Feature —

Heb uw planningsambtenaren lief

Jerryt Krombeen

Hoe ziet de toekomst eruit voor Londen en wat kunnen wij van deze stad leren? Peter Bishop professor Urban Design aan de Londense Bartlett School of Architecture was in de Academie van Bouwkunst Amsterdam om te vertellen over de ontwikkelingen van zijn stad in de context van de Brexit. Tussen de regels door hoor je een pleidooi voor sterke stedenbouwkundige diensten.

mental map Londen 2012 – tekening Mercedes Leon

Met de Brexit hangt er een donkere wolk boven de stad. Londen lijkt beroofd te worden van haar kracht om te kunnen opereren in een vrije handelsmarkt en het bieden van een gunstig vestigingsklimaat. De stad dreigt verlaten door grote multinationals bedrijven als EMA en Unilever. De Londense economie krijgt zware klappen te verwerken.
Voor Londen kan de Brexit een enorme aderlating betekenen en dat terwijl het succes van de Brexit afhankelijk is van het succes van Londen. In de metropool-regio en zuidoost-Engeland wordt namelijk een flink aandeel van het bruto binnenlands product verdient. Hier profiteren de zwakkere regionale economieën van, die overigens veelal voor de Brexit hebben gestemd. Als de Londense economie geen stand houdt, zakt het kaartenhuis van de Britse welvaart in elkaar. De gevolgen van een afkalvend Londen zullen overal in Engeland merkbaar worden.
Londen komt in het Verenigd Koninkrijk steeds meer geïsoleerd te liggen; cultureel-maatschappelijk gezien, maar zeker ook politiek zoals de Brexit uitslag liet zien. De politieke tegenstellingen tussen periferie en stad nemen toe, de verschillen tussen oud (op het platteland) en relatief jong (in de stad), tussen profiteurs van de globale economie en verliezers van de kennis- en deeleconomie.

De Brexit is een protectionistisch fenomeen dat niet op zichzelf staat. Het populistische politieke klimaat popt overal in Europa op. Mede onder invloed van conflicten aan de grenzen van Europa en geopolitieke verschuivingen. Voor een deel zijn deze conflicten als incident te kwalificeren, maar anderzijds zijn ze ontstaan door structurele veranderingen. Door de nieuwe communicatievormen kunnen groeperingen en belangenverenigingen zich beter en massaler dan ooit organiseren. Enerzijds zou je kunnen zeggen dat de technologische revolutie een nieuwe democratie heeft veroorzaakt, zoals destijds de uitvinding van de boekdrukkunst. Het politieke krachtenveld is op alle niveaus erg fragmentarisch en complex geworden.
De gevolgen van deze revolutie en veranderingen zijn terug te vinden op macro en micro niveau, ook voor een internationale metropool als Londen. Niet alleen voor de stadseconomie nu multinationals wegtrekken, maar ook komen door de politieke tegenstellingen en fragmentatie, sociale verschillen meer dan voorheen op scherp te staan. Het gevolg: een stad die al gesegregeerd was, versplinterd nog meer.

 

Canary Wharf 2010 – foto Romazur

Achterstallig onderhoud
De problemen die Londen, ook zonder Brexit al heeft, zijn die niet gering. Neem de toegankelijkheid en kwaliteit van de woningmarkt. Ze kampt met een structureel probleem mede veroorzaakt door het succes en de aantrekkingskracht van de stad. Londen heeft als banenmotor meer banen dan woningen, waardoor de waarde van woningen blijft stijgen, wat het vastgoed weer aantrekkelijk maakt voor beleggers in een tijd waarin rente non-existent is. Het is een probleem dat in Nederland na 2015 pas echt opdook, maar in Londen al veel langer speelt. Een effectieve aanpak is nagenoeg onmogelijk door de geringe slagkracht van het stadsbestuur op de woningmarkt. De kwaliteit van arme wijken is enorm slecht en het bouwtoezicht onvoldoende. De rellen van 2011 en de brand in de Grenfell Tower brachten dit op een pijnlijke manier aan het licht.

