Feature —

Revolutionair arbeidsplan bekend gemaakt: Het NAi komt naar u toe!

Redactie

Vandaag lanceert het NAi een revolutionair detacheringsplan dat het verwijt dat het instituut het contact met de werkvloer heeft verloren in één klap van tafel veegt. Dankzij de verbouwingsplannen is tijd en ruimte ontstaan om het begrip institutionele participatie opnieuw te definiëren. Het NAi toont zich met de plannen – ook in internationaal opzicht – eens te meer een voorloper en economisch/maatschappelijk innovator.

“Natuurlijk bereikt ook ons de kritiek dat het NAi weinig feeling heeft met wat zich daadwerkelijk in de dagelijkse architectuurpraktijk afspeelt. Er wordt hier op het NAi weliswaar dagelijks gediscussieerd over de vakuitoefening, maar we moeten toegeven dat deze discussie tot nu toe nog niet heeft geleid tot presentaties die het vak zelf aan de orde stellen ”, bekende het instituut bij monde van beide directeuren Ole Bouman en Peter Haasbroek tijdens een perspresentatie gisteren. “Wij zijn ons terdege van deze lacune bewust, en we gaan er ook wat aan doen.”

De ruimte voor de plannen is ontstaan omdat het NAi zoals bekend vanaf 16 mei voor een half jaar gesloten is voor het publiek. In die periode wordt een grootscheepse verbouwing gerealiseerd. “We kunnen in die periode natuurlijk niet een beetje met onze duimen gaan zitten draaien. We zijn immers een overheidsgesubsidieerde instelling, en ook van semi-ambtenaren wordt in deze moeilijke tijden verwacht dat ze de handen – indien mogelijk en conform de cao – uit de mouwen steken.” aldus Bouman. “ In het kader van de innovatieagenda Architectuur als Noodzaak, gaan we daarom dit jaar massaal het werkveld in. Het NAi-personeel gaat op tijdelijke basis, en geheel kosteloos, werkzaamheden verrichten op architectenbureaus.
We slaan daarmee maar liefst vijf vliegen in één klap.
Eén: We lopen hier de bouwvakkers en de architect niet voor de voeten.
Twee: NAi-medewerkers kunnen dankzij hun werkzaamheden op de bureaus kennisnemen van het dagelijkse reilen en zeilen op het architectenbureau. We doen daarmee onschatbare kennis en kunde over de vakuitoefening zelf op, een kenniskapitaal dat we na de verbouwing direct in klinkklare activiteiten kunnen omzetten.
Drie: architecten kunnen profiteren van de specifieke deskundigheden van onze medewerkers. Zo kunnen onze archivarissen hun deskundigheid inzetten bij het op orde brengen van het bureauarchief, en dit archief alvast voorbereiden op overdracht aan het NAi. Onze curatoren zijn bij uitstek in staat moeilijke onderwerpen op een beeldende, voor de gewone Nederlander begrijpelijke vorm te vertalen. Bovendien is er hier op het instituut zoals bekend veel ervaring opgedaan met jurering van prijsvragen en aanbestedingen. Deze gecombineerde kennis kan direct worden ingezet bij presentaties voor Europese Aanbestedingen. Onze PR-medewerkers staan te popelen om behulpzaam te zijn bij het schrijven van persberichten en het redigeren van bureaubrochures. De jongens van de technische dienst kunnen wellicht van groot nut zijn op de bouwplaats zelf. Er is kortom een breed scala aan inzetmogelijkheden beschikbaar.
Vier: We hebben hier allemaal een beetje last van Randstadblindheid. We proberen ons personeel zoveel mogelijk te plaatsen op bureaus in de provincie. Detachering naar de verre uithoeken van ons land kan het zicht op de provincie verhelderen. Andersom kan de streekarchitect kennis maken met het activistische gedachtegoed zoals dat hier de laatste jaren is ontwikkeld." zo somt Bouman de voordelen op.
"Vijf, en last but not least" vult Haasbroek aan: "Hoewel de werkzaamheden gratis worden verricht, verwachten wij wel dat ons personeel aan mag schuiven aan de dagelijkse bureaulunchtafel. We kunnen met deze bescheiden beloning in natura een aanmerkelijke besparing op onze post kantinekosten bewerkstelligen; een besparing die we een-op-een kunnen inzetten voor vaktentoonstellingen na de verbouwing.”

Op de vraag of de directeuren Bouman en Haasbroek ook zelf gedetacheerd worden, wordt aanvankelijk met enige aarzeling geantwoord. De lijntaken mogen in de tussentijd immers niet veronachtzaamd worden: iemand moet tijdens de verbouwing toch de Nederlandse architectuur in het buitenland promoten. Hardop denkend raken de heren echter enthousiast voor een persoonlijke inzet in de vorm van een tijdelijke werksabbatical. “Natuurlijk kan ik als zakelijk directeur, de begroting van het architectenbureau eens goed doorlichten. Het is ons onlangs ter ore gekomen dat het niet op alle architectenbureaus financieel van een leien dakje gaat. Daar hebben wij hier op het instituut geen last van. Wellicht dat onze zakelijke strategie ook op het architectenbureau van toepassing kan zijn.” zo mijmert Haasbroek, die onmiddellijk wordt bijgevallen door een merkbaar enthousiaster wordende Bouman. “Mijn deskundigheid als fondsenwerver is natuurlijk al een pre. Maar misschien kan het nog directer, nog praktischer. De deskundigheid en het netwerk van ons meerjarenprogramma Unsollicited Architecture, kan eindelijk in keiharde euro’s en daadwerkelijk gestapelde stenen worden omgezet als ik me persoonlijk ga inzetten bij de aquisitie van ontwerpopdrachten.”

Het klinkt misschien allemaal te mooi om waar te zijn. Toch lijkt het detacheringsplan serieus. Eén ding moet echter wel worden geregeld: er moeten wel vrije plaatsen met zinvolle taken beschikbaar zijn.”We hebben ons laten inspireren door de Onderzoekslabs van de Rijksbouwmeester. Onze medewerkers staan te popelen om de handen uit de mouwen te steken, maar we zijn ons bewust van de gevaren die een dergelijke opzet heeft. Het is niet de bedoeling dat we werk aan de reguliere arbeidsmarkt onttrekken. Het gaat ons uitdrukkelijk om werkzaamheden die supplementair zijn aan het daadwerkelijke verdien- en ontwerpwerk op het bureau. Juist in het niet-commerciële en onzakelijk ligt onze deskundigheid, dus ik verwacht daarover geen problemen.” aldus Haasbroek.
Rest dus alleen nog een inventarisatie van potentiële taken en werkzaamheden. Het NAi roept daarom architectenbureaus op om tijdelijke werkplaatsen en taken aan het instituut kenbaar te maken. Voorstellen kunnen vanaf vandaag aan het NAi worden gestuurd en dienen gepaard te gaan van een omschrijving van de werkzaamheden en een motivatie waarin vooral de kansen voor het NAi uiteen worden gezet. Bureaus uit de provincie zullen met voorkeur worden behandeld, ook de gemeentelijke Diensten worden uitgenodigd te reflecteren. Alleen bij gebleken vraag uit het werkveld zal het uitplaatsingsplan worden uitgevoerd. Aarzel dus niet om het NAi vandaag van vrije plaatsen op de hoogte te brengen. “We hebben er zin an” aldus de beide directeuren. “Aan ons zal het niet liggen. Als de vakgemeenschap ons uitnodigt, dan komen we er aan.”