Column —

Weggooien op architectenbureaus 4: schetsen

Mieke Bosse

Opgegroeid met het vergaren en bewaren van dictaten, foto’s, documentatie, brochures, tekeningen en boeken behoor ik tot de generatie weggooiers. We moeten. Onze kantoren puilen uit, onze boekenkasten puilen uit en de archief kelders zijn voller dan de verlofdagenkalenders in mei. Zo kan het niet langer. Tussen de festivalagenda’s en de vakantiefiles zitten wij voor de kast en denken: wat moet er uit?

We merken best vaak dat het handig is dat we archiefplichtig zijn. Wij krijgen telefoontjes van schilderende bewoners: “Ja en ik sta hier bij de goot, maar dat is een heel andere kleur dan het raam van de dakkapel!”. Echt waar: nog tijdens het telefoongesprek kunnen we het werknummer, de kleurenstaat en het kleurnummer vinden. De nieuwe constructeur die ergens een liftschacht moet uitbreiden: “… bouw-en-woningtoezicht heeft niets maar weten jullie wie de constructeur was?”. Dat weten wij. Handig voor anderen. Maar nooit, helemaal NOOIT zal er eens iemand opbellen die vraagt naar de opzet van een ontwerp.

Niemand zal vragen of er een andere stedenbouwkundige opzet is overwogen. Want dat is GEHEIM. Niemand weet dat. Niemand weet hoeveel ideeën er zijn gesneuveld ten gunste van dat ene laatste, gerealiseerde idee. Schitterende lanen. Brede woningen. Betoverende lichtval. Intieme pleintjes. Villawijken met gekromde lanen, een fatsoenlijk bomenbestand en ruiterpaden. Hofjes ouderenwoningen en kinderdagverblijven. Dat staat op onze schetsen. Niet archiefplichtig. Mag weg. Au. Dan hebben schetsrollen ook nog de onhebbelijke eigenschap dat ze hoger zijn dan A4, en daarom zijn ze onhandig op te bergen. Wat hoger is dan de archiefdozen verkreukelt. Wat er in mappen zit, neemt veel plaats in. EN we moeten opruimen. Weggooien ruimt lekker op.
Zal er ooit nog interesse zijn om te bezien hoe een pleintje in een wijk ontstaan is, en hoe dat pleintje vorm kreeg? Die mooie pasteltekeningen 1:200, al helemaal niet te bewaren, verliezen veel kracht als ze gedigitaliseerd worden. Als ik heel oud word, zal ik sommige schetsen nog altijd voor mijn geestesoog kunnen zien. De tekening zelf dan toch maar weggooien?