Door de afschaffing van de gemeentelijke stedenbouwkundige planningsdienst was Londen jaren lang redelijk stuurloos als het ging om haar ruimtelijke planning, inrichting van de openbare ruimte en woningmarkt. Planning van nieuwe projecten was niet effectief, en toezicht op kwaliteit gebeurde niet adequaat. Woningbouw werd volledig aan de markt overgelaten. En de stad miste een link tussen bestuur, regelgeving en de daadwerkelijke uitvoering. Het heeft een stad opgeleverd die niemand wil. In het doemscenario van Peter Bishop verslechtert de situatie mede door de verslechterende economische omstandigheden.

Veerkracht
Scenario twee dat Bishop schetst is een stuk positiever. Hierin wordt betoogd dat Londen hoe dan ook een kosmopolitische stad blijft en altijd een rol zal blijven spelen op het wereldtoneel. De stad is ‘resilient’ en heeft voldoende intrinsieke kracht te bieden om negatieve krachten te weerstaan. Londen blijft als powerhouse overeind.

Londen zou bij een Brexit zelfs als eigenzinnige stadstaat verder kunnen gaan, als dikke middelvinger naar het weerbarstige koninkrijk. Het zou de versnippering echter compleet maken, en lijkt alleen vanuit de stad geredeneerd positief te zijn. In die zin zou Londen mee gaan in de waan van de dag, maar volgens Bishop zou deze optie wel eens heel reëel kunnen zijn. Niet alleen vanwege economische belangen zou het beter zijn als Londen autonoom wordt. Maar ook cultureel gezien raakt de stad steeds geïsoleerder van de rest van het land. Londenaren voelen zich bedrogen door hun landgenoten en bovendien voelen ze zich in de eerste plaats Londenaar en pas daarna Brit, of ieder andere nationaliteit al gelang waar men vandaan komt. Qua identiteit, cultuur en politieke overtuiging moet je misschien al constateren dat het gat met de rest van het Verenigd Koninkrijk  groot is, en dat de stad in een aantal opzichten autonoom functioneert.

Grenfell Tower, 2017 – foto Matt Brown

Dit beeld wordt nog eens onderbouwd door de meest recente trend, waarin ondanks het (voorgenomen) vertrek van een aantal multinationals, de stad tegen de verwachtingen in een groeispurt laat zien. Hoe deze trend zich op de lange termijn voorzet is natuurlijk onduidelijk, evenals in hoeverre deze groei is afgevlakt door de Brexit. En natuurlijk is de groei vooral te danken aan het einde van de financiële crisis. Maar Londen is nog steeds aantrekkelijk als vestigingsplaats waarbij aantrekkelijke belastingregels en – voorwaarden de voornaamste factoren blijven voor bedrijven om zich in de Britse hoofdstad te vestigen. (Vergeleken met dure verzorgingsstaten als bijvoorbeeld Frankrijk is de belasting voor bedrijven in het Verenigd Koninkrijk tientallen procenten lager.) Deze factoren zijn mede bepalend of een stad of een land  aantrekkelijk is voor buitenlandse ondernemingen – het argument van Rutte III om de dividendbelasting af te schaffen.

The Greater London Authority
Niet lang geleden realiseerde Londen dat het ten tijde van de privatiseringswoede in de jaren ’80 heel wat kinderen met het badwater heeft weggegooid. De Labour burgemeester Ken Livingstone  installeerde om die reden weer het planningsapparaat, The Greater London Authority. Beleid en ambities van de stad moesten weer aan elkaar gekoppeld gaan worden. Nu politiek en ruimtelijke ordening hand in hand gaan kan de stad weer echt effectief problemen bestrijden. Londen functioneert met haar enorme achterstallig onderhoud, segregatie, uiterst ineffectieve woningmarkt, en behoorlijk marginale kwaliteit in de openbare ruimte suboptimaal en doet zichzelf te kort. Als de stad er in slaagt haar aantrekkelijkheid te vergroten en haar woningmarkt meer divers te maken wordt het vestigingsklimaat voor bedrijven aantrekkelijker. Met de installatie van het planningsapparaat zijn de kansen op een succesvolle metropool toegenomen en kunnen zowel de huidige bewoners als de nieuwkomers in een betere stad leven.

