Recensie —

Re-inventing Construction

Bert de Muynck

Na Urban Transformation uit 2008 is Re-Inventing Construction het tweede boek dat door Ruby Press in opdracht van het Zwitserse Holcim Foundation, een wereldwijde leverancier van cement, beton en zand, wordt uitgegeven. Na eerdere aandacht voor de stedelijke ontwikkeling, wordt nu het bouwen, het beroep en de potentie van inheemse ingenieurskunst onder de loep genomen.

Het boek is gebaseerd op de conferenties die de Holcim Foundation organiseert. Deze stichting is voornamelijk bekend van hun jaarlijkse Holcim Awards die worden uitgereikt aan architecten en hun duurzame projecten, meestal op minder bekende locaties als Indonesië, Marokko, Chili en Slovenië. Rond dit netwerk en deze prijs heeft de stichting ook enkele symposia opgezet. De eerste conferentie, “Basic Needs”, vond plaats in het ETH Zurich in 2004, de tweede, “Urban_Trans_Formation”, in Tongji Universiteit Shanghai in 2007 en de derde, “Re-inventing Construction”, in Mexico City in 2010. Ruby Press stelde na de Shanghai-conferentie een vierhonderd pagina’s tellend boekwerk samen en voor de Mexico-conferentie heeft de redactie opnieuw toegang gekregen tot alle presentaties, enkele geselecteerd en aangevuld met teksten van speciaal uitgenodigde architecten.

De 440 pagina’s tellende publicatie laat 38 architecten, ingenieurs en academici aan het woord. Een minpuntje is dat nergens duidelijk wordt welke auteurs ook daadwerkelijk deel uitmaakten van de conferentie in april 2010 in Mexico. Als we er het programma naast het boek leggen, blijken slechts 9 van 38 auteurs ook op te conferentie te hebben gesproken. Minder dan 25 procent dus. In die zin, is het boek een haast autonoom onderdeel van de werking van een stichting die met prijzen, presentaties en publicaties duurzaamheid op de globale architectuur agenda wil plaatsen.

Het boek zelf is netjes verdeeld in vier hoofdstukken: Reduce CO2, Take on Complexity, Mine the City en Stimulate Stakeholders. Die hoofdstukken zijn van elkaar gescheiden door een Didéroteske duurzaamheids encyclopedie, de Illustrated Index of Re-inventing Construction – zorgvuldig vormgegeven en samengesteld door Something Fantastic. Dit overzicht, dat gerust een apart boekwerk had mogen zijn, belicht alles tussen A-Frame Cabin, Aquaponics, Cactus Juice to Waterproof Mortar, GINA Concept Car, Hempcrete, Hypocaust, Pet Architecture, Qanat, Shukhov Tower  en Yakhchal. Die laatste is trouwens een oude Perzische koelkast waarvan het metselwerk bestaat uit eiwit, geitenhaar, zand en as.

In hun voorwoord belicht de redactie hun ambitie als volgt: “To fight the entropy of knowledge, contemporary research on construction must focus on both the discovery of new invention and the re-discovery of old inventions, which have either been forgotten or consciously suppressed.” Het boek zelf maakt de spagaat tussen enerzijds technologische vernieuwing en traditionele kennis. Tegelijkertijd wordt nergens duidelijk hoe beide elkaar kunnen beïnvloeden of welke de synergie tussen beide kan zijn. Na lezing van het boek werd me niet echt duidelijk hoe we oude kennis in nieuwe constructies kunnen toepassen, maar allicht kunnen architecten op basis van de voorbeelden, inzichten en methoden dit vraagstuk in de toekomst met beter inzicht beantwoorden.

Het eerste en vierde hoofdstuk – Reduce CO2 en Stimulate Stakeholders – bestaan uit behoorlijk taaie en diverse materie, als lezer heb je het gevoel na deze hoofdstukken dat je net een mix een universiteitscursus warmtegeleiding, een post op ArchDaily, een Phd-voorstel, een vastgoedfolder, een opiniestuk, een inleiding tot “biosphere consciousness” en enkele architectenportfolio’s te zien krijgt.

Het siert het boek dat het de idee van duurzaamheid niet als iets dramatisch benadert en voorstelt. Duurzaamheid zonder doemdenken dus. Het is duidelijk dat onze planeet en het architectenberoep in gevaar zijn, maar ook dat in verschillende bouwculturen aan oplossingen wordt gewerkt. Voor architecten is allicht het tweede hoofdstuk – Take on Complexity – het meest interessante. Van Vietnam over Mexico City tot Nantes, Tirana en Seoul spreken relatief jonge architectenbureaus zoals Rojkind Arquitectos, at103, Studio Gang Architects, Lacaton & Vassal Architects, 51N4E en Mass Studies aan de hand van concrete opdrachten en in eigen naam over cruciale ontwerpbeslissingen in enkele van hun recente ontwerpen.

Hieruit blijkt dat duurzaamheid ook toevallig tot stand kan komen, onder druk van opdrachtgevers, politici, lokale bouwtechnieken en budget. Is het nu een toren in Tirana, een architectuurfaculteit in Nantes, een brandweerkazerne in Mexico of tijdelijk paviljoen in New York. Re-inventing Construction, zo blijkt uit deze teksten, is de kunst om om te kunnen gaan met de opdracht en het programma en vervolgens in een ontwerp de potentie open te laten. Dit heruitvinden, zo blijkt uit volgende quote van Lacaton & Vassal Architects, betekent ook de nood om het voortdurend te moeten herhalen dat de architect niet iemand is die gewoon opdrachten uitvoert. Nee, de architect is de maker van mogelijkheden: “Don’t tailor your design to the brief, because it inevitably represents only a limited understanding of the situation’s potential. Make room for the unexpected side effects of life which often turn out to be desirable. In other words: Don’t reduce, but potentiate.” Het voordeel is dat deze architecten je niet enkel vertellen dat ze dit doen, maar ook een inzicht geven in hoe ze dit doen.

Het derde hoofdstuk – Mine the City – is het meest belovende en zet een urgente agenda voor de architectuur uit. In het voorwoord tot de bijdragen wordt de problematiek als volgt uitgelegd: “The material resources of construction are becoming increasingly exhausted at the place of their natural origins, while inversely accumulating within buildings. (…) At the same time, the life expectancy of buildings shrinks.” De voorbeelden zijn van die architecten en denkers die een toekomst zien in de relatie tussen architectuur en afval. Of het nu gaat om kippen, containers, aquaponics of aangestampte aarde, in New York of Ethiopia, een nieuw pleidooi voor verdichting en verticaliteit of voor vooruitgang en verwerking, heruitvinden betekent in deze context hergebruik.

De vraag blijft of dit boek daadwerkelijk tot het heruitvinden van het bouwen bijdraagt. Eerder lijkt het mij een reorganisatie van de bouwkennis en het opnieuw onder de aandacht brengen – van anekdotisch tot academisch – van de rijkdom van, al dan niet vergeten, bouwmogelijkheden. Het boek is dan ook eerder een selectieve encyclopedie, dan een handleiding. Re-inventing Construction is selectief interessant, mooi vormgegeven en heeft leuke bijdrages over Mexico City, maar geen enkele over Nederland of Nederlandse architecten. Voor de geïnteresseerden; nog tot 23 maart kunnen architecten hun projecten insturen voor de 2011 Holcim Foundation Sustainable Construction Awards.