Feature —

De Binckhorst: werkelijke ambitie of hysterische impressie?

Tim de Boer

Onlangs presenteerde OMA een visie op de vernieuwing van het Haagse bedrijventerrein Binckhorst. Tijdens een publiek debat, waarbij de gemeente overigens schitterde door afwezigheid, was nog niet iedereen even enthousiast.

Artist impressions beheersten op 18 februari het debat over de nieuwe Haagse Binckhorst. Zoals columnist Julius Pasgeld het in een haarscherpe column stelde: “In de vernieuwde Binckhorst zullen de gebouwen transparant grijs zijn, is het altijd lente en hebben de werknemers de hele dag lunchpauze”.

Daarmee legde hij meteen de vinger op de zere plek. Van een masterplan in klassieke zin is hier nauwelijks sprake. Wat er bij de Haagse gemeenteraad ligt voor goedkeuring zijn een stel torenhoge ambities, artist impressions, een eenvoudig zoneringsmodel, een ontwikkelingsmaatschappij in PPS-constructie en een heel groot te realiseren vierkante meter pakket.

Het streven naar een betere Binckhorst is niet verkeerd. Het gebied ligt zeer dichtbij de binnenstad van Den Haag. De ontsluiting per openbaar vervoer is eenvoudig te verbeteren en met de aanleg van het Trekvliet-tracé is het ook met de auto gemakkelijk te bereiken. Het ontwikkelen van de Binckhorst is dan ook een veel logischere keus dan bijvoorbeeld het ontwikkelen van Scheveningen.

De Binckhorst is altijd een vergaarbak geweest voor programma's die elders in de stad niet welkom waren. Op dit moment is de Binckhorst het domein van industrie, autodealers, sloperijen, demontagebedrijven, cementfabrieken, afvaloverslag en een asfaltcentrale. Daarnaast kent de Binckhorst nog veel andere programma's zoals kantoren – waarvan er sommige al 15 jaar leeg staan, een kerkhof, een kasteel en veel migrantenkerken. En bewoners? Die zijn er bijna niet. In het hele gebied staan maar 120 sociale huurwoningen. Dit levert een voor Den Haag uniek gebied op; twee jaar geleden nog bezongen door Stroom in de manifestatie Binck!.

Het masterplan is samen met de artist impressions gemaakt door OMA. De Binckhorst wordt in drie zones verdeeld met elk haar eigen identiteit. Het noordelijke deel van de Binckhorst krijgt een hoog stedelijk karakter. Grote gebouwen, meerdere maaivelden, hoge torens en het mengen van kantoren en woningen is – zeker gezien de goede bereikbaarheid – de inzet. In de plaatjes van dit gebied wordt gerefereerd aan New Yorkse dichtheden en profielen. Dwars door de Binckhorst (van west naar oost) komt een nieuw aan te leggen park. Niet zoals in Den Haag gebruikelijk is – tenminste volgens OMA – met kijkgroen, maar een stedelijk park met de mogelijkheden voor veel intensieve activiteiten. Het zuidelijke deel van de Binckhorst gaat aansluiten op de omringende wijken. Dit is het meest standaard onderdeel van het plan. Een semi-stedelijk veld van iets meer dan modaal verdieners, zeg maar type Borneo Sporenburg.

Over de bestaande identiteit als unieke rafelrand waar alles kan – en bijna alles mag – geen woord in de visie. Geen letter over unieke gebouwen in het gebied en hoe die in het masterplan zijn opgenomen. Het zijn allemaal zeer globale uitspraken over het mixen van werken en wonen. Ook het geloof in de creatieve stad druipt er van af. De creatieve sector is, net als bij alle andere plannen in Den Haag, het toverwoord. Ook in de Binckhorst dus alleen sociale huurwoningen voor kunstenaars en studenten. De vraag rijst natuurlijk: Hoe geloofwaardig is dat? En is een hoog stedelijke omgeving niet gebaat bij het mengen van hogere en lagere inkomensgroepen?

Wat er in de plannen ontbreekt is programma om de ambities waar te maken. OMA geeft in – soms aan het hysterische grenzende – artist impressions een aantal voorzetten die totaal fantasieloos zijn. Een groot popfestival in het park? Weleens gehoord van Parkpop in het Zuiderpark? Een strand aan het Trekvliet? Weleens gehoord van het strand tussen Kijkduin en Scheveningen? Concrete en realistische programma´s om de creatieve stad in de Binckhorst waar te maken ontbreken. De enige leidraad in de documenten zijn de vierkante meters overige functies die de stad wil toevoegen aan het gebied. Waarover, net als over sport en religie overigens, verder geen concrete uitspraken wordt gedaan.

De discrepantie tussen de culturele ambitie van de gemeente in de Binckhorst en de daadwerkelijke inzet in de visie is zeer groot. Helaas was er tijdens het debat niemand van de gemeente aanwezig om de plannen toe te lichten. De wethouder had elke medewerking met de discussieavond verboden. Grote investeringen zijn niet alleen nodig voor het uitkopen van de industrie op de Binckhorst. Voor het creëren van het levendige stadsdeel dat de gemeente voor ogen staat is meer nodig dan het beschikbaar stellen van anti-kraak ruimtes aan kunstenaars in de tussentijd. De oprichting van de PPS ontwikkelingsmaatschappij zou vergezeld moeten gaan van een 1%-regeling of Binckhorstcultuurfonds waar nieuwe initiatieven in de Binckhorst mee betaald kunnen worden. En heel misschien kan, zoals Julius Pasgeld de ambities van de gemeente verwoordde, Den Haag zich dan over 20 jaar meten met vergelijkbare steden als Tokyo, New York, Sydney en Buenos Aires.

De Haagse gemeenteraad heeft inmiddels ingestemd met de toekomstvisie voor de Binckhorst. Opvallenste amendement op de visie is de motie van de Haagse Stadspartij om een skatehal te realiseren op de Binckhorst. Alle partijen ondersteunden deze motie.