Opinie —

Verder kost het ons niets? Het onderzoekslab ontleed. Een reactie van de rijksbouwmeester.

Liesbeth van der Pol

Rijksbouwmeester Liesbeth van der Pol reageert op het artikel van Tim de Boer waarin hij zich kritisch uitlaat over het Onderzoekslab, een initiatief van de rijksoverheid dat (talentvolle) werkeloze ontwerpers de mogelijkheid biedt inhoudelijk betrokken te blijven bij het vak.

Liesbeth van der Pol
Liesbeth van der Pol

Het initiatief ‘Nederland wordt anders’ is een breed initiatief van diverse gemeenten waaronder Rotterdam, Utrecht, Den Haag, van de organisaties Aedes en Neprom, van de Technische Universiteiten, het Stimuleringsfonds voor de Architectuur en van de Ministeries van VROM en OCW. ‘Nederland wordt anders’ wordt gedragen door drie peilers, waar het Onderzoekslab er een van is en waarvoor ik, samen met de overige leden van het College van Rijksadvsieurs, verantwoordelijk ben.

Vanaf het moment van de start van het Onderzoekslab heeft het thema concurrentievervalsing in onze plannenmakerij een belangrijke rol gespeeld. We hebben ons als initiatiefnemers vanaf het begin heel goed gerealiseerd dat het in de geest van het lab natuurlijk geen zin heeft om onbetaalde opdrachten uit te zetten die net zo goed betaald uitgevoerd hadden kunnen worden. Daarom heeft bij de selectie voor projecten voor het Onderzoekslab onze programmacommissie uitdrukkelijk getoetst op concurrentievervalsing.

Deze check was zeker van belang daar het Onderzoekslab expliciet inzet op het behoud van talent en het op termijn creëren van nieuw perspectief en van concrete, betaalde opdrachten. Het lab doet dat door te investeren in de voorfase; in vooronderzoek en in het uitdiepen van thema’s die later uit kunnen groeien tot betaalde opdrachten. Het gaat om projecten die anders niet eens aan de markt gegeven zouden worden. Het gaat dus nadrukkelijk niet om panklare opgaven. Het Onderzoekslab heeft de ambitie om te  stimuleren, te inspireren en te laten zien wat de meerwaarde van ontwerpers is, zeker ook in het voortraject. Zo stimuleren we misschien niet nu, maar wel op termijn betaalde arbeid en zetten we het ontwerp eens te meer op de kaart. Voor verdere informatie verwijs ik graag naar de website www.nederlandwordtanders.nl

Tot slot ga ik kort in op een ander onderwerp wat in het artikel eveneens wordt aangestipt, namelijk Europees aanbesteden. Er wordt gesteld dat ik geen aandacht aan dit meer fundamentele onderwerp zou besteden. Dat misverstand wil ik wegwerken, want juist dit onderwerp is een van de belangrijkste thema’s op mijn agenda. In samenwerking met Architectuur Lokaal, de VNG, de NEPROM, de BNA en het Ministerie van Economische Zaken/PIANOo wordt daarbij hard gewerkt om zo snel mogelijk de kansen voor jonge en kleine bureaus te vergroten. Voor meer informatie verwijs ik u graag naar de website www.ontwerpwedstrijden.nl.

Natuurlijk ben ik gaarne bereid tot nadere toelichting op het onderzoekslab.

Mede namens de overige initiatiefnemers
Liesbeth van der Pol
Rijksbouwmeester

21 september 2009: Op verzoek van rijksbouwmeester Liesbeth van der Pol plaatst ArchiNed onderstaande aanvulling op haar eerdere reactie.

Vorige week heb ik in een reactie op een artikel van Archined de aanleiding en de ambitie van het initiatief ‘Nederland wordt anders’ nader uiteen gezet. Kern hiervan is dat creatief talent behouden en ingezet moet worden, juist in een periode waarin het werk niet voor het oprapen ligt en er tijd is om ons te verdiepen in actuele en nog vaak onontgonnen vraagstukken en werkwijzen. Gelukkig zijn er de afgelopen maanden al vele initiatieven gestart om de ruimtelijke sector sterker uit de economische crisis te laten komen. De initiatiefnemers van ‘Nederland wordt anders’ hebben gemeend hier nog iets extra’s aan toe te voegen: conceptontwikkeling rondom het nieuwe wonen, betaalde ontwikkelcompetities in enkele steden om het binnenstedelijk bouwen te stimuleren en het Onderzoekslab.

Samen met de initiatiefnemers heb ik onderwerpen en thema’s voor het Onderzoekslab benoemd die naar ons idee de toekomstige agenda van de ruimtelijke inrichting van Nederland bepalen, zoals: meer en andere aandacht voor woningbouw en groen in onze binnensteden, herbestemming, knooppuntontwikkeling en doorontwikkeling van laatnaoorlogse centra en woonwijken. Deze onderwerpen zijn wij gaan thematiseren met als eerste resultaat een aantal concrete onderzoeksvragen. Vervolgens zijn wij gaan kijken welke locaties geschikt zouden zijn om deze onderzoeksvragen een concrete grondslag te geven. Tegelijkertijd zijn er door corporaties en gemeenten zelf locaties, onderzoeksonderwerpen en onderzoeksvragen ingediend. En dat is nu precies wat de initiatiatiefnemers van ‘Nederland wordt anders’ bedoelden met hun gemeenschappelijke slogan ‘business as unusual’: via nieuwe manieren op zoek gaan naar verdieping, reflectie, nieuwe werkwijzen en nieuwe samenwerkingvormen. 

Het Onderzoekslab moet nadrukkelijk gezien worden als voorinvestering. De zeven ontwerpende vooronderzoeken, die vanaf oktober gaan starten zouden zonder het Onderzoekslab niet opgepakt zijn. Om de simpele reden dat prioriteiten elders liggen. Dankzij het Onderzoekslab worden vraagstukken dus nu naar voren gehaald, in de verwachting dat nieuwe en verleidende uitkomsten zo overtuigend zijn dat deze via de reguliere kanalen tot vervolgacties zullen leiden. Aan de deelnemers van het Onderzoekslab de uitdaging om inderdaad met zulke aansprekende resultaten te komen dat vervolgonderzoek via de reguliere kanalen onontkoombaar is.

De initiatiefnemers van ‘Nederland wordt anders’ hebben van meet af aan gesteld dat het ontwerpend vooronderzoek in het Onderzoekslab niet concurrentievervalsend kan zijn. Daarom is elke partij die nu een onderzoeksvraag geadopteerd heeft, ook nadrukkelijk gevraagd of dit ook niet via een betaalde opdracht gedaan had kunnen worden. Het antwoord hierop was, zoals hierboven gesteld, klip en klaar: dankzij het Onderzoekslab worden vraagstukken en opgaven naar voren gehaald die anders niet opgepakt zouden zijn. Voorts wijs ik erop dat ‘Nederland wordt anders’ meerdere activiteiten kent, waaronder het samen met gemeenten stimuleren van het binnenstedelijk bouwen via betaalde ontwikkelcompetities. Een activiteit die overigens ook in versnelling is gekomen dankzij ‘Nederland is anders’.

Liesbeth van der Pol
Rijksbouwmeester