Recensie —

De architect en zijn prijsvraag

Arthur Wortmann

Van 7 tot en met 9 oktober vindt in LantarenVenster de zesde editie van het Architectuur Film Festival Rotterdam plaats. Wie dacht dat het winnen van prijsvragen hoogtepunten in de carrières van architecten markeren kan beter niet gaan kijken naar Lost Town en Eye Over Prague.

Heeft u zo’n eigenwijs neefje dat ondanks uw waarschuwingen vastbesloten is om later architect te worden? Stuur hem dan naar het Architectuur Film Festival om de documentaires Lost Town (2009) en Eye Over Prague (2010) te bekijken. De moed zal hem in de schoenen zinken.

De kracht van de documentaires ligt in het feit dat ze beide een lange periode beslaan. Het zijn geen conventionele portretten van architecten, maar het zijn films die de geschiedenis van een enkel project vastleggen, waarbij de regisseurs geduldig de ontwikkelingen afwachten en telkens komen opdraven als er iets te gebeuren staat. Beide films worden een soort thrillers met good guys en bad guys. En omdat het echte leven niet op Hollywood lijkt winnen de bad guys.

Lost Town, van regisseur Jörg Adolph, gaat over een project van de net afgestudeerde jonge Duitse architecten Anne Niemann en Johannes Ingrisch. De film begint in 2004 als de twee net een internationale ideeënprijsvraag in Engeland hebben gewonnen. Hun ontwerp is nogal grootschalig, visionair en kunstzinnig van karakter: een landmark voor de kust van Dunwich, Suffolk, in de vorm van tientallen reusachtige in de zeebodem geslagen stalen buizen, die samen het silhouet van een of meerdere kerken vormen. Vanaf de kust gezien moet het lijken alsof in de verte de restanten van een overspoelde stad te zien zijn, waarmee het project aandacht zou vragen voor de problematiek van de eroderende kustlijn. In dit deel van Engeland brokkelt de kust namelijk af met een gemiddelde van een meter per jaar.

Het winnen van de prijsvraag betekent niet dat er draagvlak bestaat voor de uitvoering van het idee. Het betekent alleen dat het organiserende East of England Development Agency (EEDA) toezegt een haalbaarheidsonderzoek te financieren. De camera volgt vervolgens de twee architecten bij hun pogingen om hun project aan de man te brengen. Al heel gauw blijkt dat tegen de conservatieve sentimenten bij de plaatselijke bevolking niet te vechten valt. En als Anne en Johannes telkens opnieuw naar Engeland afreizen als ze toch weer een sprankje hoop zien is het als kijker moeilijk om niet tegen het doek te roepen: ‘Houd er toch mee op! Je trekt aan een dood paard!’

Geïnspireerd door een lezing van Christo en Jeanne-Claude blijven ze echter stug volhouden en vier jaar later, in 2008, lijkt er plotseling een doorbraak met kans op succes dankzij een nieuw stimuleringsprogramma voor kuststeden. De stemming slaat om. Het gaat toch lukken! En dan krijgen ze een dolk in de rug. Prijsvraagorganisator EEDA adviseert tegen toekenning van de subsidie, omdat het zelf in geldnood is gekomen. En als het project wordt afgeblazen vervalt ook hun verplichting om mede te financieren. Alles houdt op.

Václav Havel (tweede van links) op bezoek bij Jan Kaplický (rechts)
Václav Havel (tweede van links) op bezoek bij Jan Kaplický (rechts)

Dat dit lot niet alleen naïeve jonge architecten treft blijkt uit Eye Over Prague van regisseur Olga Spitova. In deze documentaire wordt Jan Kaplický van Future Systems gevolgd na het winnen van de prijsvraag voor de Tsjechische Nationale Bibliotheek in 2007, de eerste internationale ontwerpwedstrijd in een vrij Tsjechië. Kaplický, geboren en getogen in Praag, was in 1968, toen de Russen binnenvielen, het land ontvlucht en nooit meer terug gegaan. De winst van de prijsvraag wordt daarmee een emotioneel beladen glorieuze terugkeer naar het vaderland. De ontvangst is hartelijk en iedereen lijkt ingenomen met de futuristische blob die de architect ontwierp.

Maar dan, na 22 minuten euforie, zien we de Tsjechische president Václav Klaus vanuit het niets melden dat hij het ontwerp onbescheiden en arrogant vindt en wil voorkomen dat het gebouwd wordt. Het project is onmiddellijk reddeloos verloren. Wat volgt is een eruptie van bekrompenheid waarin de ene na de andere Tsjechische politicus en prominent laat weten dat er in Praag niets mag veranderen aan de bestaande skyline. En de steeds vertwijfelder kijkende Kaplický krijgt van de regisseur de status van een miskend genie.

Er is één aspect dat voor uw neefje vermoedelijk ook leerzaam was geweest, maar dat de film onder het tapijt probeert te vegen. Tot 2006 was Kaplický getrouwd met Amanda Levete. Zij was van 1989 tot 2009 bovendien partner van Future Systems. Tijdens het maken van de film moet ze zich veelvuldig in dezelfde kantoorruimte hebben bevonden als waar Kaplický en zijn medewerkers worden geïnterviewd. Maar ze is nooit te zien. Ze wordt zelfs nooit genoemd, nog niet eens in de aftiteling. Wel zien we hoe Kaplický in 2007, een jaar na zijn scheiding, trouwt met de 41 jaar jongere filmproducer (ook van deze film!) Eliška Fuchsová. Zij raakt prompt in verwachting. En om het drama compleet te maken wordt het kind geboren op 14 januari 2009, de dag dat Kaplický onverwacht overlijdt, op 71-jarige leeftijd. Is dat groots en meeslepend leven, of is dat een puinhoop maken van je persoonlijke leven?