Feature —

A Wider View

Alexander Herrebout

Als onderdeel van de Internationale Triënnale Apeldoorn vond maandag 16 juni in Apeldoorn de aftrap plaats van het congres A Wider View. In de imposante hal van Radio Kootwijk lieten sprekers vanuit verschillende disciplines hun licht schijnen over de verschillende Europese cultuurlandschappen en de grote veranderingen die hier op afkomen. Op de agenda stonden thema’s als globalisering, urbanisatie, leisure landscapes en klimaatsverandering.

Als eerste van een reeks sprekers somde André van der Zande (secretaris-generaal van het Ministerie van LNV en Belvedèrehoogleraar aan de Wageningen Universiteit) op hoe deze thema’s zich in het Hollandse landschap manifesteren. Waar de mens zich vroeger voegde naar het landschap is door schaalvergroting, industrialisatie en globalisering de dynamiek nu veel groter geworden. Megastallen verhouden zich vaak moeilijk tot de plek waar ze staan. Door individualisering, ontzuiling en groeiende mobiliteit veranderen dorpen in suburbane woonwijken met bijbehorende kenmerken. De binding met het landschap wordt minder. Het aantal niet-regiospecifieke standaardtype huizen neemt toe. Vanuit Belvedère, de Nederlandse nota die cultuurhistorie een plek wil geven in de ruimtelijke planvorming, wordt gewerkt aan bewustmaking en voorbeeldwerking bij burgers, plannenmakers en overheden, aldus Van der Zande.

Later deze dag vertelde Brigitte Scholz hoe de Internationale Bauausstellung (IBA) Fürst-Pückler-Land in de omgeving van Cottbus (Duitsland) aangewend wordt om industriële landschappen, ontstaan na grootschalige bruinkoolwinning, een nieuwe betekenis te geven en hoe dit gebied opnieuw leefbaar kan worden gemaakt. Scholz toonde een fascinerend landschap rondom Welzow dat doet denken aan een maanlandschap. Machines, groter dan de Eiffeltoren, laten enorme gaten achter. Doordat de mijnbouw als economische drager is weggevallen kunnen een aantal van deze diepe gaten worden gevuld met water. Door deze meren onderling te verbinden ontstaat een lakedistrict van 14.000 hectare met daaromheen ruimte voor woningen, scholen en recreatie. Niet alle voorstellen voor het gebied vielen even goed in de smaak bij de bewoners: de surrealistische beelden van mensen op kamelen in een woestijnachtige landschap bijvoorbeeld. Scholz: “Bewoners zien liever een meer met heuvels en kastelen, ze willen een compositie van het bestaande landschap van weleer”.

Curator van de tentoonstelling A Wider View Eric Luiten (als Belvedère hoogleraar in Delft bezig met cultuurhistorische opgaven) geeft een mogelijke verklaring voor de huiver bij bewoners: “we zijn ons vertrouwen verloren in de huidige transformatie. Er bestaat angst voor het maken van nieuwe landschappen. Dit komt onder andere doordat de esthetische blik een grotere rol is gaan spelen. Met schoonheid als vertrekpunt ontstaan er andere landschappen. De gewaardeerde cultuurlandschappen van vandaag zijn de werklandschappen van gisteren. Die werklandschappen van vroeger zijn niet met esthetiek als uitgangspunt gemaakt.' Volgens Luiten gaat het dan ook om een het op waarde weten te schatten van de historische en de huidige situatie, met andere woorden: het maken van een verbinding tussen de verschillende tijdlagen.

Hier wordt duidelijk dat het begrip landschap niet eenduidig is. Landschap wordt blijkbaar nog vaak geassocieerd met frisgroene golvende grasvelden aan een meer, parken en tuinen. Groene plekken op menselijke schaal om te reflecteren, te ontspannen en te ontsnappen aan het alledaagse. Maar waar komt dit romantisch en esthetisch beeld dan vandaan? En verschilt dit per cultuur? Zorgt globalisering ook voor eenvormigheid in het mentale beeld van het landschap?

Door het projecteren van een historisch, bestaand landschap op je eigen omgeving, ontneem je het landschap en jezelf de kans op ontwikkeling. Nieuwe tijden geven ook mogelijkheden voor nieuwe landschappen. Direct na de bouw van de Eiffeltoren was er weinig waardering voor dit stalen bouwwerk. Eenmaal aanwezig groeide de Eiffeltoren uit tot het icoon voor Parijs. De blootstelling van mensen aan de toren zorgde voor een verandering.

Nature as Artifice, NAi Uitgevers

Wat de landschappen ook zijn, landschapsbeelden lopen uiteen. De Nederlandse landschappen zijn interessant omdat ze uit pragmatische redenen geboren zijn. De associaties die veel mensen vandaag hebben met een landschap is gebaseerd op een beeld dat geschikt is om er een 'vakantiekiekje' van te maken. Vaak is de werkelijkheid verrassender en anders dan de associaties die veel mensen hebben. De publicatie Nature as Artifice, een van de vele boeken die is uitgebracht in het kader van de Triënnale, laat dit goed zien.

De opgave voor landschapsarchitecten zou wel eens kunnen liggen in het doen van gerichte ingrepen in het hedendaagse landschap waardoor dit weer tot de verbeelding gaat spreken, waardoor men zich er weer mee gaat identificeren en het absurde, fascinerende en verrassende van het landschap gaat zien. Zo verandert het landschap van een plat decor tot een vierdimensionale beleving waarin de verschillende opvattingen over het landschap door de tijden heen, ruimtelijk beleefd worden. Zo verandert wellicht ook de blik, de bijbehorende associatie en hopelijk ook het landschap zelf naar een veelkleuriger palet.