Recensie —

Acties in het Havenkwartier

Tom de Vries

In het Deventer Havenkwartier broeit en borrelt het en zit het vol leven. Het gebied, dat zich rond twee havenarmen drapeert en dat via een sluis met de IJssel is verbonden, was destijds een van de modernste bedrijventerreinen in Nederland. Nu wordt het herontwikkeld volgens Vlaams model, dat wil zeggen met ruimte voor initiatieven van onderop. Architectuurcentrum Rondeel laat tot 10 juli een aantal daarvan zien op de expositie Acties in het Havenkwartier.

De afgelopen decennia is veel industrie uit het Havenkwartier weggetrokken en zijn vrijkomende bedrijfsgebouwen door kunstenaars en creatieve ondernemers ingenomen. Het Havenkwartier heeft daarmee de status van broedplaats gekregen. Na eerdere in de la verdwenen plannen – waarin veel woningbouw – heeft de gemeente Deventer een herontwikkelingsplan gemaakt met als motto: ‘Ruimte voor iedereen’. Er zijn vijf ambities uitgesproken: industrieel erfgoed als inspiratiebron, gewild wonen, werken in de stad, de ontdekking van de haven en het doorontwikkelen van de broedplaats. In het plan is ruimte voor duurzame en tijdelijke initiatieven. Wonen en werken, schouder aan schouder, met slechts enkele basisregels. Om inzicht te krijgen in de tot nu toe ontwikkelde initiatieven organiseerde Architectuurcentrum Rondeel de expositie Acties in het Havenkwartier. De tentoonstelling werd op 31 mei geopend door verantwoordelijk wethouder Marc-Jan Ahne. Een vol maar inspirerend programma volgde met veel ruimte voor de creatieve initiatiefnemers in het plangebied.

Lucy in the Sky
De tentoonstelling laat naast een grote stadsmaquette van het plangebied, ideeën zien voor een drijvend restaurant van architectenbureau Attika (expert in drijvende architectuur), jonge horecaondernemers die een bierbrouwerij in de monumentale zwarte silo willen, een ontwikkelaar die denkt aan een overdekte landmarkt voor ecologische streekproducten in een leegstaande fabriekshal, een Italiaans centrum rond een ondernemende restaurateur van Alfa Romeo’s maar ook duurzame woningen van de groep Samenbouw0570.
Maar meest in het oog springend is het plan ‘Lucy in the Sky’ van de SpaceCowboys, bestaande uit de kunstenaars Albert Dedden en Paul Keizer. Samen met Timo Bralts van grafisch ontwerpbureau Bestwerk maakten zij vijf schetsmaquettes op schaal 1:10 en plaatsten die in de expositieruimte van het Rondeel. De Lucy’s zijn kleine bouwsels die ruimte bieden aan verschillende soorten kortverblijven. Een B&B, een artist-in-residence of zoals Albert Dedden zelf zegt: ‘Een plek waar je je kunt onttrekken aan de stress en de snelheid van het leven van alledag. Hier kun je ontsnappen aan conventies, aan wetten en regels. Hier ben je eigen baas, de kapitein op het schip van verlangen, commandant in je zelfgemaakte space oddity’.

Poor but sexy
Bij de opening prees wethouder Ahne Deventer gelukkig omdat op tijd besloten werd om het gebied niet te slopen om er vervolgens grootschalige woningbouw te plegen. ‘Deze bijzondere plek moeten we koesteren en herontwikkelen met aandacht voor de aanwezige kwaliteiten.’ Hij verwees daarbij naar het in de jaren zestig nog sterk verpauperde Bergkwartier in het historische centrum van Deventer. Dat werd toen ook niet gesloopt maar grotendeels zorgvuldig gerestaureerd en aangevuld met passende woningbouw. ‘Net als toen zullen we over tien, twintig jaar, van het Havenkwartier zeggen: Gelukkig dat we het niet gesloopt hebben.’
Maar wat dan? Die vraag werd door stedenbouwkundige Andries Geerse beantwoord. Geerse is de ontwerper van het Ontwikkelplan Havenkwartier. Hij begreep dat waar weinig geld is, geen ruimte is voor mooie nieuwbouw. Mooi is duur en goedkoop is lelijk; om uit dit dilemma te komen stelde hij voor het motto te gebruiken dat in Berlijn veel succes had: Poor but sexy! Geerse: ‘Geen regels op detailniveau maar spelenderwijs per plan en per gebouw in gesprekken tot oplossingen komen. Zo bieden we ruimte voor vernieuwing, speelsheid en het experiment.’ Dat daarmee het vraagstuk van de financiering nog niet is opgelost bleek al snel toen de kunstenaars uit het gebied in speedpresentaties heel kort hun ideeën voor het voetlicht mochten brengen.

