De kritische, onafhankelijke website van de Lage Landen over architectuur en meer

Zoeken
Recensie — 01.06.07

Visionary Power 1

Marina van den Bergen

De Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam ging vrijdag 25 mei van start met de tweedaagse Visionairy Power conferentie. Doel was te bepalen of, en op welke wijze architecten betekenisvolle bijdragen kunnen leveren aan de steden die zijn overgeleverd aan tomeloze krachten als toerisme, het informele of juist (wereld)politiek.

De belangstelling voor beide dagen was enigszins teleurstellend; hebben architecten het te druk met werken, of genoten ze van een vroeg Pinksterweekend? De zaal zat half vol en was grotendeels gevuld met sprekers – voornamelijk architecten die verbonden zijn aan onderwijsinstellingen, en architecten van de piepjonge bureaus, die hun voorstellen kwamen toelichten. De onderzoeks- en ontwerpprojecten die op de eerste dag werden gepresenteerd, waren tamelijk academisch. Uitgangspunt bij een dergelijke opzet lijkt het entameren van discussies. Deze bleven helaas achterwege, domweg omdat de mogelijkheid tot vragen stellen niet werd geboden, terwijl daar alle aanleiding voor was.

Vrijdag werden drie cases gepresenteerd – Spectacle Cities, Corporate Cities en Capital Cities, op zaterdag zouden Informal Cities en Hidden Cities worden behandeld. De ingrediënten waren bij alle cases hetzelfde: een korte introductie, een toelichting op het probleem – alle drie de benoemde krachten werden bij voorbaat als een probleem voor de stad en haar inwoners bestempeld – en de presentatie van een of twee projecten die bureaus en teams op uitnodiging van de IABR hadden gemaakt. Projecten die een mogelijk oplossing – de visionairy power – zou kunnen aanreiken voor het probleem. De sessies werden afgesloten door een 'debate', een vriendelijk onderonsje tussen de sprekers aan tafel.

In haar lezing Tourism, spectacle and the urban condition stelde Joan Ockman (Columbia) dat sinds Guy Debords publicatie La Société du spectacle (1967) het woord spektakel een negatieve connotatie heeft. Zij vroeg zich af of dit terecht was. Volgens Ockman was er behoefte aan een theorie over de wijze waarop architectuur waargenomen, begrepen en ontvangen wordt. De voordracht bestond uit 'just some thoughts that I wanted to scatter and throw out on you'. Een lauw applaus viel haar deel.

Frans van Schouten (voormalig docent aan de Nationale Hogeschool voor Toerisme en Verkeer) vertelde dat toerisme vooral bestaat uit massatoerisme en dat het aantal toeristen in de loop van de jaren zal toenemen. Verder wist hij te vertellen dat slechts 12% van de toeristen die Venetië bezoekt daar ook overnacht, en dat het gemeentebestuur van Barcelona broedt op maatregelen om budgetfighters hun landingsrechten af te nemen. Dit in een poging om het aantal Britten dat de stad bezoekt te verminderen. Het gaat hier natuurlijk vooral om Britten die in het weekend in beschonken toestand de stad op stelten zetten.

Keller Easterling (Yale) doet onderzoek naar economische zones die in beheer zijn van bedrijven of speciaal daarvoor opgerichte organisaties. De voorbeelden die zij liet zien bevonden zich onder meer in Dubai (Dubai Internet city) en in Iran (Kish). De Free Trade Zone werd eenzijdig gepresenteerd als een verwerpelijke tendens. Een historisch kader ontbrak en Easterling bekeek het geheel door een Amerikaanse democratische bril waardoor aan eventuele positieve aspecten van de Free Trade Zones voorbij werd gegaan.

Met zijn lezing City as Political Form nam Pier Vittorio Aureli zijn gehoor in sneltreinvaart en op onnavolgbare wijze, via de oude Griekse stad en een les etymologie, mee naar het Berlijn van Schinkel. Vanwege een totaal uit de hand gelopen tijdsschema moest Aureli op dit punt zijn verhaal afbreken en eindigde zijn voordracht met een echte cliffhanger.

Het mag duidelijk zijn, de toelichtingen op de thema's waren wisselend van kwaliteit en leverden weinig nieuwe inzichten op voor diegene die zo nu een dan het economiekatern van een dagblad lezen en een documentaire op de televisie bekijken.

