Nieuws —

Het nieuwe bankieren

Erik Stekelenburg

Een actieve spaarvorm was voor de Hollandse Commissie Bank uit 1914 de oplossing om als eerste Rijksmonument het energielabel A te halen. Zelfs de 100 jaar oude stalen kozijnen bleven intact, met enkel glas. Martijn de Gier van architectenbureau KBnG legde op 21 februari in het Haags Architectuur Café uit hoe WarmBouwen uitkomst bood.

De gemeente Den Haag wilde het voormalig bankgebouw aan het Prins Hendrikplein alleen betrekken wanneer deze minimaal het energielabel C zou hebben – het gebouw had op dat moment label F. De eigenaar wilde weten of de score ook hoger kon en schakelde ingenieursbureau DGMR in. Zij hadden op dat moment juist contact met een architectenbureau dat zich bezig hield met WarmBouwen. Het bureau, KBnG, kreeg de gelegenheid om van dit project een pilot te maken voor het WarmBouwen-concept en zag kans om energielabel A te halen. Het is ook het eerste opgeleverde project in het kader van de subsidieregeling Unieke Kansen Programma ‘Naar energieneutrale scholen en kantoren’ van het Agentschap NL. Begin 2011 werd het nieuwe onderkomen van de afdeling Archeologie van de gemeente Den Haag geopend.

WarmBouwen is de combinatie van warmte-koudeopslag (WKO) met leidingen in de gebouwschil. Twee jaar geleden is op de methode octrooi verleend. WarmBouwen betekent volgens de gelijknamige stichting dat de gebouwde schil door een watervoerende laag in contact wordt gebracht met een ondergrondse warmteopslag, waardoor de muren warmte kunnen opnemen en afgeven.
De betekenis van WarmBouwen is handiger af te leiden uit wat het in de winter beoogt. De gevels en vloeren van een gebouw werken dan als radiatoren, stralingselementen. Net als bij vloerverwarming stroomt er warm water door een watervoerend net in de muur, maar anders als bij conventionele radiatoren is het water niet echt warm. Een warmtepomp verwarmt het grondwater bij het voormalige bankgebouw van ca. 18°C tot ca. 23°C.
In perioden warmer dan 12°C buiten of 18°C binnen, koelen de wanden en vloeren met water van ca. 14°C. In de definitie van WarmBouwen moeten we deze koeling lezen als het oogsten van warmte. Koeling verbind je niet gemakkelijk met warmteafvoer laat staan met WarmBouwen, terwijl juist het koelen belangrijk is bij WarmBouwen. De WKO heeft evenwicht nodig; de koelbehoefte zorgt voor het evenwicht met de warmtebehoefte in de winter. De term bouwschilactivering bijvoorbeeld, dekt de lading van het WarmBouwen-principe veel beter dan WarmBouwen. Als merknaam scoort WarmBouwen dan  weer wel goed omdat een merk het product niet mag beschrijven. Maar als kapstok om de methode te onthouden is het contra-intuïtief.
De WarmBouwen-methode vervangt de zware isolatie van het gebouw door de accumulerende werking van de aarde. Het vervangt het isolatiepakket door energieopslag. Het oppervlak van de aarde werkt als een warmtewisselaar; de aarde haalt de opgeslagen warmte en koude deels via het oppervlak naar binnen, WarmBouwen past dit principe toe op de gebouwschil.
De gebouwenveloppe gebruikt de temperatuursinvloeden, dag en nacht, 24/7. Als in dat vaak aangehaalde principe uit een oosterse vechtsport waar de kracht van de tegenstander wordt gebruikt om zich te verdedigen. “Laat de zon maar komen”, aldus Martijn de Gier van KBnG.

De vroeg stalen kozijnen konden blijven zitten. Het enkelglas werd vervangen door een isolerende restauratieversie. Het monument in een wat protserige versie van de Um 1800-stijl bleef maximaal intact. Op wat vloerverhogingen en muurverdikkingen na is er niets te zien van de renovatie. Het voordeel had groter kunnen zijn. Het Bouwbesluit kent de watervoerende laag geen isolatiewaarde toe. Om de minimale isolatiewaarde uit het Bouwbesluit te halen was extra isolatie nodig. Hierdoor viel het voordeel van een dunner isolatiepakket weg. Door de verwarming van de gevel verschuift het condensatiepunt in de constructie naar buiten waar het condensatievocht snel kan worden afgevoerd en geen schade aanricht. De radiatoren konden verdwijnen.
De Gier verwees in zijn lezing nog naar een vroeg voorbeeld van WarmBouwen: The Zollverein School of Management & Design ontworpen door SANAA. Hier wordt het water uit de volgelopen mijnschachten gebruikt om de massief betonnen gevels te verwarmen en te koelen. De gekozen oplossingen in Den Haag zijn niet geheel volgens de WarmBouwen-methode. Anders dan in het gebouw van SANAA hebben de straatgevels te weinig dichte delen en bieden ze daarom te weinig ruimte voor de watervoerende laag, daarom zijn er leidingen in de binnenwanden aangebracht.

WarmBouwen biedt de kans op lichter bouwen; de trend van steeds dikker wordende isolatiepakketten kan een halt worden toegeroepen. Een aandachtspuntje is het leidingnet dat alleen in de wanden al 5 kilometer lang is. De ruimtelijke ordening van de ondergrond is bij WKO een achilleshiel. Het schort aan regie waardoor de WKO’s van belendende percelen het thermisch evenwicht in de grond in de weg kunnen zitten. Bovengronds biedt WarmBouwen veel voordelen, ook voor nieuwe gebouwen. De architect kan zich weer op belangrijker zaken richten dan isolatie, zoals het contact met de straat dat met driedubbeldik glas verloren gaat.