Feature —

Van onderzoekslab naar cloud company

Lotte Haagsma

Een van de aan het Onderzoekslab ‘Nederland wordt anders’ deelnemende groepen gaat bijna in zijn geheel verder als onafhankelijk ontwerpend onderzoeksbureau. In het lab namen zij een locatie in Rotterdam onder de loep. Zoekend naar nieuwe methodes om verschillende schalen en sferen met elkaar te verbinden ontwikkelden zij een spel en een dynamische kaart. Onder de naam Urbangamesandstrategies is hun gezamenlijke kennis en ervaring nu ook voor andere opdrachtgevers beschikbaar.

Urbangamesandstrategies bestaat uit tien zelfstandig werkende architecten en stedenbouwkundigen die samenkomen in – zoals ze het zelf noemen – een cloud company, iets tussen een bedrijf en een netwerk in. Drie van hen, Carolien Ligtenberg (mentor tijdens het onderzoekslab), Berit Piepgras en Steve Swiggers, vertellen over hun onderzoek en hun nieuwe initiatief.

Voor de dienst Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting Rotterdam (dS+V) richtten zij zich in het Onderzoekslab op de ontwikkeling van een nieuw station in het Stadionpark, een nieuw te ontwikkelen gebied rond de nog te bouwen Nieuwe Kuip. In dit nieuwe knooppunt waar bus, tram, metro en trein straks op elkaar aansluiten raakt de lokale schaal de nationale en in de toekomst misschien zelfs de internationale schaal. Belangrijke vraag was hoe dat nieuwe station op zowel lokaal, stedelijk als landelijk niveau een goedfunctionerende schakel kan gaan vormen.

Carolien: De vraag van dS+V was dusdanig actueel dat we geen gebaande paden konden betreden. We moesten een nieuwe stap maken. Je hebt daar aan de ene kant een grootschalige binnenstedelijke ontwikkeling rond het nieuwe voetbalstadion en aan de andere kant kwetsbare wijken als Vreewijk en Hillesluis. Daarbij komt dan een knooppunt van infrastructuur, waardoor je de locatie niet meer als een statische punt op de kaart kunt benaderen, maar moet zien in een veel groter netwerk. Als je vijf minuten loopt sta je middenin een woonwijk, maar als je straks vijf minuten de trein neemt zit je in Dordrecht. Om zowel de fijnmazige structuur van de aanliggende woonwijken, als de nationale en zelfs internationale ambitie samen te brengen hebben we een dynamische kaart gemaakt. Op deze digitale kaart kun je steeds in en uitzoomen en hebben we doormiddel van een soort boomstructuren allerlei uiteenlopende informatie kunnen samenbrengen.

Steve: We kwamen er al snel achter dat die woonwijken ruimtelijk eigenlijk prima in orde zijn. Hun ruimtelijke structuur is gelijkwaardig aan een populaire wijk als de Jordaan. Waarom werkt het daar dan wel en hier niet? We realiseerden ons dat sociale en economische aspecten hierin een belangrijke rol spelen. Zo hebben we langzaam de traditionele stedenbouw bijna verlaten.
Carolien: Uiteindelijk hebben we alle informatie die we verzamelden, zowel ruimtelijk als sociaal, bij elkaar gebracht in een spel. De plattegrond van de locatie werd een speelbord en alle informatie over programma, openbare ruimte, economische en sociale aspecten, et cetera, belandde op speelkaarten. Met dit spel konden we met heel verschillende partijen, van gemeente, commerciële partijen tot bewoners, over hetzelfde gebied in eenzelfde taal spreken.
Steve: We zochten naar communicatiemiddelen waarmee je de dynamiek van zo’n plek zichtbaar kunt maken en waarmee je het specifieke van de locatie naar het generieke kunt toetrekken. De kaart en het spel kunnen we eigenlijk op iedere plek inbrengen.
Berit: De dynamische kaart is ook ontstaan als hulpmiddel voor onszelf, omdat die netwerken in relatie tot tijd op die plek zo belangrijk zijn. We wilden op ieder moment die doorsnede kunnen maken en begrijpen.

Jullie verzamelden heel veel informatie. Is er een grens aan de hoeveelheid informatie die ingebracht kan worden in zo’n spel? Hoeveel kaarten kun je spelen? Hoeveel claims kun je leggen?
Carolien: Je moet wel sturen met de vragen die je voorlegt aan de deelnemers. Maar er zitten ook blanco kaarten in het spel, zo kunnen spelers een element dat ze nog missen inbrengen.

Je kunt niet de kaart van iemand anders van het bord spelen? Bijvoorbeeld door een claim op de ruimte te leggen waardoor een andere claim onmogelijk wordt.
Carolien: Nee, maar het spel werkt wel als een soort generator waardoor mensen met elkaar om de tafel zitten die anders nooit met elkaar spreken. In dit soort processen zie je vaak een tweedeling. Aan de ene kant de professionals die met een beleidsmatig of stedenbouwkundig oog naar de stad kijken en aan de andere kant, heel lokaal, kleine buurtinitiatieven. Je hebt eigenlijk niets dat die twee partijen bij elkaar brengt.
Steve: Meestal ligt daartussen een heel gebied van rapporten en verschillende disciplines die de kloof alleen maar groter maken. Het is ons streven geweest om een integrale strategie te bedenken, waarbij we zowel het sociale, als het procesmatige als de communicatie samenbrengen in een werkbaar systeem.
Berit: Belangrijk aspect is daarbij ook dat ons systeem onafhankelijk is, wij zijn geen belanghebbende partij in zo’n proces.

Uiteindelijk hebben jullie vier mogelijke strategieën om het gebied te ontwikkelen uitgewerkt. Weet dS+V nu beter hoe ze dat knooppunt moet gaan maken?
Carolien: In alle strategieën zit de oproep om goed na te denken over de activering van het gebied. Om niet alleen maar na te denken over de ruimte. Dat de opgave van zo’n station veel meer gaat over de koppeling met het gebied er omheen, dan over wat voor een gebouw daar moet komen.

Nu gaan jullie als netwerk verder. Hoe pakken jullie dat aan? Hebben jullie een vervolgopdracht gekregen van dS+V?
Carolien: We zijn met dS+V aan het praten over een vervolgopdracht. Daarnaast hebben een aantal partijen belangstelling getoond om het spel binnen een proces in te zetten als communicatiemiddel. Zelf zijn we aan het onderzoeken welke partijen er tussen die grote en de kleine schaal bezig zijn, om te kijken hoe we die aan elkaar kunnen koppelen.
Berit: Onze werkwijze is nieuw, dat roept enthousiasme op. We zijn een soort Barbapapa-figuurtjes die zich kunnen splitsen. Je kunt jezelf opdelen in tweepersoonsgroepen en dan kun je met zijn tienen op vijf verschillende plekken bezig zijn. Of je kunt met de hele groep en al die verschillende expertises in één keer paraat staan. We moeten nu gaan uitzoeken hoe dat in de praktijk werkt.
Carolien: Nu met de crisis is het lastig om te overleven als eenmansbureau, maar ook grote hiërarchisch opgezette bureaus hebben het moeilijk. Het voordeel van ons netwerk is dat we heel flexibel zijn.
Steve: En we hebben de overtuiging dat we een sterk systeem neerzetten in de markt. Juist omdat we die tussenschaal innemen.