Dagboek —

Who is We? Dagboek Architectuurbiënnale di Venezia

“Ik heb het vaak verzucht in de afgelopen twee jaar ‘had ik maar een dagboek bijgehouden’.  De plotwendingen waren zo talrijk dat ik achteraf graag had willen teruglezen hoe bepaalde keuzes tot stand waren gekomen en hoe ik ze ervaren had. Maar nu het einde nadert van deze intense periode kan ik dankzij deze uitnodiging alsnog wat dagboekachtige reflecties optekenen.”
Francien van Westrenen, curatrice van de Nederlandse bijdrage aan de 17e Internationale Architectuurbiënnale van Venetië.

opbouw Nederlands paviljoen

opbouw Nederlands paviljoen

Om de twee jaar vindt in Venetië de Internationale Architectuurtentoonstelling plaats. Tijdens deze Biennale di Venezia presenteren landen en genodigde ontwerpers hun visie op een thema dat gesteld wordt door een hoofdcurator. Dat doen ze in paviljoens en groepstentoonstellingen in de Giardini en Arsenale of op een andere locatie in de stad. De biënnale zou op 20 mei 2020 openen, maar vanwege de uitbraak van covid werd begin maart 2020 besloten om de opening uit te stellen tot eind augustus van dat jaar Toen in juni 2020 echter bleek dat de pandemie nog niet voorbij was, werd de biënnale verschoven naar 2021.

De hoofdcurator van deze editie is Hashim Sarkis, architect en dean van MIT, die zich een zeer betrokken en bevlogen curator heeft getoond. Het door hem gestelde thema How will we live together? won alleen maar aan urgentie afgelopen jaar. En hij greep het uitstel aan om met curatoren in gesprek te gaan, om thema’s aan te scherpen, en de biënnale uit te breiden met een programma gedurende de hele lockdown periode.

opbouw Nederlands paviljoen

opbouw Nederlands paviljoen

Het Nieuwe Instituut is opdrachtgever van het Nederlandse paviljoen en verzorgt sinds 2014 de bijdragen. Voor deze editie nodigden we in de zomer van 2019 kunstenaar Debra Solomon en architect Afaina de Jong uit om mee te werken aan de presentatie in het paviljoen. Dat was nog voordat het thema door Sarkis bekend werd gemaakt. Solomon en De Jong zijn in 2019 allebei betrokken bij programma’s van Het Nieuwe Instituut en de biënnale leek een goede kans om aan die projecten een vervolg te geven. Daarnaast vroegen we de gemeenten Amsterdam (via Caroline Nevejan, Chief Science Officer) en Rotterdam (via Hermineke van Bockxsmeer en Mattijs van Ruiven) of zij geïnteresseerd waren om een rol in het parallel programma te spelen. Door meteen bij aanvang al de thema’s uit het paviljoen te verbinden aan actuele vragen in die twee steden willen we de reikwijdte van het paviljoen vergroten.

Al nadenkend over een manier om de perspectieven van Solomon (Multispecies Urbanism) en De Jong (The Multiplicity of Other) te verenigen, bedacht ik de vraag Who is We? als tegenvraag op How will we live together? In de opvatting van het woordje wij schuilt in mijn beleving het begin van een antwoord op die vraag.

Maandag 17 mei – drie dagen voor de officiële opening
Vandaag aangekomen in Venetië. Voor het eerst in anderhalf jaar weer gevlogen wat een hallucinante ervaring is, van testen en formulieren invullen met pennen die iedereen gebruikt, tot oproepen om afstand te houden terwijl je anderhalf uur zij aan zij in het vliegtuig zit, met een mondkapje dat collectief af mag als je gaat eten met je rij. Naar mijn negatieve PCR test heeft niemand gevraagd, noch naar de brief van de organisatie van de biënnale die stelt dat het noodzakelijk is dat ik naar de architectuurbiënnale van Venetië ga; dat ik daarom mag reizen en niet in quarantaine hoef. Het Nieuwe Instituut besloot, net als veel andere opdrachtgevers van de landenpaviljoens, dat een officiële opening niet noodzakelijk genoeg was om een stroom reizigers te rechtvaardigen en nodigde daarom geen gasten uit. Dat betekent dus geen ‘bordesmoment’ naast de scheidende directeur van Het Nieuwe Instituut Guus Beumer en de demissionaire minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Ingrid van Engelshoven, maar een digitale opening met een speech die 4 weken geleden al in Nederland werd opgenomen toen de tentoonstelling nog gemaakt moest worden.

