Nieuws —

In memoriam Rob Dettingmeijer: elk antwoord een nieuwe vraag

Martine Bakker

Rob Dettingmeijer op excursie met studenten – foto Saskia Stouten-Schrijer

Na een kort ziekbed overleed op 30 juni architectuurhistoricus Rob Dettingmeijer (Rotterdam 1945).
Al tijdens zijn studie kunstgeschiedenis aan de Universiteit van Utrecht specialiseerde Dettingmeijer zich in moderne en hedendaagse architectuur en stedenbouw, wat bij hem geen vastomlijnd begrip was. Want hoe zit het met parallelle stromingen, zoals het traditionalisme? En wanneer en met wie begint de moderne tijd precies, met Louis Sullivan’s Form follows function? Met de industriële revolutie, de nieuwe rijken en de nieuwe arbeidersklasse? Of moeten we verder terug, naar Jean Nicolas Durand of zijn meester Etienne-Louis Boullée?
Van 1982 tot 2010 was Rob Dettingmeijer als docent en onderzoeker verbonden aan de Universiteit van Utrecht, waar hij in 1988 promoveerde op de stedenbouwkundige ontwikkelingen van Rotterdam in het interbellum. Daarnaast gaf hij van 1977 tot 1988 les aan de Rotterdamse Academie van Bouwkunst en van 1985 tot 1999 aan de landbouwuniversiteit in Wageningen. In 2006 was hij een van de oprichters van het European Architectural History Network, een organisatie die de uitwisseling en verspreiding van architectuurhistorische kennis wil bevorderen.

In zijn colleges bracht Rob Dettingmeijer zijn kennis van architectuurgeschiedenis enthousiast ten gehore en gaf daarbij ook blijk van zijn springerige, onderzoekende geest. Lesstof stond niet op zich, maar werd uitgebreid met sociaal-maatschappelijke, economische en culturele dwarsverbanden. Omdat hij nogal mompelde leek een redenering of vraag bij hem sowieso nooit ten einde: Was het niet zo..? En betekende dat niet dat..? Maar dan..!
Van zijn studenten verwachtte hij hetzelfde, wat niet iedereen even fijn vond. Voor wie hem wel begreep was Dettingmeijer zo’n docent waar je extra je best voor doet, die je wilt verrassen en plezieren met een interessant scriptieonderwerp of een eigenzinnig inzicht. Wat nog een hele uitdaging was want hij beoordeelde streng en vond feitenkennis en goed kijken minstens zo belangrijk als een creatieve geest. Het kijken perfectioneerde Dettingmeijer ook als liefhebber van vogels. Hij had altijd een tekenboekje op zak en verscheen soms op bemodderde rubberlaarzen aan de universiteit omdat hij die ochtend iets bijzonders had moeten spotten.

Meer dan dertig jaar hield Rob Dettingmeijer stug vast aan zijn meanderende manier van lesgeven. Waar tentoonstellingsmakers, critici en collega’s de bouwkunst meer en meer als een lineaire ontwikkeling voorstelden of systematiseerden met eenduidige ‘ismen’, durfde hij de kunstgeschiedenis juist complexer te maken en als complex gegeven te presenteren.

Buiten de universitaire wereld is Dettingmeijer onder meer bekend van de tentoonstelling ‘Rietvelds universum’ die hij in 2010 samenstelde met Marie-Thérèse van Thoor en Ida van Zijl. En werkte hij mee aan de publicatie De Ideale Stad – Ideaalplannen voor de stad Utrecht (Centraal Museum Utrecht, 1988). Dettingmeijer was eindredacteur van het bulletin van de KNOB (Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond), waarvoor hij in 2011 een themanummer maakte over landschap en voor ArchiNed schreef hij artikelen en boekrecensies. In zijn laatste stuk van februari dit jaar pleit hij voor slim beeldgebruik bij het agenderen van bijvoorbeeld de noodzaak van een nationaal energieprogramma. De makers van de VPRO-serie ‘Nederland van Boven’ doen het volgens hem goed. Datavisualisaties worden “bijna retorisch ingezet voor een zo breed mogelijk publiek”. Wat “alleen maar te vergelijken [is] met het gebruik van de beeldstatistiek bij de presentatie van de grote ruimtelijke en economische plannen uit de jaren dertig van de vorige eeuw.”

Tijdens de afscheidsbijeenkomst afgelopen vrijdag in Bilthoven werd onder meer muziek gespeeld van vogelliefhebber Olivier Messiaen en, de keuze van Dettingmeijer zelf, het lied Ermutigung van de Duitse protestzanger Wolf Biermann. Du, laß dich nicht verhärten / in dieser harten Zeit, zingt Biermann. […] Du, laß dich nicht verbrauchen, / gebrauche deine Zeit. / Du kannst nicht untertauchen, / du brauchst uns und wir brauchen /grad deine Heiterkeit. / Wir wolln es nicht verschweigen / in dieser Schweigezeit. / Das Grün bricht aus den Zweigen, / wir wolln das allen zeigen, / dann wissen sie Bescheid. En wat gebeurde er? Reeds twintig jaar afgestudeerd zocht ik thuis meteen op wie Biermann is, hoe de tekst precies luidt, wat het achterliggende verhaal was. Zocht kortom naar Rob zijn motief om dit lied te kiezen voor zijn afscheidsdienst. Als dat geen bewijs van goed leraarschap is.