The creative age

Wie ervaren is in het ontwikkelen en begeleiden van gebiedsontwikkelingen met ruimte voor ideeën van onderaf is Evert Verhagen. Hij is de man die het terrein van de Westergasfabriek succesvol omtoverde tot een van de populairste gebieden in Amsterdam (de ambitie was 500.000 bezoekers per jaar; dat zijn er nu 5 miljoen). Zijn uitvoerige maar zeer aanstekelijk betoog werd gelardeerd met vele voorbeelden uit binnen- en buitenland. ‘Na een eeuw van industrialisatie en van automatisering, is in Europa nu de tijd voor the creative age. Dat kun je niet alleen maar aan de kunstenaars over laten, dat moet we met z’n allen doen,’ aldus Verhagen. ‘Zorg dat je als stad aantrekkelijk bent voor de groep mensen met talenten. Die groep is doorgaans tussen de 24 en 36 jaar oud, net afgestudeerd, nog vol ambities en ideeën. Dat is ook de groep die het meest verhuist; vanaf het 45ste levensjaar verhuist nog maar 2 procent!’ Twee (Amsterdamse) voorbeelden vallen op in het betoog van Verhagen. ‘De Terminal aan het IJ betekent veel voor Amsterdam. Iedere keer dat er een cruiseschip aanlegt, wordt er door de passagiers in de stad per dag 1 miljoen euro besteed. Dus: zorg dat je project een terminal wordt, waar de horeca, de middenstand, waar iedereen belang bij heeft. Een ander voorbeeld is de impact van een kiosk – een tweedehandsje, voor een euro op de kop getikt – in het Noorderpark (ontwerp Adriaan Geuze van West 8) in Amsterdam-Noord. Hier was het programma doorslaggevend voor succes maar ook Floor de gastvrouw die een boekenkast in de kiosk neerzette met gratis te verkrijgen boeken. Hier vind je als bezoeker een ontmoetingsplek waar je je terloops prettig thuis voelt.’ Het advies van routinier Verhagen voor het havenkwartier is dan ook: ‘Zorg voor je terminals en voor semi-openbare plekken waar je als bezoeker wilt zijn. Dat kan; óók in Deventer.’

Crowd Banking
Veel ideeën die door de initiatiefnemers uit het Havenkwartier werden gepresenteerd, voldoen aan de door Verhagen genoemde succesfactoren. De bierbrouwerij zou een prima ‘terminal’ kunnen worden. Dat geldt ook voor de Lucy’s in the Sky. De landmarkt en het drijvende restaurant kunnen een ideale combinatie vormen op het gebied van de biologische, ecologische keuken. In het afsluitende debat, geleid door Marlies Leupen, werd duidelijk dat de initiatiefnemers het liefst snel met hun plannen tot uitvoering willen komen. En voor vrijwel alle bottom-up ideeën is veel enthousiasme, ook bij de gemeente. Maar de financiering daarvan is vooralsnog de bottleneck. Albert Dedden: ‘Ik was bij de bank maar alles wat ik kon krijgen was een kop koffie’. Natuurlijk is de gemeente geen bank, maar ze wil wel meedenken en de banken overtuigen dat het gebied toekomstwaarde heeft waardoor financiering wellicht sneller mogelijk wordt. Opmerkelijk zijn de suggesties uit het publiek. Zo wordt Crowd Banking genoemd, waarbij initiatiefnemers zich samen als inkoopcombinatie zouden kunnen aanmelden bij een hypotheekverstrekker. Een ander idee is het oprichten van een burgerfonds. Deventer heeft honderdduizend inwoners. Die zouden bij elkaar geld kunnen lenen tegen een iets hogere rente dan de bank voor hun spaargeldtegoeden geeft. Dan snijdt het mes aan twee kanten. Een snelle inventarisatie in de zaal leverde al 15 geïnteresseerden op. Ook zou de industrie wellicht warm gemaakt kunnen worden voor sponsoring. Dennis Laing, de projectmanager Havenkwartier, is niet onwillig. De gemeente kan dan niet zelf voor bank spelen, maar er is zeker de bereidheid om mee te denken over alternatieve financieringsmogelijkheden.

Ruimte voor gekte
Met alleen geld wordt een Havenkwartier nog geen succes. Een geslaagd project moet ook ruimte houden voor activiteiten en het organiseren van evenementen die tot laat kunnen duren. Die oproep deed Mano Scherpbier, directeur van poppodium Burgerweeshuis. Hij vond daarin steun bij de stedenbouwer Andries Geerse die zei dat het bestemmingsplan daar ook ruimte voor moet bieden. ‘Er is zelfs overwogen om in het gebied de APV (Algemene Politie Verordening) niet van toepassing te verklaren waardoor er maximale vrijheid mogelijk is – behalve moorden en dat soort dingen. Maar dat plan ging voor sommigen toch iets te ver.’ Toch zal een project als dit alleen kunnen slagen als je het ontwikkelt in een sfeer waarin veertig procent vrije ruimte blijft voor gekte.
Het project ‘Acties in het Havenkwartier’ richt zich vooral op de bottom-up plannen van de creatieve ondernemers en de kunstenaars. Maar er is natuurlijk meer dan alleen maar broedplaatsambities. Er is de bestaande industrie in en om het gebied met de daarbij behorende complexiteit van milieuwetgeving. Er is de naastgelegen woonwijk Knutteldorp waar veel sociale woningbouw is. Ook daar zal draagvlak gevonden moeten worden voor de ontwikkeling van gekte. Maar iedereen gelooft voorlopig nog dat het kan; óók in Deventer.