opbouw Nederlands paviljoen

opbouw Nederlands paviljoen

Na de hartelijke ontvangst door Venice Planner Ankie Schellekens, die ons gehielp met het vinden en boeken van appartementen en restaurants, met de boot naar de Giardini. Hier wacht het opgetogen bouwteam van Bouwko die traditiegetrouw de presentatie in het Nederlandse paviljoen opbouwt. Rob, Hans en Mark hebben mooi werk heeft geleverd. Hoezeer de presentatie ook in mijn hoofd zit, en hoezeer Ellen Zoete, de super projectleider, co-curator, programmamaker en denker aan van alles, me ook op de hoogte heeft gehouden van het wel en wee tijdens de opbouw, kost het even tijd om te landen in de presentatie. Maar het paviljoen ziet er prachtig uit, vol kleur, geluid, beweging en licht, op één hoek na zie ik. Daar moet nog iets aan gebeuren.

Veel tijd om rustig te landen is er niet. Er moet nog van alles gedaan worden. Mensen van de biënnale komen langs voor een interview, de website waarop alle werken te zien zullen zijn, moet gecontroleerd en gevuld worden, en ook het digitale openingsprogramma vraagt de nodige aandacht. Feitelijk doen we drie producties in één met dank aan de hybridisering.

’s Avonds eten we homemade diner van producent Jeroen Dijkstra en proosten we met de bouwers en Debra Solomon op het paviljoen dat af is. De avondklok maakt dat ik om 10 uur weer terug ben in mijn appartement.

opbouw Nederlands paviljoen

opbouw Nederlands paviljoen

Dinsdag 18 mei
Om 5.30 wakker. Giudecca baadt in de oranje ochtendzon. Ik besluit te gaan hardlopen langs de kade; wat een fantastisch begin van de dag. Met een opgeruimd hoofd op de boot richting de Giardini. Daar bespreek ik de donkere hoek achter in het paviljoen met Mark. Het paviljoen van Rietveld is natuurlijk een ruimtelijk wonder, maar de akoestiek en het licht zijn meedogenloos. Die moet je eigenlijk niet willen tegenwerken. Liefst gebruik ik ruimtes zoals ze zijn, ik vind niets zo erg als een dichtgeplakt raam, maar we wilden ook projecties…Het licht van de projecties compenseert het gedempte daglicht echter te weinig. We besluiten twee van de vijf dichtgeplakte ramen open te maken waardoor we én meer licht hebben én de projecties kunnen behouden.

De dag hangt verder van beslissingen aan elkaar, er volgt nog een interview, er is een covid-one-way-routing nodig, ik probeer de persconferenties van woensdag alvast voor te bereiden en we ruimen verder op. In de paviljoens om ons heen wordt nog getimmerd en gewerkt, er wordt grint gestort en geharkt, en er staan bakken met ijs in de felle zon voor het centrale paviljoen te wachten op installatie.

’s Avonds hebben we met het team van Het Nieuwe Instituut een heerlijk eten ter ere van Guus (Beumer) en zijn laatste biënnale als opdrachtgever. Josien Paulides, zakelijk directeur van Het Nieuwe Instituut, spreekt lieve en lovende woorden over hem die ik alleen maar kan beamen. Met Guus wordt alles altijd complexer, maar ook rijker en spannender dan je van te voren kan bedenken.

opbouw Nederlands paviljoen

opbouw Nederlands paviljoen

Woensdag 19 mei – perspreview
Vandaag perspreview, zonder Nederlandse journalisten. Voor hen organiseren we ’s middags een live gestreamde persconferentie. Volgens de biënnale organisatie is er een derde van de journalisten die er normaal zou zijn. Eerlijk gezegd maakt het de sfeer in de Giardini heel plezierig. Het hijgerige van andere jaren is afwezig, en het is een feest om mensen te zien genieten om elkaar weer in levende lijve te zien en te ontmoeten. Het doet mij ook goed. We bewegen in vloeiende choreografie om elkaar heen, kussen niet, schudden nog geen handen, maar buigen en knikken met lachende ogen boven onze mondkapjes.

