Recensie —

Heijplaat: Oase in de haven?

Tim de Boer

Op 18 juli vond de publieke eindpresentatie van de Summerschool Re-inventing Rotterdam plaats, georganiseerd door de Academie van Bouwkunst in de Maasstad. Onder leiding van een aantal ontwerpers hadden vijf groepen internationale studenten gewerkt aan plannen voor het duurzaam ontwikkelen van Heijplaat.

In maximaal 5 minuten mochten de docenten de uitgangspunten en resultaten van hun groep presenteren. Tijdens deze vijf verhalen was er op de achtergrond een doorlopende presentatie van de betreffende groep te zien. Drie uitgenodigde internationale deskundigen gaven na elke presentatie kort commentaar: John Roberts (directeur Arup Energie London), René Hersbach (directeur duurzaamheid ING Vastgoed) en criticus Jaime Salazar. Erg scherp was het commentaar niet. Wie dacht dat er een harde discussie over duurzaamheid, Rotterdam en Heijplaat gevoerd zou worden kwam bedrogen uit. De opmerkingen van de deskundigen bleven vriendelijk en vooral eensgezind.

Gelukkig hadden de vijf groepen allemaal een andere invalshoek gekozen voor hun project. Daarmee werd in ieder geval een interessant beeld op de mogelijke toekomstige ontwikkelingen van Heijplaat geschetst. De Academie van Bouwkunst is zelf een pionier in dit gebied. Samen met het Albeda College nemen zij volgend jaar de RDM-campus in gebruik. De gemeente Rotterdam zal samen met woningcorporatie Woonbron de wijk Heijplaat transformeren in een nieuw en creatief woon- en werkgebied. De meeste bezoekers van de presentatie hadden trouwens al met de unieke ligging van Heijplaat kennis mogen maken voor de middag goed en wel begon. Zij waren net als ik met de boot vanaf de Erasmusbrug naar het schiereiland Heijplaat, ten zuiden van Schiedam, gevaren.

De enige partij die echt iets kon opsteken van deze middag was Woonbron. De verzamelde plannen boden zoals gezegd een kijkje in de mogelijkheden om Heijplaat verder te ontwikkelen. Minst interessant was de groep Future Production, begeleid door VHP, die besloot voort te borduren op het industriële verleden van Heijplaat. Deze groep zoekt naar een duurzame vernieuwing van de industriële functie op Heijplaat. Aan het nieuwe complex heeft deze groep een attractieve en opvallende vorm gegeven. Het complex is bovendien energieneutraal. De jury vroeg zich echter terecht af of functiemenging van wonen en werken niet veel meer op zijn plaats was op deze locatie. Iets dat de andere groepen wel hadden voorgesteld.

Het plan Mobility, begeleid door Artgineering, richt zich op mobiliteit. Duurzame infrastructuur is zo ontworpen dat zij niet steeds opnieuw aangepast hoeft te worden en tegelijk voor iedereen toegankelijk is. Deze groep zet onder meer in op openbaar vervoer. In de praktijk wordt openbaar vervoer vaak onvoldoende of te laat gerealiseerd bij nieuwe projecten. Heijplaat zelf is daar een goed voorbeeld van. De boot naar het centrum vertrekt eens per 40 minuten. Aangezien duurzame infrastructuur niet alleen gebaseerd kan zijn op openbaar vervoer heeft deze groep ook veel aandacht besteed aan de benadering van het gebied met de fiets en auto.

Misschien wel het meest realistische voorstel was Waterfront Communities, onder begeleiding van Van Bergen Kolpa. Dit voorstel bestaat uit de volgende drie programma onderdelen: een groene (woon)gemeenschap gericht op rust, bodyculture, groen en relaxing; een innovatief deel gericht op de IT- en financiële sector en een educatief programma gericht op ontwerpen (lees: de Academie). De groep omarmt de kwaliteit van het gebied (de splendid isolation) en probeert deze in te zetten bij de verdere ontwikkeling van Heijplaat. In dit voorstel is duurzaamheid geen halszaak, eerder een bijgedachte. De groep is van mening, en daar was de zaal het eigenlijk wel mee eens, dat sociale cohesie ook een soort duurzaamheid is. Woonbron zag trouwens een wellness centrum op het oude quarantaineterrein wel zitten, mits betaalbaar natuurlijk.

Twee groepen gingen uit van een zelfvoorzienende functie voor het nieuwe Heijplaat: Loop, begeleid door Doepel Joubert Strijkers en (Dis-)Connected onder begeleiding van Paul de Ruiter. In laatstgenoemde ontwerp is het thema duurzaamheid als belangrijkste leidraad gebruikt. In Dis-(Connected) produceert Heijplaat zijn eigen energie en voedsel. Helaas is deze gesloten kringloop alleen mogelijk als de inwoners allemaal vegetarisch waren of vis gingen eten. Vlees is, vanwege de benodigde oppervlakte, niet binnen Heijplaat te produceren. Er is volgens de aanwezige deskundigen één probleem met deze aanpak. Dat heeft te maken met schaal. Welke problemen kan je zinvol oplossen en op welke schaal? John Roberts haalde het nieuwe beleid in Londen aan als voorbeeld hoe het niet moet. Elk gebouw in Londen moet voortaan 20 procent van zijn eigen energiebehoefte produceren. Op zich een nobel streven, maar sommige problemen kan je beter op een grotere schaal oplossen. Want dan kun je volgens hem gebruik maken van betere locaties en schaalvoordelen. Voor individuele gebouwen kun je veel beter inzetten op energiebesparing. Met slimme, maar onsexy maatregelen (zoals spaarlampen) bespaar je al gauw meer dan 20 procent.

Een mooi voorbeeld van een (bijna) gesloten kringloop uit de echte wereld (overigens geheel losstaand van deze dag) is het Deense eiland Samsø. Dit eiland is in 10 jaar tijd veranderd van energiegebruiker in energieproducent. Door middel van windenergie, biomassavergisting en verbranding wordt er inmiddels meer elektriciteit en warmte opgewekt dan er wordt verbruikt. Dit houdt echter niet in dat het eiland een gesloten kringloop heeft. Het verkeer op het eiland en de veerpont gebruiken nog steeds fossiele brandstoffen en de mensen eten er ook nog steeds vlees. Dit wordt echter gecompenseerd door meer duurzame energie te produceren en het overschot te exporteren naar het vasteland.

Tijdens de vijf presentaties kwamen ook de beperkingen van de gestelde opgave naar boven. Er was in de ontwerpen geen aandacht voor de zeespiegelstijging en de hogere temperaturen in de stad als gevolg van de klimaatverandering. Maar dit leidde niet tot een discussie tussen de deskundigen of in de zaal. Sterker nog: er was geen afsluitende discussie. We mochten meteen aan het bier. Veel wijzer over duurzaamheid op Heijplaat werden de bezoekers dus niet. Behalve dat op dit moment de boot richting het centrum zo weinig gaat dat het eigen botenbezit onder Rotterdamse architecten de komende jaren wel eens flink zou kunnen stijgen. Of dat nou zo duurzaam is?