De ontwerpprojecten die vrijdag werden gepresenteerd, riepen vooral vragen op naar de urgentie van het project: waarom dit project, daar en waarom nu? Hoezo new models for the city? Een deel van de tragiek was gelegen bij de jonge architecten zelf. De meesten hebben maar van één ding verstand: architectuur. Het zijn geen sociologen, planologen, economen of geografen. De kennis die ze denken nodig te hebben shoppen en samplen ze tot een mooi verhaal dat het project legitimeert, hun waarheid. Er was duidelijk een verschil in benadering tussen de door locale bureaus gemaakte projecten en bureaus die de situatie niet (goed) kennen. Projecten uit deze laatste categorie waren cynisch en provocerend. Wat te denken van het project van het in New York gevestigde WORK om voor de kust van Beiroet een Urban War Zone aan te leggen, een eiland waar landen hun conflicten kunnen uitvechten. En hun voorstel voor de aanleg van een Silicone Allee, met als motto Plastic Surgery is a right. Wat te denken van het project van het in Rotterdam gevestigde IND om de straten en pleinen van Astana, de hoofdstad van Kazachstan, te overdekken met koepels – naar verluid de lievelingsvorm van de burgemeester, met als achterliggend idee: let's take the beloved capitalism one step further.

De vraag die in de loop van de dag werd gesteld: 'Does architecture matters?', kon op basis van deze gepresenteerde projecten alleen maar met een volmondig neen worden beantwoord.

Tirana
Tirana

Dat architecten wel degelijk een betekenisvolle bijdrage kunnen leveren aan de stad en haar inwoners liet beeldend kunstenaar en burgemeester van Tirana (hoofdstad van Albanië) Edi Ramas zien. Tirana was in 2000, het jaar dat Ramas tot burgemeester werd gekozen, een stad in totaal chaos – een gevolg van de monetaire crisis die Albanië in 1997 trof en het land in anarchie onderdompelde. In Tirana was de openbare ruimte ingenomen door een wild groei aan illegale bouwwerken met bijbehoorde illegale activiteiten. Op en aan bestaande panden waren illegale bouwsels verrezen, woorden als solidariteit, collectiviteit en gemeenschapszin hadden hun betekenis verloren. De stad verkeerde in duisternis. Ook letterlijk, kapotte straatverlichting was na 1997 niet meer vervangen, slecht 78 straatlantarens functioneerden nog. Ramas zag het als zijn taak om de stad waar mensen gedoemd waren te wonen, te transformeren tot een stad waar mensen willen wonen. Complicerende factor was het nagenoeg ontbreken van enig budget. Ramas’ eerste spraakmakende project betrof het beschilderen van gebouwen. Door de kleuren werden de gebouwen met alle illegale op- en aanbouwen weer een eenheid en kregen de voorheen anonieme huizenblokken individuele expressie. Een en ander voltrok zich niet zonder slag of stoot. Op straat en in de gemeenteraad werd maandenlang gediscussieerd over kleuren. Overigens tot tevredenheid van Ramas, voor het eerst sinds lange tijd voelden de inwoners van Tirana zich weer betrokken en verantwoordelijk voor hun leefomgeving. In 2001 vond de eerste kunstbiënnale van Albanië plaats. Kunstenaars werden uitgenodigd om ontwerpen te maken voor muurschilderingen, die later ook werden uitgevoerd. In de jaren daarna werden de parken en de oevers van de rivier de Lana vrij gemaakt van illegale bouwwerken. Nadat de stad in de woorden van Ramas was heroverd, werden architecten in stelling gebracht. In 2004 deed het Berlage Instituut onderzoek naar de openbare ruimte in Tirana . Dit onderzoek resulteerde in voorstellen waarvan een aantal ook werden uitgevoerd. De parken en rivieroevers werden heringericht, voetgangerspaden werden voorzien van sierbestrating. Voor enkele markante locaties schreef de gemeente besloten ontwerpprijsvragen uit, waarvan een door het Belgische 51N4E werd gewonnen en nu wordt gerealiseerd.

Ramas had de avond voorafgaande aan de conferentie Adri Duivesteyn gesproken over diens plannen om de burger in Almere als begin én eindpunt van het (steden)bouwkundigproces aanstellen door in te zetten op ‘organische’ stedenbouw en particulier opdrachtgeverschap. Hoewel Ramas het politiek verwoordde, kon hij weinig begrip voor opbrengen voor deze plannen. Ramas: 'What is needed is strong leadership, not only political but also professional'. Project Tirana toont aan dat Visionary Power kan werken zolang iedereen het collectief (de stad en haar inwoners) in gedachte houdt. Dit besef ontbrak helaas bij de meeste architecten die vrijdag hun plannen presenteerden. Ramas is overigens onlangs voor de derde keer herkozen tot burgemeester.

Info

De Visionary Power conferentie vond plaats op 25 en 26 mei in de Kunsthal te Rotterdam in het kader van de Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam. De IABR duurt nog tot en met 2 september. De Power Lounge – het programmaonderdeel met lezingen en debatten – loopt nog tot 8 juni. Voor het volledige programma, zie de IABR website.

Visionary Power. Producing the Contemporary City,red. Christine de Baan, Joachim Declerck, Veronique Patteeuw, NAi uitgevers 2007, p. 288, Eng. ISBN 978-90-5662-579-5, € 32,50

 

Print