Nieuws —

Ecofield – Archiprix 2018

Joyce Verstijnen

Met Ecofield introduceert Joyce Verstijnen een nieuwe strategie om ecosystemen in Nederland te versterken door middel van architectuur die specifiek in het landschap en voor dier- en plantensoorten is ontworpen.

De stedelijke theetuin in het centrum van Haarlem bestaat uit kleine, intieme tuinen. Men waant zich steeds in een andere tuinatmosfeer met overvliegende, broedende en foeragerende vogels.

Kan je je onderwerpskeuze kort toelichten?
Ik heb altijd al een persoonlijke fascinatie voor het landschap gehad. In iedere ontwerpopgave probeer ik verbindingen te leggen tussen gebouw en landschap.
Tijdens mijn studie heb ik verschillende onderzoeken gedaan naar onze relatie tot het landschap en definitie van natuur. Hieruit bleek dat we in in de loop der tijd in dichotomieën van ‘mens en natuur’, ‘stad en land’ zijn gaan denken. Ecofield tracht deze manier van denken te overstijgen.

Wat of wie zijn je inspiratiebronnen en kan je dit kort toelichten?
Voorafgaand aan mijn afstudeerperiode ben ik van Stockholm (Zweden) naar Tromsø (in het noorden van Noorwegen) gereisd. Met camera en schetsboek ben ik op zoek gegaan naar het specifieke karakter van het landschap en de manier waarop gebouwen verankerd zijn in hun omgeving. Door de lange afstanden zag ik het landschap langzaam veranderen, maar heb ik ook het specifieke karakter daarvan kunnen ervaren door langere tijd op een aantal bijzondere plekken te verblijven. Uiteindelijk heeft dit me geïnspireerd om een recreatieve en contemplatieve wandelroute langs verblijfplaatsen te ontwerpen.

Benoem (en beschrijf kort) het sleutelmoment in je afstudeerproject.
De wandelingen en gesprekken met biologe Yvon Verstijnen maakte dat ik het hele gebied als één ecologisch landschap begon te zien waarin alles met elkaar in verbinding staat. Architectuur zag ik na dat moment als een ecologische conditie die verschillende geschikte habitats mogelijk kon maken, voor mensen, plant- én diersoorten.

De recreatieve wandelroute kruist acht verblijfplaatsen in het landschap waardoor ieder habitat op een unieke manier ervaren kan worden.

Plantoelichting
In plaats van stad en land te scheiden behandelt het Ecofield ze als één ecologische ruimte. Het huidige biodiversiteitsbeleid Natuurnetwerk Nederland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur) focust zich alleen op de natuurgebieden en negeert daarmee de potentiële bijdrage die het stedelijk weefsel kan leveren aan de Nederlandse biodiversiteit. Ecologie wordt omschreven als de interactie van biotische (levende) en abiotische (levenloze omgevings-) factoren. In de nieuwe strategie wordt architectuur als abiotische omgevingsconditie ingezet zodat de gebouwde omgeving niet alleen een geschikte leefomgeving wordt voor mensen, maar ook voor planten en dieren.

De strategie is toegepast in de ecologische ruimte van Haarlem tot aan de kust welke gemarkeerd wordt door het stadscentrum, duinen van het Zuid-Kennemerland, de Noordzee en vijf andere landschapstypologieën. Een recreatieve en contemplatieve wandelroute kruist dit gebied waarlangs acht verblijven zijn ontworpen. Hier vinden mensen, planten en dieren hun beschutting. De verblijven spelen in op de abiotische klimaatcondities, bodemtypologie en watercondities zodat ze in staat zijn om geschikte broed-, voedsel- en verblijfscondities te creëren voor de belangrijke diersoorten van een ecosysteem. Hierdoor kan de betreffende sleutelsoort zich tot een stabiele populatie ontwikkelen, bij groei verspreiden en vele andere soorten weer aantrekken.

Tegelijkertijd bieden de verblijven een rustplaats voor de wandelaar waar de habitats op een unieke wijze ervaren kunnen worden. Ieder ontwerp biedt de mogelijkheid om een nacht door te brengen en heeft een contemplatief programma zoals de stedelijke theetuin waar vogels nestelen, een duinbibliotheek met overvliegende vlinders en de getijdenkapel omringd door mossels.
Het creëren van deze habitatcondities resulteert in een architectuur die samensmelt met het landschap en manifesteert zich steeds weer met een andere atmosfeer. De architectuur bestaat uit patio’s, holtes en nissen waar een vogel kan broeden, een bloemzaadje kan ontkiemen of de wandelaar beschut een boek kan lezen.

Door het landschap te ondergaan wordt men zich bewust van de ecologische ruimte. Het bewustzijn wordt verder versterkt door variërende doorzichten naar het landschap, afwisseling van open- en geslotenheid, daglicht en schaduw en overgangen tussen binnen- en buitenklimaat.
Wanneer architectuur in staat is onderdeel te worden van dit abiotische landschap, zal zij een sleutelrol gaan vervullen in de samenhang van ecosystemen. Het creëert een landschap waarin alle habitats, mensen, dier- en plantensoorten met elkaar zijn verbonden in één ecologische ruimte.

De duinbibliotheek bestaat uit patio’s die verzonken liggen in de glooiende duinen. Ondergrondse ruimtes worden onderbroken door de lichte patio’s waar vlinders in grote getalen rondvliegen.

Naam
Joyce Verstijnen
joyceverstijnen@gmail.com

Opleiding

Academie voor Architectuur en Stedenbouw – Tilburg
Afstudeermentoren
Leslie Kavanaugh, Jan Willem van Kuilenburg, Pieter Feenstra

Wanneer begonnen met afstuderen?

September 2016
Wanneer klaar met afstuderen?
Juni 2017

Wat doe je nu?
Momenteel werk ik als architect bij Bedaux de Brouwer Architecten.

Wat hoop/wil je als ontwerper in de nabije en/of in de verre toekomst bereiken?
Om aan projecten te mogen werken waar ik een brug kan slaan tussen architectuur en het omringende landschap om zo een bijdrage te leveren aan een leefbare, vitale omgeving.

Uit het juryrapport
“…nieuwe invalshoek gekozen die vervolgens op overtuigende wijze wordt uitgewerkt in een prachtig ontworpen en goed doorwerkt plan. Bijzonder is dat een architectuurproject een uitermate sterke landschappelijke component heeft.”