Recensie —

Architectuur of je leven

Gideon Boie

De tentoonstelling Double or Nothing in Bozar (Brussel) presenteert het oeuvre van het Belgische bureau 51N4E. In de openingslezing bood Peter Swinnen het architectenpubliek inzicht in de bedrijfsethiek van het succesvolle ontwerpbureau.

Het werk van 51N4E roept vragen op. Architectuurtheoretici breken zich het hoofd over de vraag of hun werk nu anekdotisch is dan wel singulier.* Het zou elke geschiedenis ontkennen en weigeren definitieve stelling in te nemen. Deze verwarring in de achterhoede is onterecht. De openingslezing laat niet de minste twijfel over de positie van 51N4E.

Peter Swinnen lanceerde enkele heldere oneliners die de diverse projecten van 51N4E in een juist daglicht stellen. De toespraak was niet vrijblijvend. Swinnen, sinds 2010 ook Vlaams Bouwmeester, riep het aanwezige architectenpubliek meermaals op om de stellingen te overdenken als de basis van een eigentijdse ontwerppraktijk.

1) Verhoog de ambitie, schort ongeloof op

Elk project gaat uit van urgentie en van bewustzijn dat architectuur de samenleving maakt. Ongeloof en cynisme zijn hierbij houdingen die weinig bijbrengen. Een architect kan zich op twee manieren verhouden tot datgene wat zich aandient: het uit de weg ruimen of het een plaats geven. Dat geldt evenzeer als het gaat om onzin. Swinnen toont een beeld van een boom die in de weg staat op een stoep. Het gebruik van een ruwbouw als tribune naast een voetbalveld ergens in Albanië dient als subliem voorbeeld. Architectuur is het veranderen van geijkte verwachtingspatronen en het opnieuw bepalen van de positie van de gebruiker.

2) Twijfel is onaangenaam, maar zekerheid is belachelijk

Ongeloof is niet hetzelfde als twijfel. Voor een geslaagd project is permanente twijfel noodzakelijk. Zekerheid doodt creativiteit en is nefast voor beleving. Het ontwerp van de Double or Nothing tentoonstelling baseert zich op deze twijfel. De scenografie van de tentoonstelling doorbreekt de gebruikelijke route voor architectuurtentoonstellingen in Bozar. De tentoonstelling bestaat uit vier deeltentoonstellingen in verspreide, eerder onzichtbare kamers die onderling niet verbonden zijn. De presentaties laten de bezoeker zo de historische museumarchitectuur van Victor Horta anders beleven en haken tegelijk in op andere publiekstromen.

3) Architectuur is geen systeem, maar directe actie in de stad

De vele projecten in Tirana, de hoofdstad van Albanië, tonen hoe architectuur inspeelt op de context en haar tegelijk aanpast naar de eigen manier van doen. De TID Tower is onderdeel van een masterplan van tien torens en gaat een onderhandeling aan met de andere landmarks in de stad, zoals de Moskee, Kloktoren en het Skanderbergplein. De nevenschikking zorgt voor een surrealistisch eindbeeld waarin verschillende historische tijdvakken en ideologieën samenkomen. De uitdaging van de toren is het opvangen van het bijzondere licht in de stad. Het instrument hiertoe is de eindeloze repetitie van een identiek gevelpaneel op een toren waarvan de vorm verglijdt van ellips tot rechthoek. Het ontwerpproces transformeert in een permanente werfvergadering door het testen op modellen en mede door de afwezigheid van stedenbouwkundige voorschriften. Het ontwerp voor het centrale Skanderbergplein in Tirana schept ruimte in de stedelijke chaos. Een vlakke piramide creëert een stedelijke leegte te midden van de oude en nieuwe monumenten. Het plein is omgeven door een gordel van groen en loopt onregelmatig onder water. De vraag naar een nieuwe balustrade aan een brug op het plein, greep 51N4E aan als kans om de brug te verbreden en haar een beleveniswaarde te geven.

4) Vijf minuten ontwerpintelligentie

Kwalitatieve architectuur is niet programmeerbaar, maar een ingeving die plots doorbreekt. De uitdaging van architectuur is om trouw te blijven aan dit moment. Vaak wordt de betekenis ervan pas begrepen na een hopeloze zoektocht naar alternatieven. Swinnen verbindt hiermee de projecten in Tirana met de moeilijke zoektocht naar publieke ruimte in Brussel. The Triangle Project grijpt terug op de realisaties van koning-urbanist Leopold II, wiens geschenk aan Brussel haar grootstedelijke schaal was. Het plan van Leopold II bestond uit een netwerk van parken, boulevards en openbare voorzieningen dat over het oude stadsweefsel heen gelegd werd. The Triangle Project sluit hierop aan door de onafgewerkte structuur te voltooien met name in de dichtbevolkte woonbuurten in het westelijke deel van de stad. Hiermee doet 51N4E een voorzet voor de aanslepende herinrichting van de slachthuizen van Anderlecht.

5) Architectuur is een onderhandelingsmiddel

Eerder dan een oplossing biedt architectuur een vraag die de vraag van de opdrachtgever ter discussie stelt. De hoop van architectuur is dat deze vraag opnieuw een vraag oproept en dat er zo iets geboren wordt wat niet vooraf voorzien kon zijn. Het project Arteconomy is een resultaat van dit spel van vraag en wedervraag tussen architect en opdrachtgever. De gedeeltelijke renovatie van een villa in Sint-Eloois-Winkel beantwoordt op het eerste gezicht niet aan een specifiek programma van eisen. De ingrepen gaan een vreemde onderhandeling aan met de weinig betekenisvolle villa en de bosrijke omgeving. De ruimte die ontstaat kan naar eigen goeddunken gebruikt worden door de cliënten en stelt hen zo in staat een eigen, excentrieke levensstijl te ontwikkelen.

Hiermee definieert 51N4E architectuur als het benutten en maximaliseren van kansen die zich in de opdracht aandienen. Deze kansen draaien niet om de zogenaamde verborgen kwaliteiten van de plek, maar om het vaak onuitgesproken verlangen van de opdrachtgever.