Recensie —

Onix ontwerpt bijzondere basisschool

Stijn Hooijer

Op 12 november j.l. werd het nieuwe gebouw van de Michaëlschool in de wijk Huizum West in Leeuwarden officieel geopend. Deze basisschool is een Vrije School, gebaseerd op het gedachtegoed van Rudolf Steiner, grondlegger van de antroposofie. Architectenbureau Onix uit Groningen heeft de antroposofische beginselen ter hand genomen en gekneed tot een subtiele nieuwe vorm.

De antroposofische architectuur is een vorm van organisch bouwen, gebaseerd op de ideeën van de Oostenrijkse filosoof, architect en pedagoog Rudolf Steiner (1861-1925). Hij behandelde architectuur als een gesamtkunstwerk, waarbij exterieur en interieur een geheel vormen. In dit artikel zet ik enkele belangrijke kenmerken van de antroposofische (school)bouw af tegen de keuzes die Onix maakte voor de Michaëlschool.

Als eerste springt het gebruik van kleur in het oog. In het antroposofische onderwijs spelen kleuren, met Goethes kleurenleer als inspiratiebron, een belangrijke rol. Zwart, wit en grijs worden gezien als non-kleuren en zoveel mogelijk vermeden. Elk lokaal is ingericht in een kleur passend bij de leeftijdsfase, warme kleuren voor jonge kinderen en koelere kleuren voor de oudere leerlingen. Door de jaren heen wisselen de leerlingen van lokaal en veranderen de kleuren met hen mee. Daarnaast wordt de toepassing van natuurlijke materialen, die nadrukkelijk zichtbaar blijven, belangrijk gevonden. Zo blijft de nerfstructuur van het hout zichtbaar dankzij de afwerking met blanke lak.

Verrassend is dat in de Michaëlschool van Onix juist gekozen is voor een witte basis. Wit overheerst in de gevel door een bekleding van witgebeitste houten panelen met een enkel vlak van witgrijze baksteen. De centrale hal wordt gekenmerkt door  een onbehandelde betonnen vloer en plafond, wit gestuukte wanden en dezelfde houten panelen als buiten. Onix heeft het interieur bewust neutraal gehouden, zodat de school zelf het gesamtkunstwerk kan voltooien.

Tegenover deze neutraliteit staan de lokalen die nog steeds in verschillende kleuren zijn ingericht, zij het subtieler. De muren zijn wit. De kleur komt louter terug in de marmoleumvloer, delen van het plafond en de vitrages. Bij het naderen van de school waren het deze verschillend gekleurde vitrages die mij ervan overtuigden dat dit, ondanks de witte gevel, een Vrije school moest zijn. Ook het gebruik van beits, waardoor de structuur van het hout zichtbaar blijft, past binnen de antroposofische gedachte om natuurlijke materialen puur toe te passen.

Het belang van samenhang tussen gebouw en omgeving wordt door Steiner en Onix gedeeld. In de Michaëlschool uit zich dit onder andere in de vorm van de school. De zeshoekige contour van het gebouw is afgeleid van de kavelgrenzen en de omringende bebouwing. Binnen de zeshoekige omtrek heeft Onix het pentagram (de vijfster) als uitgangspunt genomen voor de ruimteverdeling. Het pentagram is een vorm die in de natuur voorkomt en vaak gebruikt wordt in de antroposofische architectuur. Vernieuwend is dat Onix de lijnen van de vijfster heeft verschoven binnen de contouren, opdat het programma optimaal kon worden gesitueerd.

Het hart van de vijfster, een pentagoon of vijfhoek, heeft in de school de functie van centrale hal gekregen. Alle ruimtes zijn rond dit hart gesitueerd als de cellen van een natuurlijke spons. De spons staat symbool voor de opmerkzaamheid van het kind en wordt in de Vrije school onder andere gebruikt in het schilderonderwijs. Op de begane grond worden deze cellen buiten uitgebreid door tuintjes, omringd door jonge hagen. Wanneer de hagen zijn volgroeid, worden de buitenruimtes extra verblijfruimtes.

De keuze voor de cellenstructuur zorgt ervoor dat verkeers- en verblijfsruimtes in elkaar grijpen. Er zijn geen lange gangen, omdat alle ruimtes zich rond het centrale hart concentreren. De centrale bouw was de wens van de opdrachtgever zelf. Hiermee komt de vergelijking met het tweede Goetheanum, het internationale centrum voor antroposofie in het Zwitserse Dornach, op. Zowel het eerste, dat uit hout werd gebouwd en in vlammen opging, als het tweede Goetheanum uit 1928 werden door Steiner ontworpen. De tweede versie heeft een centrale plattegrond en is gemaakt van beton, net als de Michaëlschool.

Steiner hechtte groot belang aan het ervaren van rust of beweging. Een langwerpig gebouw nodigt de gebruiker uit zich te bewegen en de afstand tot het doel te ervaren. Daarentegen geeft een centrale bouw rust, omdat alles op dezelfde afstand is. De rust is bij de Michaëlschool echter niet meteen gevonden, omdat Onix geen voorkeur heeft gegeven aan een overzichtelijke logistiek. Achter elke hoek schuilt een verrassing. Het gebouw daagt je uit op zoek te gaan, bijvoorbeeld naar de trap die vanuit de centrale hal niet te zien is. Het zoeken staat ook centraal in het kunstwerk van Claudy Jongstra, aan een wand van de gemeenschappelijke ruimte. Deze Friese ontwerper, bekend om haar monumentale vilttoepassingen, heeft op een goudgele ondergrond van vilt een labyrint gemaakt met gesponnen draden van witte zijde. De Leeuwardense wethouder van cultuur, Isabelle Diks, verwoordt het tijdens de opening van het gebouw treffend: “Het zijn wegen. Soms lopen ze door, soms lopen ze dood. Als school laat je wegen zien en soms moet het kind leren niet alles te willen kunnen.”

Als je eenmaal ergens vertrouwd bent, hoef je niet meer te zoeken. De leerlingen gaan inmiddels blindelings naar hun klaslokaal. Totdat het nieuwe jaar begint, en ze verhuizen naar een andere ruimte. Dan is de school weer even nieuw voor ze, zien ze het gebouw met een frisse blik. Die afwisseling van vertrouwdheid en ontdekking is belangrijk voor het opgroeiende kind. Vanuit die gedachte laat het schoolgebouw een overvloed aan daglicht toe, dat door daklichten tot in de centrale hal valt. Zo is het verloop van de dag in de school te ervaren, iedere dag opnieuw, maar telkens anders.

architect Onix

projectarchitect Allart Vogelzang

ontwerpteam Alex van de Beld, Allart Vogelzang, Wouter Stoer, Karlijn Toebast, René Harmanni

adres project Hercules Seghersstraat 3, Leeuwarden

functie gebouw Onderwijsgebouw, Vrije School

opgave Eigentijdse vertaling van de antroposofische leer

opdrachtgever Schoolbestuur Stichting Michaëlschool

datum 1e schets augustus 2007

start bouw april 2009

in gebruik name augustus 2010

tot hoever in proces betrokken Tot de laatste spijker in het gebouw

m2 ±1.165 (bruto)

m3 ±7.600 (bruto)

architect is trots op Landschappelijke karakter van het interieur

volgende keer anders Meer aandacht voor de buitenruimte