De eerste reacties van het publiek zijn positief, er wordt met aandacht gekeken, al zijn er ook bezoekers die in een halve minuut weer buiten staan. Er zijn bezoekers die hun lof uiten over het diverse grafisch ontwerp, een mevrouw zegt diep geroerd te zijn, en weer een ander benoemt het typisch Nederlandse van de tegenvraag. Onze presentatie ademt volgens haar informaliteit en non-hierarchie. De invloed van Frank van Klingeren, denk ik glimlachtend, de architect van De Meerpaal (Dronten) en ’t Karregat (Eindhoven) die hinder en ontklontering bepleitte, en mede mijn ideeën over Who is We? aanscherpte.

Om vier uur start de online persconferentie in onze geïmproviseerde perskamer aan de zijkant van het paviljoen (tevens corona-uitgang) aan een biertafel en laptop getaped op de omgekeerde prullenbak. Na de introductie door Guus, schuif ik aan ‘bij’ de enthousiaste moderatrice Shai Kreuger die in een leeg HNI-auditorium staat, en de 15 journalisten die inzoomen. Ik kijk even naar Afaina, Debra, Caroline en Guus die op een aanhanger tussen tuinslangen tegenover me zitten. Informeel en niet-hierarchisch…Het was een verre van vloeibaar proces, vanwege corona, maar ook vanwege soms botsende ideeën. We hebben allemaal moeten incasseren: Debra ontwikkelde haar fysieke presentatie naar film op schermen, Afaina moest opnieuw nadenken over de ‘Space of Other’ als performatieve ruimte, en Caroline vormde haar onderzoeksprogramma om tot een volledig online programma. Maar alles bij elkaar genomen staat er een heldere presentatie met een urgente boodschap.

Ik vertel de pers over mijn eerdere samenwerking met Debra en Afaina in mijn tijd bij Stroom Den Haag, respectievelijk bij Foodprint (2009) en de voorbereiding van de Stadsklas (2012). En over de betrokkenheid van beiden bij programmering van Het Nieuwe Instituut in 2019. Debra leende het door haar gemunte begrip Multispecies Urbanism aan een van de leerlijnen van het project Neuhaus. Afaina maakte een programma in De Nieuwe Tuin waarvoor ze de sociaal-culturele waarde van het rondhangen als uitgangspunt nam. Who is We? is in mijn beleving dan ook een verdieping van deze projecten, waarin het zoeken naar nieuwe waarden voor stedenbouw een belangrijke drijfveer is.

’s Avonds eten we met een klein groepje bij een fijn lokaal restaurantje op Santa Elena, een aangename woonbuurt achter de Giardini waar ik nog nooit geweest was. Na de pasta e fagioli werken Ellen en ik nog lang door aan de website en het openingsprogramma die beide morgen vanaf 12 uur online moeten.

opbouw Nederlands paviljoen

opbouw Nederlands paviljoen

Donderdag 20 mei – de dag van de officiële opening
De zon schijnt, wat scheelt, want ik ben lichtelijk gespannen. De website, de online opening, keuze van de persfoto’s, mijn kleding…De webdevelopers van RNDR hebben keihard gewerkt om de website online en werkend te krijgen, en team van Het Nieuwe Instituut springt bij voor de streaming. Om 12 uur spreken Guus en ik online een openingswoord en staan we offline in een natuurlijke cirkel van zo’n twintig mensen voor het paviljoen, waaronder de Nederlandse ambassadeur a.i. Désirée Bonis. Het is compleet anders dan we ons in 2019, toen het Covid-virus nog niet bestond,  hadden voorgesteld. Maar ik ben blij en dankbaar dat we een moment kunnen stilstaan bij het feit dat dit alles niet vanzelfsprekend is en dat er door heel veel mensen in een heel lastige tijd heel hard gewerkt is om het project ‘Who is We?’ te realiseren. We proosten op het paviljoen en Afaina en Debra hijsen de vlag waar – toepasselijk – de term Agonism op te lezen valt, een van de 10 woorden uit hun glossaries. De hele dag door spreek ik met verschillende mensen over het paviljoen. Ik merk dat het verhaal erachter aankomt en interesse wekt, wat me weer eens doet beseffen hoeveel voldoening het geeft om bezoekers te betrekken bij een presentatie – ook al denk ik dat het paviljoen zonder toelichting ook heel goed begrepen en ervaren kan worden.