de Lea nabij Stratford 2012 – foto David Anstiss

Een goed voorbeeld van de kwaliteitsverbetering in de stad is volgens Bishop, het Green Grid plan. Het groen van de Thames Delta wordt ingezet voor een parkstructuur die de stad dooradert. Het is een goed voorbeeld hoe je een stad in zijn kracht kan zetten. Dit groen is om allerlei redenen belangrijk. Ten eerste vanwege de klimaatadaptatie en de ecologie in de stad, maar sociaal, omdat het nieuwe en oude wijken met elkaar verbind. Net als Amsterdam kan Londen vooral groeien door inbreiding en het transformeren van industriële gebieden.
Een voorbeeld van zo een inbreiding zijn de Olympische Spelen van 2012. De spelen werden gebruikt als katalysator om de stad oostwaarts te laten groeien en kwalitatief te verbeteren. Vooral in oost Londen is de kwaliteit van woongebieden ver ondermaats en is zelfs de levensverwachting tien jaar lager dan in de gebieden rond Westminster. Het gebied ligt tien metrohaltes van Westminster af, bij iedere halte lijkt de levensverwachting een jaar af te nemen. Bestaande, slechte woningvoorraad wordt aangepakt, waarvan de sloop van Robin Hood Gardens waarschijnlijk het meest bekende voorbeeld is. In Londen gebeurd nu wat Amsterdam al eerder in de Bijlmer heeft gedaan.

Londen zal hoe dan ook een transformatie ondergaan als gevolg van de Brexit. Maar wat verliest de stad nu eigenlijk in een Brexit scenario? Ruimtelijk-kwalitatief bekeken verdwijnt mogelijk alleen maar een anoniem, inwisselbaar stuk stad; contextloze glazen kantoren van bedrijven, die blijkbaar als lego-blokjes naar Amsterdam of iedere willekeurige andere wereldstad kunnen worden verplaatst, inclusief de corporate zakenmannen en -vrouwen in maatpak. Voor de bedrijven is het kiezen van een nieuwe locatie geen willekeur. Een plaats voldoen aan een goed verblijfsklimaat, toegang tot hooggeschoold personeel, goede infrastructuur, in een aantrekkelijke woon-werkstad met vooral aantrekkelijke belastingtarieven. Vanuit een ruimtelijk of stedenbouwkundig perspectief is de vorm van de stad blijkbaar willekeur. De vraag is of dit erg is, want bouwen we aan steden voor buitenlandse multinationals die zich er mogelijk gaan vestigen, of voor de mensen die er (gaan) wonen, studeren en werken?

Wel of geen goede afloop, de lezing van Bishop maakt duidelijk hoe belangrijk een goede planningsdienst voor een stad is. Als verlengstuk van de politiek, maar ook voor de slagkracht en kwaliteit van de stad. De Londenaren kijken met veel jaloezie naar onze planningsdiensten en de slagkracht die Nederland heeft op het bijsturen van de woningmarkt, hoewel die niet altijd wordt ingezet. Nederland heeft door deze diensten controle over haar bouwopgave, kan kwaliteit waarborgen en lukrake hoogbouw bijvoorbeeld voorkomen. Maar in navolging van de Engelse politiek zijn ook in Nederland veel publieke diensten geprivatiseerd en diensten verdwenen waarbij veel kennis verloren is gegaan. In Rotterdam werd dit pijnlijk zichtbaar toen burgemeester Aboutaleb september vorig jaar publiekelijk spijt betuigde aan de bouwambtenaren die ten tijde van de laag-conjunctuur waren ontslagen.
Nog steeds kan in de Nederlandse politiek de roep om minder ambtenaren altijd rekenen op bijval. Maar daarmee wordt vergeten dat overheden, zowel hogere als lagere, als vrijwel enig instituut in staat zijn om voor de lange lijnen in onze planning te zorgen. Lange lijnen in tijd, in onze steden, in ons landschap, in de verbinding tussen regio’s, maar ook tussen de Randstad en ‘de rest’ van Nederland. Wat kan Nederland leren van Londen? Koester je planoloog, bouwambtenaar en stedenbouwer en kleed het systeem niet verder uit.