Nieuws —

Archiprix 2013: Tuinhuizen

Jan Verhagen

Jan Verhagen ontwikkelde voor zijn afstuderen een zelfbouwstrategie voor dorps Eindhoven. Aan de basis van zijn uiteindelijke ontwerp stond de vraag hoe een stedenbouwkundig ontwerp gemaakt kon worden waarin de vrijheden en mogelijkheden van de bewoners centraal staan en de ruimte wordt geboden voor het kleinschalige experiment.

Het project Tuinhuizen presenteert een nieuwe omgang met de historische dorpstructuren van Eindhoven door op kleine particuliere schaal voorbeeldoplossingen te ontwikkelen. Daarbij worden de mogelijkheden onderzocht die privaat ondernemerschap en kleinschalige ontwikkelingen kunnen bieden voor zowel de sociaaleconomische als de ruimtelijke context. Hierbij staat het creëren van extra kwaliteit op een groter schaalniveau centraal. In een serie simpele handleidingen wordt uitgelegd hoe zelfbouwprojecten ook voor het collectief van de wijk een positieve bijdrage kunnen leveren. Het stedenbouwkundig plan noch het bouwkundige product hebben als doel een duidelijk eindbeeld te geven. De plannen richten zich juist op het begin. Een eerste interventie die mogelijkheden biedt om uitgebreid te worden. In het ontwerp worden alle stappen uitgesplitst waardoor toegepaste principes helder uitgelegd worden en daardoor te kopiëren zijn in andere projecten.

De Eindhovense stadstructuur is geschikt voor de tuinhuisstrategie. Ze is gevormd door beekdalen en zandgronden. Rond een centraal gelegen stadje groeiden hier vijf dorpen langs de uitvalswegen van de Brabantse stad. Deze oude structuur heeft zich met succes weten te continueren. Langs de linten konden zich, door de jaren heen, verschillende bedrijven en woongebieden ontwikkelen. Het resultaat is een mengelmoes van woonwijken, industriële en agrarische bebouwing.
Binnen deze structuur vinden bewoners en gebruikers te ruimte om zelf te bouwen. Achter de straatwand hebben zij een tweede laag van schuurtjes en provisorische bouwsels neergezet, afgestemd op hun eigen behoeftes. Deze vrijheid die in de luwte van de grote stadsblokken bestaat heeft een grote potentie voor toekomstige ontwikkelingen. In deze binnenwereld vol particulier grondbezit kan niet op grote schaal gedacht worden, de gebruikers zijn aan zet. Hier kan een schuurtje als berging, extra ruimte aan het huis maar ook een extra woning of werkplek gebouwd worden. Er lijkt geen plek betere kansen te bieden voor het opstarten van een prille onderneming dan een plek aan huis, zeker als de ruimte aanwezig is. De stedelijke radiaal heeft in het verleden laten zien dat het de kraamkamer kan zijn voor zowel wonen als werken. Ook in de toekomst kan de structuur deze functie vervullen.

De centrale vraag die aan de basis ligt van dit ontwerp is dan ook: Hoe kan een stedenbouwkundig ontwerp gemaakt worden waarin de vrijheden en mogelijkheden van de bewoners centraal staan en de ruimte wordt geboden voor het kleinschalige experiment? In het ontwerp bevinden zich binnen de grote stedenbouwkundige blokken achterstraten waaraan verschillende soorten gebruik een plek vinden. De gebouwen zijn zo ontworpen dat ze op een eenvoudige manier met weinig middelen gebouwd kunnen worden. De constructie staat centraal in het ontwerp dat is opgebouwd uit kleine elementen. Nieuwe toevoegingen kunnen daardoor met eenvoudige hulpmiddelen ook gebouwd worden in moeilijk toegankelijke achtertuinen. Detaillering en materialisatie zijn hierbij van ondergeschikt belang. Deze kunnen door de bouwers vrij ingevuld worden. Door een toegankelijke manier van presenteren wordt getoond dat het bouwen niet moeilijk is. De stap om zelf te bouwen wordt daardoor verkleind. Het project brengt een tijdperk van oma’s in de achtertuin en een kantoor in de garage daarmee hopelijk dichterbij.

naam
Jan Verhagen

opleiding / studierichting
TU Eindhoven / Architectuur

mentor
Pieter van Wesemael, Frank Suurenbroek, Hüsnü Yegonoglu

wanneer begonnen met afstuderen

wanneer klaar

favoriete ontwerper

favoriete project

wat doe je nu