In de middag heb ik voor het eerst even de rust om het centrale paviljoen in te lopen. Hier heeft Hashim Sarkis een expositie samengesteld die de urgentie benadrukt van een nieuwe manier van samenleven ten behoeve van het voortbestaan van de aarde. Het meer-dan-menselijke perspectief is in veel bijdragen voelbaar. In de centrale ruimte wordt met maatschappelijke, literaire, wetenschappelijke en culturele bronnen een ontwikkeling geschetst van de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens naar Rechten van Meer-Dan-Mensen. De Future Assembly waaraan veel ontwerpers een bijdrage leverden, biedt een rijke hoopvolle aanblik van een alom vertegenwoordiging van alles wat leeft. Toch overvalt me heel even een gevoel van moedeloosheid; hoe lang moeten dit soort presentaties nog gemaakt worden voor er echt iets zal veranderen? Het helpt in mijn ogen om lange lijnen te schetsen. Om de waan van de dag zowel te relativeren als deze te voeden met een historisch bewustzijn en te laten zien hoe het anders zou kunnen. Om die reden worden in het Nederlandse paviljoen zo’n veertig overleden – voor de architectuurcanon grotendeels onzichtbare – vrouwen bijeengebracht, die in de afgelopen eeuwen met hun werk en kennis hebben bijgedragen aan een ecologisch en sociaal rechtvaardigere wereld.

Nederlands paviljoen

Vrijdag 21 mei
De tweede preview dag begint met een negatieve PCR test, verplicht voor iedereen die langer dan 120 uur in Venetië verblijft. Ellen en ik bespreken verschillende aanpassingen in het paviljoen, met name de routing en teksten in de ruimte. Het vermoeden is dat bezoekers met tekstjes en nummers bij de werken nog makkelijker navigeren.

Ik maak een klein rondje door de Giardini. Ik zie houtskeletbouw en prefab bouw, QR-codes, grote en kleine maquettes, installaties, deconstructies, reconstructies, dieren, films van samenlevende en -bouwende mensen…Ik denk dat het Nederlandse paviljoen zich er goed tot kan verhouden. De presentatie geeft volgens mij op een agenderende en genereuze manier antwoord op de hoofdvraag How will we live together? en laat bezoekers hun eigen kijken, denken en handelen bevragen.

De dag wordt afgesloten met een informele borrel georganiseerd door Caroline Nevejan en Erica Overmeer van Biennial Books ter gelegenheid van het verschijnen van het cahier Tuning to Rhythm. Op uitnodiging van Het Nieuwe Instituut ontwikkelde Nevejan een publiek programma getiteld Values for Survival dat de thema’s van het paviljoen verbindt met een wereld van beleid, onderzoek en ontwerp. Het resultaat is samengebracht in drie veelkleurige, meerstemmige, inhoudelijke cahiers ontworpen door Huda AbiFares. Tuning to Rhythm houdt een prachtig pleidooi voor hoe samen te leven in tune met jezelf, anderen en de wereld om je heen.

Who is We? is het begin van verder onderzoek. In juni start een groep Rotterdamse gemeenteambtenaren een community of learning ontwikkeld door de Independent School for the City op verzoek van de gemeente en Het Nieuwe Instituut. En ook de uitkomsten van de onderzoeken van de drie ontwerpteams die ondersteuning krijgen van Het Nieuwe Instituut en het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie, worden onder andere tijdens de Pavilion Days op 23 en 24 september gepresenteerd. Kortom, het Nederlandse paviljoen in Venetië expandeert voorbij de hekken van de Giardini.…

Enkele gerelateerde artikelen