Feature —

Klein en fijn in Rotterdam

Marjolein van Eig

Het is tijd voor nederigheid. We moeten wel, de bouwopgave is gekrompen en we zoeken naarstig naar opdrachten, in alle hoeken en gaten. Letterlijk, bleek tijdens de vrolijke debatavond ‘PLUG Rotterdam’ van AIR.

Het debat startte met Henk Hartzema, architect/ stedenbouwkundige, die een jaar geleden het plan Klein & Fijn voor de stad maakte. In het kort houdt dit plan het volgende in: Rotterdam heeft een onregelmatige structuur met straten en lege plekken. Deze gaten kunnen allemaal worden opgevuld met architectonische pareltjes. Dit zorgt op stedenbouwkundig niveau voor regelmaat en op straatniveau voor meer kwaliteit. Hartzema heeft de gaten in het centrum geïnventariseerd en in kaart gebracht. Met het vullen ervan denkt hij het ongemak van de gefragmenteerde stad weg te nemen en meer huiselijkheid te bieden aan de bewoner.

Hartzema legt de oorzaak van de fragmentatie in Rotterdam niet alleen bij de oorlog maar ook bij de gevoeligheid van de stad voor hypes, waardoor Rotterdam elke tien jaar weer andere speerpunten op het gebied van stedenbouw en architectuur lanceert. Klein & Fijn is daarom eigenlijk groots en meeslepend, om ook de gemeente mee te krijgen. AIR richt met PLUG Rotterdam de aandacht op de potentie van deze kleine projecten voor de binnenstad. Ze hebben hiertoe een website gemaakt. Hierop staan alle lege plekken in het centrum waar momenteel plannen voor zijn. Het gaat om plekken waar één tot dertig woningen gerealiseerd kunnen worden. Drie sprekers lieten zien hoe zij bezig zijn met een dergelijke invuloefening.

Nanne de Ru van Powerhouse Company viel de blinde muur op, waar je op stuit als je bij de nieuwe Pauluskerk de hoek omgaat richting het Schouwburgplein. De Ru zag mogelijkheden, maakte een ontwerp, vond een belegger en sprak met de eigenaar van de naastliggende bruidszaak die toevallig bleek te willen uitbreiden. Zoals Powerhouse het aanpakt lijkt het allemaal niet zo moeilijk. Leon Heddes van Amvest is samen met Era, een investeerder, en Joost Kuhne het initiatief n=1 begonnen. N=1 wil kleine ontwikkelingen op weg helpen door een deel van het proces op zich te nemen. Hun eerste bouwlocatie is aan de Bajonetstraat. Architecten kunnen zich hier middels een sollicitatiebrief op inschrijven. Michiel Raaphorst van V8, de derde spreker, heeft een mooie plek aan de Maasboulevard gevonden. Samen met een ontwikkelaar is hij bezig met een woongebouw met één appartement per laag, voor de hoge inkomens. De moderator van de avond Guido Wallagh, vrolijk en scherp, vroeg door op de inspanning die een dergelijk initiatief vergt. Het komt aan op geloof in de locatie en in de haalbaarheid van het project, door alle betrokken partijen. Het vergt veel energie; als het gebouwd wordt dan is de oogst prachtig en anders is het jammer van de moeite.

Het is een mooi initiatief, dit invullen van dode hoeken en treurige leegtes in Rotterdam. Dat deze gaten niet dagelijks gevuld worden met een pareltje heeft natuurlijk een reden. Buurtbewoners, de leidingen in de grond, de conditie van de grond, de eigenaar van de grond, het bestemmingsplan, de vaak onhandige afmetingen, het oplossen van de parkeernorm voor de woningen en dergelijke, zorgen voor tegenstand. Deze problemen maken dat de meeste gaten leeg blijven, het is gewoon te duur om er iets te realiseren. Hartzema’s eigen initiatief, een woontoren aan de Glashaven, is gestrand op tegenstand van de buurt.

Architecten die een leuk gaatje zien worden dus naast ontwerper ook ontwikkelaar, procesmanager en buurtwerker. Daarbij is veel overleg met de gemeente nodig. Daarom is er nu een speciaal Klein & Fijn-loket bij de gemeente ingesteld waar iedereen terecht kan. Dit loket wordt bestierd door Ine Jans. Zij vertelde hoe zij haar best doet om het de gatenvullers zo makkelijk mogelijk te maken. Zij is op de hoogte van veel kleine locaties in de stad en zij kent de weg binnen de gemeente. Zij kan oplossingen aandragen voor bijvoorbeeld een parkeerprobleem. Ook weet zij van veel locaties al wat de eventuele problemen zijn die de architect tegen kan komen. Het doel van dit loket is het lager maken van de drempel om een initiatief te ontwikkelen voor een ieder die een mooi gat ziet en daar iets mee wil.
Joost Kuhne (van het PLUG project avant la lettre in de Boomgaardstraat) toont ter afsluiting van de avond drie te ontwikkelen PLUG plekken. Om het debat en het initiatief levend te houden wordt de vakgemeenschap uitgenodigd voorstellen te maken voor deze locaties.

Het invullen van gaten in de stad is natuurlijk niet nieuw. In elke stad worden al eeuwenlang gaten gevuld, groot en klein. Bij PLUG ligt het initiatief echter meer bij de bewoner, de architect en de ontwikkelaar. En de gemeente moet dit initiatief faciliteren, omdat de stad ervan opknapt. Het is wel de vraag of de stedelijke structuur zoveel helderder wordt, zoals Hartzema impliceert. De straat zelf knapt ervan op maar de typisch Rotterdamse fragmentatie blijft; de volgende straat kan zomaar weer een rotstraat zijn. De kwaliteit van de invulling is ook van belang; aan de Beukelsdijk stond een tijdlang een mooi blauw geschilderd huizenblok te wachten op de sloop, ondertussen vervangen door armoedig uitgevoerde nieuwbouw. En wat is, naast de architect en zijn gezin, de doelgroep voor al die mooie kleine projecten?

Het initiatief is echter te sympathiek om sceptisch over te zijn. Het zou inderdaad fantastisch zijn als veel meer lege plekken gevuld worden door inspirerende nieuwbouw. Als stadsbewoner worden we dan vaker verwend met kwaliteit en rijkdom in plaats van met kale muren en pleintjes. Dus, beste architecten met inspiratie, bouwwoede en tijd, stort je via de website PLUG Rotterdam op de lege plekken en maak van Rotterdam ‘de stad met de pareltjes’!