Feature —

Chicago aan het IJ

Erik Stekelenburg

Afgelopen zomer werd een nieuw gebouw aan de Amsterdamse Piet Heinkade in gebruik genomen, Chicago. Het ontwerp van Rapp+Rapp kreeg voor realisatie al bekendheid vanwege de overbouwing van Pakhuis Wilhelmina.

Aan de Piet Heinkade, tussen het IJ en het spoor staat een rij statige ‘kantoorkolossen’. Schijn bedriegt, achter de uniforme repeterende ramen  bevinden zich voornamelijk appartementen. Het 35 meter hoge wooncomplex Chicago sluit voorlopig de rij af. Rapp+Rapp maakte het stedenbouwkundig ontwerp voor Chicago. Bestaat het belendende Boston (40+90 koopappartementen, DKV Architecten) uit een U-vormig bouwvolume waarbij de open zijde naar het spoor is gekeerd, de open zijde van het U-vormig bouwvolume van Chicago is juist gericht op het waterfront, een openheid die helaas weer gedeeltelijk ongedaan gemaakt door pakhuis Wilhelmina. Anders dan Boston, dat over het na een brand herbouwde pakhuis Australië heen is gebouwd op zo een manier dat beide gebouwen functioneel een eenheid vormen, is Chicago over pakhuis Wilhelmina gebouwd zonder dat het er constructief en functioneel mee is verbonden, in het pakhuis bevinden zich voornamelijk kleine bedrijven. De poten van de U kragen uit over pakhuis Wilhelmina. Deze overkraging wordt gedragen door enorme consoles ter hoogte van twee woonlagen met muren van 1m dik beton. Deze constructie is duidelijk in de gevels afleesbaar en passend in de grammatica van havenbouwwerken.

De cour die ontstaat door de configuratie van Chicago en pakhuis Wilhelmina wordt boven het dak van het pakhuis voortgezet door transparant ogende loopbruggen die de uiteinden van de U verbinden. Deze tweede vluchtwegen vormen een soort grille van het gebouw. Brandschermen langs de galerijen aan de zijkant van de cour vallen dicht bij brand, om brandoverslag naar en tussen de verdiepingen en het pakhuis te voorkomen.

De toegang van het complex ligt aan de Piet Heinkade. Een poort ontsluit de cour waaraan bedrijfsruimten liggen. In de wanden van de poort ontsluiten vier meter hoge monumentale houten deuren de twee hallen van de 93 huurappartementen. De gehele begane grond is bestemd als winkelruimte en heeft extra hoogte daardoor konden alle winkeldeuren aan de cour vier meter hoog worden. De 27 sociale- en 66 vrije sectorhuurwoningen zijn gelijkvloers en verdeeld over 10 verdiepingen, de grootste plattegrond telt 13 wooneenheden. De gevel van Chicago echoot eerdere gevels aan de Piet Heinkade, vooral de gevel van gebouw Peper (Wingender Hovenier Architecten) dat deel uitmaakt van het complex De Loodsen. Voor de goede orde: het ontwerp van Rapp+Rapp is van eerdere datum, de overbouwing van pakhuis Wilhelmina zorgde echter voor jaren vertraging. De strenge en klassieke ritmiek van Chicago, met licht geornamenteerde vloerranden zal naar verwachting een geschikte schakel vormen tussen de ornamentloze architectuur aan de westzijde en het ten oosten in ontwikkeling zijnde wooncomplex Argentinië (Rob Krier en Marc Breitman).

Behalve de consoles en de grille dragen de materialen bij aan het karakter dat de architect omschrijft als: “De robuustheid van oude havenpakhuizen.” De Wittmunder klinkers hebben een gevarieerd uiterlijk afhankelijk van hun stapeling in de ringoven, deze zijn gemixed met kromme en soms zelfs opengebarste stenen. Maar het klapstuk is toch wel de onbehandelde houten kozijnen. De architect heeft er een onderhoudsargument voor, en een esthetisch argument: omdat de verf niet op de hoeken hoeft te houden kunnen de kozijnhoeken scherp zijn. Volgens de architect is het de eerste keer dat onbehandelde houten kozijnen zo grootschalig zijn toegepast.

De afwezigheid van de verflaag heeft veel impact. Niet gehinderd door een afdichtende verflaag staat het Jatobahout in open verbinding met de omgeving. Het oppervlak en voorkomen is zacht en absorberend, daardoor lijkt het hout een verbinding te leggen tussen binnen en buiten, en het lichaam. Met de verdiepinghoge glasvlakken versterkt dit het idee dat de bewoner als het ware in de publieke ruimte is, en de passant met één been binnen. Publiek en privé verbonden in de scheiding. Van alle verbindingen die dit gebouw legt, maakt deze de meeste indruk.