbewoners hun kinderen naar zwemles, school, trompetles, hockey en tennis brengen? Wat zijn de eisen die 'verwende' stadse bewoners stellen aan scholen, ontsluiting, rust, voorzieningen? Wat is nu de echte woonwens van de exurbanen; in zen wonen met het kwetsbare landschap of gewoon een plek waar ze (zonder buren) ongestoord hun gang kunnen gaan? Wat is nu de waarde van dat kwetsbare landschap wanneer je leest dat het al honderden jaren wordt getransformeerd door steeds nieuwe eisen die eraan gesteld worden? Een kritisch doordenken van deze punten had meer bijgedragen aan de ideologische discussie dan de voorbeelden van nieuwe woonvormen met collectieve buitenruimte of woningen in schuren met zelfs een verbod om de tuin naar eigen smaak in te richten. Dergelijke voorstellen staan haaks op de echte buitenwoonwens en zijn teveel een urbane visie op een toch in essentie ruraal probleem. het slotessay doet daarmee geen recht aan het daarvoor opgebouwde inzicht.

>Exurbia /Wonen buiten de stad brengt de problematiek van het bouwen voor stadse bewoners op het platteland breed in kaart maar was gebaat geweest bij een scherpere slotanalyse van problemen en kansen.