Feature —

Mies voor even

Bas Kegge

In Krefeld (Duitsland) staat deze zomer een tijdelijk paviljoen dat fungeert als expositie- en discussieplatform. Het bouwwerk is een 1:1 schaalmodel van het in 1930 door Mies van der Rohe ontworpen, maar tot dusver ongerealiseerd project voor een clubhuis van een golfclub.

Mies 1:1 – foto Heiner Engbrocks

Kunsthistorica Christiane Lange, achterkleindochter van de Krefeldse textielproducent Hermann Lange, deed onderzoek naar de Krefeldse projecten van Ludwig Mies van der Rohe. Ze wilde het onderzoek exposeren maar vond het niet interessant om archiefmateriaal aan de wanden van een museum te hangen. Het idee ontstond een schaalmodel 1:1 van een ongerealiseerde golfclubhuis te bouwen om ruimtelijke werking te tonen en te laten ervaren. Vergelijkbaar met Helene Kröller-Müller die ooit een museumontwerp van Mies op ware grootte liet bouwen, vormt het 1:1 model op de Krefelder Egelsberg zelf de tentoonstelling.

Ludwig Mies van der Rohe woonde niet in Krefeld maar onderhield intensieve contacten met de Krefeldse zijdefabrikanten. (Krefeld was sinds de achttiende eeuw het bloeiende centrum van de zijde-industrie.) Binnen enkele jaren verwierf Mies van der Rohe maar liefst tien opdrachten. De eerste opdracht die hij samen met Lily Reich ontwierp was het Café Samt & Seide voor een vakbeurs in 1927. Het 300m2 grote café werd ruimtelijk gearticuleerd door lappen stof die aan rails hingen, daartussen stond door Mies van der Rohe ontworpen meubilair opgesteld. Hierna volgden opdrachten voor een aantal woningen waaronder de villa’s Esters en Lange die tegenwoordig in gebruik zijn als musea, een clubgebouw voor een golfvereniging en de Verseidag verffabriek waarvan het ontwerp voor het hoofdkantoor op de tekentafel bleef.
Lang werd gedacht dat Hermann Lange een mecenas was voor Mies van der Rohe, maar dat was hij volgens de achterkleindochter niet. Lange was een verzamelaar van moderne kunst en liet zich door de architect inspireren. De opdrachten die Mies van der Rohe in Krefeld kreeg, kwamen vooral voort uit een gedeelde passie voor moderne kunst.

plattegrond clubhuis golfvereniging

Toen er begin jaren dertig plannen waren om nabij Krefeld een golfterrein aan te leggen werden Mies van der Rohe en de Krefeldse architect August Biebricher gevraagd een ontwerp te maken voor het clubgebouw. Verder dan de schetsen kwam het niet. Tot dit jaar. Christiane Lange wil het Mies 1:1 Golf Project inzetten als tijdelijk monument voor de geschiedenis van Mies van der Rohe’s Krefeldse klantenkring.
Voor de uitvoering van het bouwwerk nodigde Lange de Vlaamse architecten Robbrecht en Daem uit. Het bureauteam bestudeerde uitvoerig de ontwerptekeningen, maakte een 1:200 maquette en bezocht alle Europese gebouwen van Mies van der Rohe om afmetingen en details te bestuderen. Het golfclubgebouw bleek een van Mies’ grootste gebouwen in Europa. De windvaanvormige plattegrond (ca. 92x88m), opent zich nadrukkelijk naar het omringende landschap. (Het tijdelijke paviljoen is gerealiseerd nabij de oorspronkelijke bedoelde locatie). De perspectieftekeningen van het ontwerp bleken behulpzaam in het bepalen van de afmeting en dikten van de architectonische elementen: kolommen wanden, etc. Maar er was het nodige constructieve rekenwerk nodig om ook daadwerkelijk de enorme overspanningen te kunnen realiseren gelijk aan de perspectieftekeningen. Volgens Robbrecht zou het clubhuis, wanneer het begin jaren dertig gerealiseerd zou zijn, een van Mies van der Rohe’s meesterwerken zijn geweest.

Mies 1:1 – foto Michael Dannenmann

In het schetsontwerp bleven sommige onderdelen ongetekend, deze zijn dan ook niet uitgevoerd, evenmin als dat het glas is geplaatst. Het clubgebouw mag dan eindelijk uitgevoerd worden, maar ‘af’ wordt het niet, waardoor het een wat ruïneachtige staat behoudt. Tijdens de plantoelichting zei Robbrecht hierover: “Wat we niet weten, bouwen we niet”. Hij noemde het om die reden nadrukkelijk een ‘1:1 model’ of ‘een architectonisch object’ en geen gebouw. Het bouwwerk is een visualisatie van een architectonisch concept dat om nader onderzoek vraagt.

Dat concept had alles te maken met het overweldigende landschap en hoe bezoekers daarmee worden geconfronteerd. Het ritueel van de sequentie van ruimten, de scenografie is een belangrijk aspect van het ontwerp. Het geeft goed weer waar een gebouw over gaat en wat architectuur is, aldus Robbrecht. Bewegend door de structuur krijgt de bezoeker telkens een ander tafereel voorgeschoteld als ware het een landschapsschilderij.
De ambiguïteit van het bouwsel maakt deze onderneming tot een delicaat vraagstuk: waar kijken we precies naar? Wat heeft een onvoltooid paviljoen de bezoekers eigenlijk te bieden? Er staat deze zomer iets in Krefeld om over na te denken.